KW25: de vergeten kunst

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

Dit is het laatste kunstweetje voor de zomerstop. Je kreeg er al (inclusief deze) 25 te lezen. Het was van mijn kant al zeker plezant om te schrijven maar nog veel meer om de reacties te lezen die ze teweeg brachten. Ik ga de komende maanden even herbronnen en verder op zoek naar straffe verhalen. Wie wil meehelpen of ergens iets interessants leest, mail het zeker door naar max.vanhemel@gmail.com Geef kunst een interessant leven 🙂

Om dit laatste kunstweetje goed in te zetten gooi ik er meteen de kunstwerken (ja, het zijn er meerdere) waarover we’t gaan hebben in de ring. Aan u te raden wat deze kunstwerken met mekaar verbindt…

Lees verder

KW24: de verloren Cupido van Michelangelo

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

Michelangelo Buonarroti is de Florentijnse/Italiaanse kunstenaar die we kennen van werken als pietà, David, het plafond van de Sixtijnse kapel, het laatste oordeel (ook) in de Sixtijnse kapel, de koepel van de basiliek van Rome

Michelangelo was heel zijn leven op zoek naar “fame and fortune”. Ondanks dat hij dat ontkent in zijn (deels) verzonnen eigen biografie aarzelde hij niet om opdrachten links te laten liggen voor lucratievere opdrachten. Dat werkt wel eens maar vrienden en trouwe klanten maak je er niet echt mee. Gelukkig was het Italië van de tweede helft van de jaren 1400 nog niet voorzien van telefoon en was het dus voor klanten niet vanzelfsprekend om met mekaar in contact te treden. Voor zover die klanten dan al niet met mekaar overhoop lagen… Toch maakte bedrog deel uit van het leven de rijkste en meest bekende kunstenaar van zijn tijd.

In dit kunstweetje een sterk verhaal wat maar weinig mensen weten…

Op een bepaald moment ergens 1495 zit Michelangelo in zak en as. Hij is blut. Werken verkopen niet, geen verkoop = geen mogelijkheden tot nieuwe werken, laat staan geld om te eten. De markt is wild van oude Romeinse beelden. Daar wordt veel geld voor geboden in tegenstelling tot de werken van de hedendaagse kunstenaars. Michelangelo bedenkt een plan: als hij een beeld kunstmatig verouderd, dan kan hij het misschien verkopen als een “oude klassieker”. Zo gezegd, zo gedaan. Michelangelo zet zich aan het werk en maakt een slapende Cupido in witte marmer. That’s the easy part. Hoe zo’n knalwit nieuw beeld er nu laten uitzien als een oud beeld?

Michelangelo deed beroep op zijn “parate kennis” en ging tegelijk ten rade bij “vrienden”. Eerst besmeurde hij het werk met bruine, koffieachtige vloeistof en smeerde het geheel dan in met een mengeling van lekker verse mest met yoghurt. Deze laatste zijn nogal zuur en bevatten ook wel heel wat beestjes die een beeld snel door zijn pubertijd helpen. Om de zaak nog wat sterker te maken stak hij de hele boel dan minstens 6 weken onder de grond.

Toen het beeld terug bovengronds kwam zag het er fantastisch uit. Via een vertegenwoordiger verkocht Michelangelo het beeld aan kardinaal Riario. Helaas kreeg Michelangelo maar een klein deel van het verhoopte bedrag. De bedrieger werd bedrogen! Maar ook de kardinaal kreeg de fraude door. Technisch gezien leek het beeld wel oud maar de vormgeving, de houding van cupido verklapte wel dat het om hedendaagse kunst ging. De houding van Cupido was totaal anders dan wat men in de oudheid maakte.

Tegelijk kreeg de 21 jarige Michelangelo wroeging. Zijn carrière kon er immers regelrecht de afgrond mee induiken. Dus besloot hij de kardinaal een bezoekje te brengen en hem zijn geld terug te geven in ruil voor het beeld. Michelangelo vreesde dat hij ferm onder zijn ehm…dinges…ehm…rozen ging krijgen van de kardinaal.

 

Tot zijn grote verbazing gaf de kardinaal Michelangelo een totaal nieuwe opdracht! De kardinaal gaf Michelangelo de opdracht een groot beeld te maken voor zijn tuin en Michelangelo mocht zelf het onderwerp kiezen. Michelangelo koos voor een Bacchusfiguur. Al liep ook dat weer niet echt zoals de kardinaal het had verwacht…

Bacchus werd afgebeeld als een beschonken god. De onstabiele houding sprak boekdelen. Het beeld was anderzijds zo perfect gemaakt dat het, zelfs vandaag nog, een grote seksuele uitstraling kreeg. Vooral om de vrouwelijke vormen die Bacchus mee kreeg. Kunstkenner Vasari omschreef het als “zowel de slankheid van een jonge man als de vlezigheid en rondheid van een vrouw”. De kleine faun aan z’n zijde was een al even foute verwijzing naar wat zich binnenskamers in kerkelijke kringen afspeelde (en nog steeds afspeelt).

