Brueghel- ofte Bruegelwandelroute

Strategie! Dat is wat een mens nodig heeft op een vrije (feest)dag in België. Terwijl West-Vlaanderen al deze ochtend in de regen zat en de voorspellingen voor Oost-Vlaanderen tegen de middag hetzelfde lot voorspelden, verplaatsten wij ons naar Brabant. Even scrollen door het grote web leert dat er in Dilbeek, meer specifiek Itterbeek en dus Sint-Anna-Pede, meerdere Bruegelroutes zijn die absoluut de moeite waard zijn om te doen.

Al vind ik maar na wel 100 kliks een plan, toch doorgezet. Om het parcours niet te zwaar en te lang te maken voor de kleinsten, kies ik voor de wandelroute die ik blijkbaar ook met de fiets kan doen. Hup. De fiets de auto in en samen met de kleinen van Gent naar Itterbeek.

De route begint aan het kerkje van Sint-Anna-Pede waar je naast de kerk ook meteen een afdruk te zien krijgt van het schilderij “de parabel der blinden“. Het kerkje staat er mooi op de achtergrond. Dat is alvast een sterke start die de lat hoog legt. In het kerkje heel wat uitleg over de werken van Bruegel en een foto van Filip Dujardin. De foto hoort bij die andere (tijdelijke) wandeling: De Blik van Bruegel. Maar die gaan we nu niet doen. Al is het wel de moeite om even gebruik te maken van de stelling naast het info-bureau om de vallei de overzien.

De Bruegelwandelroute is ongeveer 7km lang maar vermoeid geen seconde. Ook voor de kinderen niet. Regelmatig zijn er speeltuintjes en dingetjes die je kan zoeken op de schilderijen of in de natuur. Ik las de teksten die vertellen over de schilderijen voor. Het is dan meteen ook een beetje Vlaanderen’s geschiedenis. Onderweg kregen we ook nog een andere kerk te zien en de fameuze schuur uit de Boerenbruiloft.

Ik laat je nog wat foto’s zonder veel spoilers. In het toeristisch bureau Dilbeek is er een “echte” zoektocht te koop maar helaas zijn die adresjes op feestdagen niet altijd open. Enfin, ik heb niet de moeite genomen om er langs te rijden en dat te moeten vaststellen. Het kan dus evengoed zijn dat het wel open was…De wandelroute is goed aangeduid met witte 6-hoekige bordjes, je hoeft niet echt een plan maar je start wel best aan de kerk.

Download de wandelroute hier. En is ook nog een langere fietsroute van 45km, die kan je hier downloaden

 

 

Dat het leuk was

Gisteren was het de vernissage van Curieus-expo Campo Santo (zie eerdere blogs) en er was wel wat belangstelling voor mijn torens. Met veel plezier haalde ik een paar keer mijn vergrootglas uit mijn jaszak om de mensen tot in detail te laten genieten van de tekening. Daarbij meteen verwijzend naar de verhalen op de blog. Dank aan iedereen die langs kwam.

Recordhouder van de avond was Joris die met een warm en oprecht enthousiasme zich ten volle liet gaan om het werk te bestuderen Merci voor uw enthousiasme Joris 🙂

 

De Curieuze collectie: geselecteerd!

Ik heb het niet voor wedstrijden. In de regel verlopen kunstwedstrijden als volgt:

  1. een oproep wordt in het wild rondgestrooid en per toeval zie je die ergens landen (ik weet niet hoe het zit in andere steden maar in Gent, als je niet in een academie, Nucleo of dergelijke groeperingen zit, ben je een outcast)
  2. dan reageer je, brengt werk binnen voor de selectie
  3. doodgaan van de stress
  4. een paar dagen/weken later mag je het werk terug komen afhalen en ben je geselecteerd/afgewezen en meestal ook zonder uitleg

Ik begrijp dat het onmogelijk is alle werken te becommentariëren. Vooral – kunstenaars kennende – ze gaan dan graag uren in discussie over hoe fout de jury het wel heeft.

Bij De Curieuze Collectie loopt het een beetje anders. De jurering is publiek en direct. Alle aanwezige inschrijvers kunnen de werken van hun collega’s zien en horen de verdediging. Zo kan je voor jezelf al op zijn minst zien wat de anderen indienen, wat ze er bij vertellen en hoe de jury daarop reageert. De jury krijgt ineens ook een gezicht (net als de kunstenaar trouwens). Je ziet wie er rond de tafel zit. Mensen onder mekaar.

