Mirtie

Vandaag zag ik haar terug
In de zon van het park
En stapte op haar af.
Nu herkende ik haar,
Vroeg haar of ze mee wou gaan.
Twee uur later stonden we op dezelfde plek.
Een kus van de engel.
Het gras wordt bruin
Van de bladeren…

Advertenties

Typen

Typen

Jo Decaluwe speelt TYPEN (Tiepen) van Cyriel Buysse

Met Typen brengt Jo Decaluwe vier verhalen uit het latere werk van een bijna 70-jarige Cyriel Buysse, die milder, met humor, sociaal gevoel en nostalgische vertedering ‘mensen’ portretteert.

Het eerste verhaal is Huwelijksaanzoek. Celestin en Farailde zijn twee vrijgezellen, al over de 50 en nog niet getrouwd. Wanneer zijn vader en moeder overlijden vindt heel het dorp dat ze voor elkaar bestemd zijn. Ook de pastoor moeit zich ermee. Buysse vertelt de geschiedenis mild ironisch, met enige rake typeringen.

De Houten Pijp is tragischer en meteen een sterker verhaal. Over een rijke boerenzoon die met de dochter van de slager trouwt. Hij wordt herbergier in plaats van boer… Hij voelt zich als een kuip die men volgiet. Daar komen vodden van. Buysse schildert raak de fixatie van Beirke die aan de drank ten onder gaat en net voor zijn dood zijn hart uitstort. Een mooi tragikomisch verhaal, dat zelfs een absurdistisch trekje meekreeg.

In Nonkelken haalt Buysse herinneringen op aan zijn vrienden de schilder en de componist. Maar vooral aan de figuur van Nonkelken, een man die enkel geloofde wat hij voelde en zag. Kunst vond hij maar niets. Muziek is “lawijt”. Dat een schilderij 5000 fr. Kost gaat er bij hem niet in. Eten en drinken kan hij als geeneen. Buysse deelt ook ’n vat speldeprikjes uit aan zijn vrienden/kunstenaars.

In Toatsjespap beschrijft Buysse z’n bezoeken aan een groot boerenerf, geleid door twee ongetrouwde broers, de grote Karel en het kleine Stientje, die maar niet begrijpt dat Buysse zo graag Toatsjespap eet en hem steeds op hesp wil doen overschakelen…Hier horen we een lyrische Buysse die het landleven en de natuur bezingt in fraaie zinnen.

Speeldata: woensdag 29 november en 6, 13, 20, 27 december om 20u.
Ticket: € 13/ 11
Reserveren: 09 225 18 60 of tinnenpot@pandora.betinnenpotinfo@pandora.be

het meisje van de bib

Ik stond er gewoon tussen de rekken met de vele boeken toen ze recht op me af stapte.
Ze tikte op m’n schouder. Ik draaide m’n hoofd. Twee koude handen op m’n wangen en een zoen op m’n lippen.
“Hee Max, ken je me nog?”, riep ze enthousiast.
Ze had prachtig rood krullend haar en blauwgrijze ogen.

brief voor ooit

Lieve Nell,

Ooit waren we voorbestemd,
Ooit was er iets dat ons mocht samenbrengen,
Liefde met elkaar delen.

Ooit was er iets voorbestemd,
dat ons uit elkaar deed gaan.

Hoop.
Dat er ooit iets ons opnieuw samenbrengt.
Dat we vriendschap mogen delen.

Vergeef me de stilte.
Ik heb ze nodig om te genezen.
Genezen van de liefde.
De diepe krassen die ze heeft nagelaten.
Om opnieuw van je te kunnen houden.
Anders dan vandaag.

Liefs,
Pamino


koneko in wonderland

brief van Onno

Beste Max,

Wij zullen elkaar vermoedelijk niet weerzien. Ik ga weg en kom niet terug. Ik ben over de rand geduwd. Hopelijk begrijp je dat ook zonder veel uitleg, want ik kan het niet uitleggen. Ik weet alleen zeker dat ik mij onzichtbaar moet maken, een beetje als een stervende olifant. Die ik was bestaat niet meer, en alles wat er nog gebeurt in mijn leven is eigenlijk al postuum. Jou hoef ik niet te vertellen, dat er mensen zijn die onnoemelijk erger dingen hebben doorstaan en toch niet zo reageren als ik, maar dat zijn andere mensen dan ik. Je hebt ook mensen, die zich bij veel minder al ophangen. Ik weet niet of het mogelijk is wat ik wil, namelijk dat ik niet meer wil, maar ik moet het in elk geval proberen. Ik wil alleen nog een paar dingen ten einde denken. Dat ik mij ook losmaak van degenen die mij het liefste zijn, zoals van jou, en van Quinten natuurlijk, en van mijn jongste zuster, in plaats van mij nauwer aan te sluiten, dat is ook mijzelf een raadsel; maar welk standpunt kan een mens innemen om het raadsel op te lossen dat hij zelf is? Misschien heb ik mij eigenlijk altijd aan alles willen onttrekken.
Mijn leven is niet denkbaar zonder het jouwe, tot voor kort heb je het in hogere mate bepaald dan je zelf weet. Ik besef dat dit mysterieus klinkt, maar laat het dat maar blijven. Hoeveel wij ook besproken hebben, vooral in die eerste maanden, het wezenlijke bleef toch altijd verzwegen. Wat was dat tussen ons, Max? Gilgamesch en Enkidu? Weet je nog? De ‘mentopagus’? Ik ben niets vergeten en ik zal ook niets vergeten, de herinnering aan onze vriendschapzal tot mijn laatste snik bij mij zijn. Dat je je hebt willen ontfermen over Quiten is iets dat mij niet alleen vervult met diepe dankbaarheid, maar ook met een misschien dieper schuldgevoel.
Het ga je goed, Max, ook in je wetenschappelijke werk. Ik zal aan je blijven denken als aan iemand, die het antwoord op een vraag al wist eer hij was gesteld.

Je Onno