De Bacchus van Michelangelo is te zien in het museum Bargello (Firzene ofte Florence maar ik hou meer van Firenze). Het beeld van Cupido is helaas vernietigd bij een brand. De beelden die hierboven te zien zijn, zijn een makeover door de BBC gemaakt op basis van de tekening (hierboven) en bestaande beelden van kinderen door Michelangelo uit die periode.

bron: BBC – the private life of a masterpiece

KW19: Van Schubert naar Dire Straits

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

Deze week eens geen beeldend kunstgerief maar wat muziek. Want terwijl ik werk luister ik naar The Beatles maar evengoed naar Klara Continuo. En daar komt “deze plaat” al eens langs: Franz Schubert, pianotrio in E flat op.148 etc etc (waarom kunnen die gasten dat niet gewoonweg “opera voor een schoon meiske” noemen? dat zou toch wel stukken eenvoudiger zijn).

Moet je hier ’s naar luisteren. Maar heel goed zo. Met aandacht. Pakt er uwen tijd voor…

Dan herken je misschien wel stukjes van Freek De Jonghe (na de dood) zo ergens in’t midden of een trage versie van Dire Straits (Why Worry?) al van bij het begin. Ik vind dat nu toch altijd zo speciaal in om klassieke liedjes moderne dingen te herkennen. Het moet niet altijd van The Beatles of A whiter shade of pale zijn…

 

Voor mocht je denken dat klassiek in andere gevallen ver van mijn (of jouw) bed is… luister dan hier ’s naar… en klik je maar ’s op deze link 😉

Dus weetje van de dag; als je op de radio Why Worry van Dire Straits hoort of Er is leven na de dood, zeg dan even terloops “maar goh, dat lijkt nu toch wel heel erg op muziek van Schubert”. Je zal de mensen rondom je meteen grote ogen zien trekken naar deze muziekkenner 😉

WIP: La Victoire naar Magritte

Ik vond het nog ’s tijd voor een klein vervolgverhaaltje. In de aanloop naar het einde van de lockdown vond ik het gepast om het schilderij met de toepasselijke titel “La Victoire” (de overwinning) te coveren. Ondanks de vele elementen die ik verwerk in mijn tekeningen en die wel eens verwijzen naar Magritte is dit de allereerste keer dat ik een origineel Magritte-kunstwerk nateken. En dat probeer ik te doen met de gepaste precisie al is het dan wel met een ander materiaal. Deze keer koos ik voor pastelkrijt omdat het de felle, volle kleuren van het schilderspalet beter benaderd. De tekening is 1/1, helemaal op ware grootte cfr het origineel.

Stap 1 is echter de schets en dat is al voor een stuk architectuur op zich want een stijldeur die teken je niet vanuit de losse pols. In dit geval komt er een lat en een tekendriehoek aan te pas. Gelukkig heb ik al dat materiaal nog van bij de eerste triptiek.

Fijne moederdag aan alle moeders die een heel jaar door goed voor de kinderen zorgen 🙂

 

KW18: het oordeel van het opgebaarde lijk

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

De kans dat je dit schilderij al eerder zag is redelijk klein. Het schilderij is van Gyárfás, Jenő en heet “The Ordeal of the Bier” ofte “het oordeel van het opgebaarde lijk” uit (1881). Maar het is niet omdat je dit schilderij allicht nog niet gezien hebt, dat het verhaal achter het beeld niet erg spannend kan zijn. Want wat zien we hier allemaal? Een   vrouw in wit gekleed stapt verschrikt een trap af. Links een groep mensen die al met evenveel afschuw kijken. Tot daar klopt het plaatje. Waar het begint raar over te komen is wanneer we de groep mensen rechts van de dame bekijken. Deze lijkt bijna…blij te zijn. De man op het voorplan rechts heeft er zelfs zijn muziekinsstrument bij gehaald. Wat is hier aan de hand?

Rechts achter de vrouw zien we een klein kamertje. In dat kleine kamertje ligt een lijk opgebaard. De jonge vrouw, tevens de bruid van de overleden man, heeft net de dodenkamer van haar man verlaten. De vrouw heeft zojuist begrepen dat zij zijn dood op haar geweten heeft.

De Hongaarse schilder Gyárfás, Jenő baseerde de voorstelling op een bekend gedicht van zijn landgenoot Janos Arany. Daarin staat opgetekend hoe de jongeling Beno Barczi levenloos wordt aangetroffen in het woud met een dolk in zijn borst. Niemand snapt waarom de moord is gepleegd en wie deze heeft begaan.

Ten einde raad wil Beno’s vader de dader achterhalen met behulp van het stoffelijke overschot zelf. Dat wordt naakt opgebaard, waarna eenieder op wie enige verdenking rust langs de dode moet lopen. Volgens het oude geloof zal de wond weer gaan bloeden zodra de moordenaar zich opnieuw in zijn nabijheid begeeft.