De keuzes blijven moeilijk en hard. En ik ben blij dat ik voor deze gerenommeerde wedstrijd geselecteerd werd als laureaat. Ik vind het ook mooi dat er bij het einde van de jurering (nogmaals) herhaald wordt dat een non-selectie geen afbreuk doet aan het werk. De wedstrijd heeft een thema, de samenhang van de aanstaande tentoonstelling is al even belangrijk.

De Toren(s) van Babel worden dus voor het eerst geëxposeerd in de kapel van Campo Sancto in Sint-Amandsberg op 3-4-5 mei 2019. Spannende (eerste) confrontatie met het publiek en meteen ook mijn eerste expo in deze kunstkapel.

Toren van Babel: epiloog

Allez, kom, toe dan…nog één keer over de toren 😉

Een jaar lang heb ik jullie in de ban van Brueghel (Breugel of Brüghel, whatever) gehouden. Het verhaal van de Toren van Babel is voorbij maar je kan je vanuit de gedachte waarvoor de toren staat afvragen hoe de toren er vandaag zou uitzien. En naast de toren, hoe het landschap er zou uitzien. Je kan de gedachten ombuigen naar hedendaagse thema’s als milieu, leefkwaliteit, grandeur, economie, Trumpisme,…

Ik maakte er mijn versie van doorspekt met Bruegheliaanse elementen in tijden van verval: de jagers (in de sneeuw), de (restanten van de) galgen, het verre landschap, de grootse toren, dreigende wolken,…Ik plaats de toren in een wereld die enkel nog draait om geld. De mens is er niet meer belangrijk, alleen het individu, de macht, het ego. Ook hier staat dat ego boven het verbindende karakter en trachten de verstotenen samen nog te overleven in de schaduw van de vernietiging en droogte. Het heeft iets van Mad Max en Waterworld. Zouden de makers ook geïnspireerd zijn door Brueghel?

Toren van Babel: einde van de episode

Al een paar weken denk ik na over deze tekening. Ik had mij geëngageerd om een exacte kopie 1/1 te tekenen van een gestemde Brueghel. Ik had zelf graag de Dulle Griet getekend maar daar waren toen 2 praktische bezwaren: (1) ik had geen papier op het formaat van het schilderij en (2) het schilderij was in restauratie en dus niet te bezichtigen.

De toren hield mij en jullie meer dan een jaar bezig. In het begin, aan de haven, met vooral de focus op de details maar navenant werd het verhaal boeiender omdat ik zowel de constructie als de gebruikte technieken kon bespreken en vergelijken met de Weense toren en de hedendaagse technieken.

Nu ik helemaal bovenaan zit lijkt het verhaal uitverteld. Ik zou nog wat verder kunnen tekenen en bloggen over het landschap. De typische kernmerken. De kleuren die ik gebruik. Maar het zal niet meer zo boeiend zijn als wat is geweest. Dus wordt dit de laatste torenblog. Het verhaal is verteld. Zeer optioneel kom ik later nog wel ’s op terug maar nu moet ik echt dringend aan de triptiek van het leven gaan werken om ze klaar te krijgen tegen de expo van november 2019.

De toren is klaar. Hij is helemaal getekend. De toren deed me in vele boeken zoeken naar details, verhalen en reizen naar Rotterdam en Wenen. Maar we hebben het gehaald. “WE” want zonder de vele aanmoedigende opmerkingen en duimen was ik misschien al eerder gestopt. Wat weet ik te vertellen over die laatste verdiepingen? Wel, het perspectief van de mannetjes is van groot belang. Door de mannetjes nog kleiner te maken dan op de onderliggende verdiepingen krijgt de toren een dominanter effect. Ik sprak ook al eerder over de houten constructies die de rondbogen ondersteunen. Tot nu zagen we hoofdzakelijk 1, in het beste geval 2 ondersteunen voor/achter mekaar. Om de bovenverdiep meer diepte te geven, om meer te tonen dat er gangen achter de gangen liggen, schildert Brueghel er soms 4 tot 5 achter mekaar. Die gangen en doorsteken kent iedereen die het Colosseum te Rome heeft bezocht.