Eerst treden de vijanden en de rivalen aan, gevolgd door zijn vrienden en familieleden. Wanneer hun onschuld is vastgesteld wordt als laatste de lieflijke Abigail bij het lijk van haar verloofde gebracht. Onmiddellijk (met de nadruk op lijk) begint de wond hevig te bloeden en is het voor de omstanders duidelijk dat ij schuldig is aan de dood van haar verloofde.

Abigail was het soort meisje dat maar niet kon geloven dat haar geliefde echt van haar hield. Telkens eiste ze hem zijn liefde voor haar te bewijzen. Beno werd hier zo dwaas van dat hij uiteindelijk zei dat hij zelfmoord zou plegen als ze nu nog niet overtuigd was van zijn liefde. In plaats van hem hiervan te weerhouden gaf Abigail hem een dolk. “Laat dan maar eens zien hoeveel je van me houdt”, zei ze en de arme Beno beantwoordde de lokroep van de parasiet.

bron: catalogus Fatale Vrouwen, expo’s Groningen en Antwerpen

KW17: hamsteren met Griet

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

Hamsteren is wel hét sleutelwoord van de laatste maanden. Naast WC-papier…en shit! (als’t op is 🙂 )

We kennen het fenomeen vooral van dagen van nood; oorlogen voorop. Maar wie ooit gereisd heeft naar een land uit het voormalige oostblok die kent het fenomeen ook wel. Wanneer de voorraad van een gegeerd product beperkt is, hebben we prijs. Er wordt gehamsterd en dan worden mensen creatief of leren we de noodzaak van de bijzaak onderscheiden. Of ze gaan er met alle geweld tegenaan. Ook dat laatste beeld kennen we uit de recente media.

Hamsteren was in het geval van de corona-crisis duidelijk een geval van paranoia. Daarom haal ik er het summum van de paranoia in de kunst bij: de Dulle Griet. De details waar op te letten wanneer u dit schilderij ziet zijn breed omschreven in iedere kunstcatalogus (ik ga daar nu niet op in) maar het ziektebeeld niet echt. Het moment om uit te pakken met een weetje…

De belangrijkste verschijnselen van dit kwaal zijn: angstig, op loop met bagage, in extreme gevallen met iets wat kan dienen als wapen in de hand.

Wie paranoïde is gelooft dat andere mensen vijandig tegen over hem/haar staan. Dat ze hem/haar trachten te manipuleren, achtervolgen, bespieden of zelfs samenzweren tegen zijn persoon. Het is dan ook niet te verwonderen dat dit gepaard gaat met heel wat waanideeën. Wat gezegd wordt, interpreteert hij gemakkelijk verkeerd of verdraaid.  De paranoïde mens zoekt  in een gewoon gesprek allerhande hints (complottheorieën). Hij/zij ontdekt allerhande “hints” die zijn of haar gelijk bewijzen en toont daarmee aan dat de andere hem alleen maar in de val wil lokken.

Een syndroom van paranoïde waanbeelden en auditieve hallucinaties ontwikkelt zich niet zelden tussen 40 en 60 jaar bij personen met aanleg voor paranoïde stoornissen. Paranoïde trends worden ook vaak opgemerkt als onderdeel van het klinische beeld bij tal van andere geestesziekten, bijvoorbeeld bij hersenaandoeningen, manieën, depressies, hysterie, angstneuroses en in sommige gevallen mentale defecten. Dus…Heeft u onlangs toch die massa aan WC-papier of pasta gekocht, dan weet u nu waar u aan toe bent.

Bruegels Griet en haar kompanen maken zich klaar om de Hellepoort zelf te bestormen. De schilder maakt zich dus vrolijk over luidruchtige, kijvende en agressieve vrouwen.

bron: De kunstenaar en de dokter. Anders kijken naar schilderijen – Jan Dequeker

Van Eyck-stadswandeling (deel 1)

Naast 2 fietsroutes in het kader van #OMGVanEyck is er ook een wandelroute in de Gentse binnenstad. Ook hier weer een aangenaam wandelpad met onderweg wat weetjes. De wandelroute kan je HIER DOWNLOADEN (niet via de kanalen van Stad Gent *rolt met de ogen* )

Ons deel 1 is goed voor 5km en ondanks dat het een prachtige zonnige zondag was, was het erg rustig in de stad. Nu ja, maar goed ook want het begrip “afstand” is bij velen nog niet echt ingeburgerd zo te zien. Dan hou ik het maar liever op Mariakerke waar men het wel al kent. Mah bon, los daarvan, een prachtige wandeling die ik wel de moeite waard vind. Weinig focus op de diefstal (die route kan je tijdens de Gentse Feesten 2021 zeker ’s volgen met gids), veel aandacht voor het Gent in de tijd van Van Eyck en wat daar nu nog van te herkennen valt. Ik hoop dat een aantal geplande events van het Van Eyckjaar later terug worden opgenomen want die lichtshow en de VR-briltour wil ik zeker nog wel doen.

Het stalen ros van Heer Borluut

Met het Van Eyck-jaar werd er een wandeling door het centrum van Gent en 2 fietstochten rond Gent uitgetekend. Met dit zonnige weer dachten zoon en ik dat we op zijn minst een deel van de fietstocht zouden moeten gaan doen. En dat deden we… Wij namen de route “het stalen ros van Heer Borluut

Van Mariakerke naar ons startpunt 61 in Drongen centrum en zodoende naar Baarle. Daar moesten we omrijden want het veer vaart niet uit door de corona. Ik had het toch wel thuis nagekeken maar de dienst Waterwegen vond een algemene vermelding zonder meer informatie blijkbaar genoeg info (’t blijven ambtenaren niwaar). Dus reden we om door SM Leerne en langs Laarne… De rode lus (zie foto onder) van waar de tekst “Baarle” start tot ongeveer hetzelfde punt aan de overkant van het water hoort in de regel niet bij de route en was “een klein extraatje”…

Maar met de app van de fietsroutes kan je eigenlijk redelijk gemakkelijk je nieuwe fietsroute uitstippelen door kruispunten aan te klikken waar je naartoe wil fietsen. En de fietsroutes zijn zeer aangenaam om te fietsen. Ik zou er niet met een koersmodel met zo van die dunne bandjes langs gaan (er zijn namelijk ook onverharde of kiezelwegen bij) maar met een gewone stadsfiets is het zeker te doen.

En hebben wij mooie dingen gezien? Zeker wel! Vooral veel mooie, (te) grote huizen en zalig veel groene lanen en paadjes langs de Leie. Tot in de stad zijn we niet geraakt. Gelet op de omweg, hebben we vanaf knooppunt 67 doorgestoken naar knooppunt 56 om zodoende langs de R4 terug naar huis te fietsen. Een fietstocht van 2uur en 36km ver. En zodoende hebben we dan het beeld van de Zonneschilder van Marf ook ’s op zijn locatie gezien (ik zag het enkel tijdens de tentoonstellingen in De Campagne). Een aanrader.

KW16: de deur van de duivel

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

Een beetje als vervolg op blog KW12… Stel dat je voor jezelf “het kunstwerk van je leven” wil maken. Het moet groots zijn, imposant, een sterk verhaal dragen, jouw reputatie maken voor nu en ver over jouw dood heen. Tegelijk geraak je in de ban van een bestaand werk, een bestaand verhaal en je denkt: “daar moet ik iets mee gaan doen”. Kan je je voorstellen hoe verlammend de druk kan zijn die je jezelf oplegt op dat moment?

Rodin zit met die druk. Hij wil een poort maken, net zoals er eentje is aan de dom van Firenze; door Michelangelo uitgeroepen tot de poort van het paradijs (zie foto links). Een soort van aaneenschakeling van taferelen die samen verhalen uit het oude testament vertellen. Maar Rodin wel meer. Hij wil één groot verhaal, één uitbarsting van gekletter, vuurwerk, wansmakelijke expressie. Rodin wil de hel!

Tegelijk met de obsessie voor de poort is Rodin in de ban van “de goddelijke komedie” van Dante. In het bijzonder het stuk rond de hel. Want Rodin – in zijn tijd – maakt beelden die door de critici niet altijd als “publiek correct” worden aanzien. Rodin is onbegrepen in zijn kunst, in de liefde, in zijn expressie. Rodin voelt zich niet van deze wereld, hij voelt zich onbegrepen in een ongrijpbare artistieke/emotionele hel.

Rodin ziet de poort als een groepering van mensen die zowel helse als hemelse dingen, bewegingen maken. Een beetje zoals we dat kennen uit het bombastische schilderij van de dag des oordeels uit de Sixtijnse kapel. Een mix van vanalles en nog wat maar toch 1 groot tafereel.

Alleen Rodin heeft een probleem: het beeld dat hij in zijn hoofd heeft is zo complex dat hij er gewoonweg niet in slaagt het klaar te krijgen in de realiteit. Dit weegt op zijn gemoed, op zijn werking en vooral op zijn omzet. Dus beslist hij om enkele van die beelden – ze zijn er nu toch – in het groot uit te werken. Zo slaat hij 2 vliegen in 1 klap (het zijn er dan wel geen 7 maar goed, ’t is al beter dan niets).

Finaal gezien maakt Rodin een imposante poort met meer dan 186 figuren! En – ondanks de vele uren – is de poort bij zijn overlijden nog steeds niet klaar. De poort zou, naar mijn mening, ook nooit klaar geraakt zijn. Toch niet naar de normen van de kunstenaar.