 

 

Ik heb ook een eerste aanzet gegeven naar de wolken die de toren overschaduwen en niet veel goeds voorspellen.

Nog 2 wist-je-dat-jes over de toren…Breughelschilderijen worden getypeerd (zeg gerust “gesigneerd”) door de aanwezigheid van een galg, een ekster en de “kakkende mens”. Over die “kakkende mens” had ik al in een eerdere blog.

De galg die staat meestal buiten de stad. De bengelende lijken zijn meestal niet voorzien van een aangename geur. In deze havenstad is de galg geplaatst op het kleine eiland rechts boven de haven (zie detailfoto). Alweer een meesterlijke zet! (wacht het wordt dadelijk nog meer duidelijk)

Ook de ekster is aanwezig. Links onder bij de steenhouwers zit ze op een tak (zie detailfoto). Verbind je de ekster en de galg met een lijn, dan kom je heel wat punten tegen waar ik in het verleden heb op gefocust en die alleen maar de verdoemenis van deze toren accentueren.  De galg vormt dan op zich weer een mooi contrast met het eiland in de zon…

En mocht u ooit de schiftingsvraag krijgen hoeveel boten er in de haven liggen, ik heb ze geturfd. Ik tekende 83 schepen en bootjes in deze haven!

Als laatste beeld/detail zie ik mannen helemaal bovenaan de toren met mij mee juichen. YES! We hebben het gehaald! Of waren ze aan het zwaaien naar hun moeder “kijk mama, ik ben op het schilderij geweest”? In het detail zie je ook de vele houten stellingen in een rond het gebouw opduiken.

Uitzonderlijk maar uit dankbaarheid voor ALLE mensen die deze blogs volgden en later nog lezen, laat ik hieronder nog een hoge resolutie-foto van de tekening. Ga gerust zelf op ontdekking door het beeld door te klikken op de foto. Je zal meer op de tekening zien dan op het schilderij omwille van het verhoogde contrast. Wil je de tekening graag “in het echt” zien, stuur mij gerust een mail en kom ’s langs. Altijd welkom!

 

Toren van Babel: het fel rode verdiep

Het rode verdiep. Ik noem de laatste verdiepen zo omdat ze knalrood zijn van de bakstenen. Doorheen de toren gaan we van een oker gele laag (onderaan) over lichtbruin/grijs naar abrikoos tot fel rood. Het opstijgen wordt benadrukt door de 2 kleurlijnen van rood (baksteen) en wit (pleisterwerk) op de linkse flank van de toren. Maar het vooral de keuze van de kleuren die weldoordacht de grootsheid van deze toren maakt.

In de Wenen-versie zien we een aanzet van die kleuren maar ze zijn lichter, minder contrastrijk. Dat maakt die toren niet alleen mee minder hoog maar ook veel minder dreigend. Door de top van de kleinere versie felrood te maken krijgt hij deze alle aandacht. Doe je ogen maar eens dicht en dan weer snel open. Het eerste wat je ziet is de top. En dan die dreigend hellende donkere lijn op de rechtse gevel. Deze lijn wordt gemaakt door de combinatie van ramen en uitgelijnde huizen. Het verval is ingezet!

Niets is toeval. Van op afstand gezien zie je de rode partij links onderaan de toren terug opduiken. Het lijkt een scharnier te zijn waarop de toren kan kantelen. Ondanks de hyperfijne tekening heeft Brueghel ook veel aandacht besteedt aan de keuze van kleuren. Door de achtergrond (hoofdzakelijk) in groen en blauw te houden wordt het contrast met het rood nog feller en dreigender. De witte kalkstreep staat er ook niet toevallig. Brueghel had de rode en de witte streep evengoed van plaats kunnen wisselen maar dan zou de ronding, het stuk dat meer naar voor dient te komen er helemaal anders uit zien.

In mijn versie – en ik laat het finaal zo – zal het gekleurde verdiep een bijkomende dreiging vormen voor zowel de scheve toren als het onevenwicht waar de constructie mee te maken heeft. Bij de volgende blog vertel ik voor de laatste keer over de toren. Dan is het verhaal verteld. *clifhanger*