Maar als je dan toch naar het Rodinmuseum in Parijs gaat, neem zeker een half uur de tijd om alle beelden op je af te laten komen. De poort is zo donker/zwart dat ze nauwelijks te fotograferen is maar ze is zo indrukwekkend dat je er gerust lang kan naar kijken. En dan moet je je eens voorstellen dat die in een of ander gebouw moet gemonteerd zijn. Ongelooflijk.

Rodin heeft zelf de bronzen versie nooit gezien. Deze werd pas na zijn dood gemaakt. Als het aan Rodin lag brak hij op de laatste knip nog de hele poort af om ze opnieuw te beginnen. Dus (weetje) als je voor de poort staat, zeg dan even aan je gezelschap langs je neus weg: ” toch straf hé! Die Rodin heeft heel zijn leven aan die poort gewerkt maar hij heeft ze nooit zelf gezien zoals wij ze hier zien. ’t Is toch triestig hé een artiestenleven…”

De poort van Rodin (onder) kan je in detail bekijken door op de foto te klikken. Er zijn heel wat beelden die je zal herkennen waaronder de denker (centraal bovenaan).

 

Elk nadeel…

‘eb se voordeel, dus laten we gaan voor dat voordeel ipv te focussen op het nadeel 😉

Er zijn al expo’s die bedreigd zijn en ik zie ook een paar voorstellingen (o.a. van Theater Box en Piet Kusters) de mist in gaan. Maar wist je dat ik, naast een warm persoonlijk contact bij een tentoonstelling, ook een virtuele werkwijze heb? Portretten worden namelijk al eens als verrassing besteld en soms van redelijk ver (meer dan 100km van Gent). Het is dus niet altijd mogelijk om naar de klant op “in real life” terug te koppelen. Dat doe ik dan met een persoonlijke webpagina waar ik foto’s van de vorderingen op post. De tekening kan achteraf per post worden opgestuurd in een stevige buis. Om begrijpelijke redenen worden liever geen lijsten (met glas) opgestuurd met de post.

Dus wil je graag toch die bestelling plaatsen voor de communicant, trouwfeest,…omdat ge uw lief zo graag ziet of omdat al uw geld niet altijd naar Bol of Coolblue moet gaan 😉 Stuur me dat zeker een mailtje via max.vanhemel@gmail.com Meer informatie op deze pagina.

En er was nog iets wat ik wou zeggen; In deze tijden van corona zitten vele mensen thuis opgesloten en missen ze het wekelijkse bezoekje van de familie. Of ken je nét één van die mensen die zich voor de job inzet voor mensen met een (mogelijke) besmetting.

Voor die mensen wil ik iets doen! Ik stuur 10 postkaartjes met een ORIGINELE tekening (geen afdruk) van mijn hand op. Ken je iemand die zo’n kaartje verdient? Stuur dan naam, adres en reden (in maximum 2 regeltjes, veel moet dat niet zijn) naar max.vanhemel@gmail.com Bij het einde van de week, trekt de onschuldige kinderhand in huis 10 adressen uit de pot en de kaartjes vallen volgende week in de bus. (beperking: aanbod enkel geldig voor mensen die de blog volgen, je kan je altijd inschrijven)

 

KW10: origineel of kopie?

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

Dat de diefstal van de 2 panelen “De rechtvaardige rechters” en “Johannes de doper” stoutmoedig was, weet iedereen. Of wist je niet dat die panelen ooit gestolen werden? klik dan hier. Een politieonderzoek om schaamtelijk diep in de grond van te zakken (er stond zoveel volk rond het retabel omdat het nieuws van de diefstal zich snel verspreidde dat de politie eerst ging kijken naar de diefstal van een geit om pas later in de namiddag terug te komen naar de Sint-Baafskathedraal. Tot zover het sporenonderzoek natuurlijk…). Maar evengoed was de eigenzinnige wijze van onderhandelen van de katholieke zuil weinig hoopvol. Om niet te zeggen belachelijk.

Maar de conclusie van de zaak is dat enkel het paneel van Johannes de doper door de dief werd terugbezorgd (niet dat het werd gevonden) en dat dus het meest waardevolle paneel niet werd teruggegeven of gevonden. Dat laatste is dan wel een merkwaardig statement want er is, zeker tijdens en na de 2e wereldoorlog, al flink naar gezocht.

Maar over die 2 panelen valt nog wel wat te vertellen waarmee je stoer kan uitpakken wanneer je met vrienden nog naar de expo Van Eyck gaat of wanneer je nakaart over een bezoek aan het retabel.

Eerste weetje: de panelen werden gestolen op 11 april 1934. Hoe kan het dan zijn dat men later een kleurenkopie kon maken? Dat is een combinatie van goed onderzoek en toevallig vernuft. De panelen waren eerder gefotografeerd (rond 1878? in het Louvre na restauratie?), stuk per stuk. Dus een kopie maken was op zich al minder een zorg (OK, ge moet het wel nog doen, maar er is op zijn minst een vertrekpunt). Maar in die tijd bestond kleurenfotografie nog niet. Dus dat was een ander paar mouwen! Maar…niet lang nadat het origineel retabel afgewerkt was (ongeveer 1430) maakte Michiel Coxcie een 1/1 kopie. Er waren dan wel een paar gezichten aangepast in de kopie maar dat maakte de fotografie wel goed. De kleuren die waren belangrijker.

Tweede weetje: wat vele mensen vergeten is dat het om panelen gaat, niet om doeken. Maar nog straffer dan dat, is dat is geweten dat vroeger voorkant en achterkant 1 paneel waren. Wie opdrachten maakt/schildert, weet welk risico je dan als kunstenaar loopt. Het moet “boenk erop” zijn voor beide kanten van het paneel. Maar goed, wat je moet weten is dat het paneel veel later (ergens jaren 1900) in de DIKTE (!!!) doormidden werd gezaagd om zodoende alle panelen, los van mekaar, zichtbaar te kunnen maken zonder telkens dat retabel open en dicht te moeten doen. Kunt u voorstellen hoe gek het idee vandaag zou zijn om zo’n kostbaar paneel van een paar centimeters dik te gaan doorzagen met alle risico’s van dien.

Ik stel u gerust, vandaag zijn de panelen versterkt met een extra rug met hout in verschillende richtingen om het “trekken” tegen te gaan.

Derde weetje: wanneer we weetje 1 en weetje 2 combineren, dat weet je nu waarom kunstkenners zeker zijn dat de huidige versie van De rechtvaardige rechters een kopie is. De tekening van het hout stemt niet overeen. En zo zullen ze ook (hopelijk ooit) het echt van een kopie kunnen onderscheiden.

bron: eigen speurwerk door de jaren heen, meerder bronnen maar begin bij “het dossier Lam Gods” van Kerckhaert en Mortier

2 panelen vermist: een oproep met het origineel paneel van Van Eyck

rechtvaardige rechters: origineel ingekleurd

rechtvaardige rechters: kopie van Jef Van der Veken.

Het verschil is gemakkelijk zichtbaar aan de man in het midden (heeft geen hoed meer voor het gezicht). Het gezicht dat u vrij is gekomen zou koning Leopold III voorstellen. De achterkant van dit paneel is voorzien van een kwatrijn en heeft duidelijk een andere houtstructuur dan die van Johannes de doper. Het gezicht van de eerste volledige ruiter zou Hubert Van Eyck moeten voorstellen (het verschilt een klein beetje met het origineel). De man met de zwarte hoed is Jan Van Eyck geworden.

Rechtvaardige rechters: kopie van Michiel Coxcie

kenmerken hier zijn eveneens het volledige gezicht, de plooi in de bil van het paard is veel zachter. Bij de Coxcie-versie hebben enkele ridders (het paneel naast dit) een andere gezicht gekregen.

 

 

 

KW06: de onrechtvaardige rechter

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

1498. In het stadhuis van Brugge siert een groot schilderij uit 2 delen een muur. Het is een schilderij van Gérard David en ze is op zijn minst gezegd nogal onthullend.

Op het rechtse deel wordt een man  opgehaald om levend gevild te worden. De vraag stelt zich welke zieke geest dit tafereel in een schilderij wil laten omzetten. De schilder Gérard David doet feitelijk niets anders dan wat hem werd opgedragen. Maar waarom geld spenderen aan dit soort onsmakelijkheden? De panelen – die de aanhouding en daarna de terechtstelling van de man voorstellen – grijpen terug naar een verhaal uit de antieke geschiedenis. Een rechter wordt beschuldigd van corruptie en wordt veroordeeld door Cambyses II, koning en niet op zijn minst gruwelijk van aard. De rechter betaalt zijn oneerlijk gedrag dubbel en dik. Hij heeft er (letterlijk) zijn vel mee verkocht.

De koning is duidelijk niet zachtaardig. Hij is niet tevreden met het levend villen van de rechter. Om zich er van te verzekeren dat zijn opvolgers niet hetzelfde, corrupte, gedrag gaan vertonen, laat de koning de zetel van de rechters overtrekken met de huid van de corrupte rechter. Kortom, een dergelijk schilderij laat een héél duidelijke boodschap na: magistraten van Brugge hebben er alle belang bij om zich gedeisd te houden. Zij die hun uitspraken in deze rechtszaal doen zijn gewaarschuwd: corruptie wordt niet toegestaan. Om er nog wat meer nadruk op te leggen wordt het hele verhaal in de setting van het Brugge van de 15e eeuw gekaderd. De gebouwen en de kledij laten daar geen twijfel over bestaan.

Het is zeker, met dit soort straf onder de ogen, moesten de rechters beter 2x nadenken voor ze zich lieten omkopen.

Het oordeel van Cambyses hieronder:

  1. de rechter laat zich omkopen
  2. de rechter wordt opgepakt en veroordeeld
  3. de rechter wordt gevild
  4. de huid van de rechter hangt over de stoel van zijn opvolger

Meer over dit schilderij via Wikipedia. Het schilderij is te zien in het Groeningemuseum. Bron tekst: Artips

Tussen creatie en tekenen

Er is zo altijd een fase bij het maken van een tekening. De fases zijn op zich telkens verschillend. Terwijl ik eerder dacht dat de fases een eigen visie was op het creëren blijkt dat in realiteit niet zo te zijn. Het is omdat ik met meerdere projecten tegelijk bezig ben dat ik de indruk heb dat er geen fases zijn en dat alles gewoon zijn gangetje gaat. Op natuurlijke wijze. Alsof je ’s morgens uit bed stapt en tegen de middag is de tekening klaar.

De werkelijkheid ligt ver van dit idyllische, romantische beeld dat we voornamelijk kennen uit de films, boekskes en wat “kunstkenners” ons graag doen geloven. Kunstkenners zijn in weze niet meer dan vlotte praatjesverkopers, vertegenwoordigers. Ze zien zichzelf een werk te verkopen en dan is de volgende logische stap dat ze het werk gaan klasseren als “ware kunst”. Om dat te onderstrepen met “het genie van de kunstenaar” tonen ze graag hoe snel die kunstenaar tot een kunstwerk komt. Dat toont dat die kunstenaar bezeten is van zijn werk, van zijn thematiek. Hij of zij schudt de ideeën uit de mouw alsof het witte konijnen zijn.

In mijn geloof is niets minder waar. O ja, ik kan ook van die niemendalletjes uit mijn mouw schudden. Het “genie” etaleren. Maar het niemendalletje is meestal niet meer dan een variant op een eerder werk of het is iets dat ligt te broeden en nog niet is getoond. Want dat maakt “het”. Picasso, Dali, Magritte, Bruegel, Van Eyck, Delvaux, Broodthaers,… Ze deden niets anders. En daarom stel ik dat er fases zijn in het maken van een kunstwerk. Voor mij zijn er voornamelijk 3 fases: die van de studie, die van de ontwerpen en die van de productie.

Ik zit al een tijdje in een fase van concepten en ideeën schetsen en proberen uitbouwen tot wat een volwaardige tekening moet worden. Eén van die ideeën waar ik al een tijdje op zit is triptiek 3. Maar er zijn er nog. Een welgekomen afwisseling is Vitrines d’Amour waar ik ook in 2020 zal aan deelnemen. Deze keer maak ik iets op maat voor de vitrines van eetgelegenheid GUST. En een schets van wat er voorlopig in mijn hoofd zit, zie je hieronder.

Wat mag je verwachten over 2020?

2020 zal minder blogs hebben dan 2019. Dat is ook niet moeilijk hé 😉 En nog eens bedankt voor de 20.736 bezoekjes aan de website en dat over 6.646 unieke bezoekers (allez, kom, IP-nummers dus). Dat was goed voor – hou u vast – 101.144 bekeken pagina’s. En dat allemaal op 1 jaar. Dank u, dank u, dank u!

Wat ik allemaal van plan ben over 2020 is moeilijk op voorhand te zeggen. Sommige plannen liggen jaren op voorhand vast (zoals triptiek 3 die er nog aankomt), sommige plannen worden dan weer erg onvoorspelbaar in de agenda gepropt. De expo’s, teken en marktplannen die komen zeker op de blog of op de Facebook. Soms een beetje Instagram maar ik ben daar niet erg actief.

Wat je wel mag verwachten dit jaar zijn blogjes met kunstweetjes om mee te stoefen wanneer je met vrienden naar een kunstwerk kijkt. En ik wil ook mijn fans, mijn apostelen, aan het woord laten. Zij die één of meerdere Maxen in huis hebben en daarover willen vertellen.

Kortom het worden weer vele grappige en/of emotionele blogs en alweer goede redenen “to stay tuned after the break” 😉

Als aperitiefje voor wat komt laat ik jullie het (tweede) ontwerp van de nieuwjaarstekening. Met nog enige belangrijke wijzigingen tov de definitieve versie: dit is een liggende verhouding, onderaan is de kaars vervangen door een straatlicht (een echt uit Parijs), de piramiden zijn weg en de 3 figuren links onder zijn ook weg. De bergen en de appel staan en blijven staan. Het model heeft wel een andere pose maar dat was redelijk te verwachten.

 

Go for the Max!

Max tekent. Volg Max en blijf op de hoogte van de laatste nieuwtjes, verhalen en tekeningen. Laat in de kolom rechts op het scherm je mailadres na.
Je kan ALTIJD uitschrijven wanneer je dat zelf wil. De mailadressen worden voor niets anders gebruikt dan om op de hoogte te blijven van mijn blogs.

** omwille van het coronavirus zijn meerdere projecten afgelast. Wil je graag mijn werken “in het echt” zien? Stuur een mailtje en kom langs voor een privé-tentoonstelling **

Expo-toer 2020:

  • Cultuurplatform Drongen: Kunstsalon 2020: november 2020 *gewijzigde datum*

 

  • Cultuurplatform Wondelgem: Jubileumexpo 52 jaar: 2020 *verplaatst naar 2021*
  • Curieuze collectie 2020 *afgelast omwille van corona*
  • Kluizen: kunst 2020 *afgelast omwille van corona*

meer nieuws volgt naarmate de selecties uitgesproken worden

285/365: het portretje

Toen ik nog op het kunstmarktje op de Groentenmarkt stond had ik 2 modellen. Ze waren zussen en heel erg toffe dames. De interactie onder hen was aanstekelijk, zowel naar mij toe als onder mekaar. Ik maakte een aantal tekeningen van hen (waaronder de Sainte Michèle tekeningen – zie eerder) en dit portretje.

270/365: afscheid

Nog eentje uit de schetsen naar levend model. Meestal zijn het maar “niemandalletjes” maar deze vind ik zelf erg geslaagd. Ze blijft daarom veilig in het archief zitten. Afscheid is zo’n moeilijk moment.

267/365: bonne nuit

Wanneer de jeugdbeweging een oproep doet voor hun tombola en ik heb er de tijd voor, dan durf ik ook wel een tekening bijdragen. Geïnspireerd op de oproeper/deler die niet altijd zo’n goede/lange nachtrust kent, maakte ik deze (surrealistische) tekening van een ingeduffelde appel met aangepaste boodschap. De tekening werd hopelijk door iemand gewonnen en misschien vindt die ze ook mooi.

Bruegel – Kermis in Hoboken: informatiebronnen (18)

De blogreeks van de Bruegeltekening “Kermis in Hoboken” is voorbij. Met 17 verhalen uit de tekening hielp ik nogmaals vele lezers door de zomer en probeerde zodoende de komkommertijd een beetje boeiender te maken 😉  Net zoals bij de Toren van Babel – maar wel veel minder dan toen – heb ik studies gemaakt rond deze tekening van Bruegel. Sommige verhalen zijn veronderstellingen, frivole gedachten of projecteerde ik op hedendaagse gebeurtenissen. Ondanks dat de tekening zo’n 450jaar oud is, zie je nog steeds parallellen met kermissen buiten de grote steden. Dat de charme van deze kermissen aan het verdwijnen is, is een spijtige zaak maar het is ook het gevolg van de evolutie van onze moderne maatschappij. En dat mogen we op zich nog redelijk letterlijk nemen. Als we zien hoe steden groeien, hoe steden veranderen, en aan welke snelheden, dan kan het niet anders dan dat ook feestelijkheden evolueren. Zelf van Gent zijnde zie ik nog parallellen met grote kermismomenten als de Zwijntjeskermis of Zomerliefkermis waar dorpelingen mekaar ontmoeten, handel drijven, dansen, zingen en zich bezuipen tot het groot welzijn van de organisatoren.

Omdat ik bij deze tekening veel meer zelf informatie heb moeten opzoeken dan bij de Toren van Babel (waar ik voornamelijk kennis putte uit museumbezoeken en eigen bouwkundige kennis), verzamel ik alle referenties die ik heb geraadpleegd. Hieronder een overzicht van documenten en links naar informatie rond deze tekening, Bruegel en de tijd waarbinnen deze tekening is gemaakt.

hier de originele tekening van Bruegel, gemaakt in 1559 (zie datum en signatuur), daarnaast de ets die werd gemaakt naar de tekening (datum onbekend, ong 1560-1565?)

Nog even over de banner boven de taverne; finaal heb ik de puntjes die zichtbaar waren op de originele tekening overgenomen zoals ik ze kon zien. Ik heb dus de tekst niet aangepast naar de tekst op de ets of suggestief aangevuld met wat ik denk dat er zou kunnen staan. We laten het los en houden het mysterie. In het midden staat duidelijk “hoboken” te lezen. De rest is fantasie 😉

Ik wens zeker ook iedereen te bedanken die mee heeft gezocht naar het opschrift op de banier. Speciale dank aan prof.dr. Manfred Sellink en kunstkenner Jan Jacobs voor hun inbreng in de teksten.

https://www.sincfala.be/tentoonstellingen/tentoonstellingen-2007/185-2007-spelen-onderzoek-algemene-tussentijdse-resultaten
http://zoveelmeerhoboken.blogspot.com/2014/09/historische-sprokkels-de-kermis-van.html
https://nl.wikipedia.org/wiki/Hoofdpagina
https://courtauld.ac.uk/?s=bruegel
http://sint-katelijne-waver-blogt.blogspot.com/2017/11/kermis-processies-ommegangen-beschreven.html
https://www.gravenhof.org/nl/event/59335/kermis-in-hoboken

Finaal hieronder mijn versie van de tekening van Bruegel. In hogere resolutie, je kan dus wel wat inzoomen. Ze is in het echt te zien op het Bruegelfeest “Herne Kunstelt” 14 & 15 september Dominicanessenklooster te Herne.