De Max van Magda

Onze Max is een Kees. Onze tekening van Max is een kopie van een werk van Kees Van Dongen (1877- 1968)

Mijn man en ik hebben het genoegen om regelmatig bij Max en zijn gezin over de vloer te komen. En daar hing ze dan al een hele tijd. Hoe meer ik haar zag hoe mooier ik haar vond. Het is een krijttekening. Over de technische kant van de tekening kan Max beter zelf vertellen.

Het zijn vooral de warme kleuren die charmeerden…

En toen we enkele jaren geleden onze woonkamer in een moderner kleedje staken hebben we alles wat aan de muur hing naar het eerste verdiep gebracht en er is maar weinig terug naar beneden gekomen. De kopie van Le Coquelicot van Kees Van Dongen paste toen helemaal in het plaatje.

Onze vloertegels werden niet vervangen bij de make-over. Het zijn rode gebakken keramiektegels. Het oranje van de hoed past er perfect bij. En onze bezoekster kijkt door de venster naar onze tuin.

Binnen enkele maanden verhuizen we naar een kleinere woning. Zal onze tekening daar nog passen? Het wordt even spannend afwachten. Voor dit originele werk van Kees Van Dongen moet je naar het Museum of Fine Arts, Houston in de V.S.. We zijn super gelukkig met de kopie aan onze eigen muur.

 

 

KW10: origineel of kopie?

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

Dat de diefstal van de 2 panelen “De rechtvaardige rechters” en “Johannes de doper” stoutmoedig was, weet iedereen. Of wist je niet dat die panelen ooit gestolen werden? klik dan hier. Een politieonderzoek om schaamtelijk diep in de grond van te zakken (er stond zoveel volk rond het retabel omdat het nieuws van de diefstal zich snel verspreidde dat de politie eerst ging kijken naar de diefstal van een geit om pas later in de namiddag terug te komen naar de Sint-Baafskathedraal. Tot zover het sporenonderzoek natuurlijk…). Maar evengoed was de eigenzinnige wijze van onderhandelen van de katholieke zuil weinig hoopvol. Om niet te zeggen belachelijk.

Maar de conclusie van de zaak is dat enkel het paneel van Johannes de doper door de dief werd terugbezorgd (niet dat het werd gevonden) en dat dus het meest waardevolle paneel niet werd teruggegeven of gevonden. Dat laatste is dan wel een merkwaardig statement want er is, zeker tijdens en na de 2e wereldoorlog, al flink naar gezocht.

Maar over die 2 panelen valt nog wel wat te vertellen waarmee je stoer kan uitpakken wanneer je met vrienden nog naar de expo Van Eyck gaat of wanneer je nakaart over een bezoek aan het retabel.

Eerste weetje: de panelen werden gestolen op 11 april 1934. Hoe kan het dan zijn dat men later een kleurenkopie kon maken? Dat is een combinatie van goed onderzoek en toevallig vernuft. De panelen waren eerder gefotografeerd (rond 1878? in het Louvre na restauratie?), stuk per stuk. Dus een kopie maken was op zich al minder een zorg (OK, ge moet het wel nog doen, maar er is op zijn minst een vertrekpunt). Maar in die tijd bestond kleurenfotografie nog niet. Dus dat was een ander paar mouwen! Maar…niet lang nadat het origineel retabel afgewerkt was (ongeveer 1430) maakte Michiel Coxcie een 1/1 kopie. Er waren dan wel een paar gezichten aangepast in de kopie maar dat maakte de fotografie wel goed. De kleuren die waren belangrijker.

Tweede weetje: wat vele mensen vergeten is dat het om panelen gaat, niet om doeken. Maar nog straffer dan dat, is dat is geweten dat vroeger voorkant en achterkant 1 paneel waren. Wie opdrachten maakt/schildert, weet welk risico je dan als kunstenaar loopt. Het moet “boenk erop” zijn voor beide kanten van het paneel. Maar goed, wat je moet weten is dat het paneel veel later (ergens jaren 1900) in de DIKTE (!!!) doormidden werd gezaagd om zodoende alle panelen, los van mekaar, zichtbaar te kunnen maken zonder telkens dat retabel open en dicht te moeten doen. Kunt u voorstellen hoe gek het idee vandaag zou zijn om zo’n kostbaar paneel van een paar centimeters dik te gaan doorzagen met alle risico’s van dien.

Ik stel u gerust, vandaag zijn de panelen versterkt met een extra rug met hout in verschillende richtingen om het “trekken” tegen te gaan.

Derde weetje: wanneer we weetje 1 en weetje 2 combineren, dat weet je nu waarom kunstkenners zeker zijn dat de huidige versie van De rechtvaardige rechters een kopie is. De tekening van het hout stemt niet overeen. En zo zullen ze ook (hopelijk ooit) het echt van een kopie kunnen onderscheiden.

bron: eigen speurwerk door de jaren heen, meerder bronnen maar begin bij “het dossier Lam Gods” van Kerckhaert en Mortier

2 panelen vermist: een oproep met het origineel paneel van Van Eyck

rechtvaardige rechters: origineel ingekleurd

rechtvaardige rechters: kopie van Jef Van der Veken.

Het verschil is gemakkelijk zichtbaar aan de man in het midden (heeft geen hoed meer voor het gezicht). Het gezicht dat u vrij is gekomen zou koning Leopold III voorstellen. De achterkant van dit paneel is voorzien van een kwatrijn en heeft duidelijk een andere houtstructuur dan die van Johannes de doper. Het gezicht van de eerste volledige ruiter zou Hubert Van Eyck moeten voorstellen (het verschilt een klein beetje met het origineel). De man met de zwarte hoed is Jan Van Eyck geworden.

Rechtvaardige rechters: kopie van Michiel Coxcie

kenmerken hier zijn eveneens het volledige gezicht, de plooi in de bil van het paard is veel zachter. Bij de Coxcie-versie hebben enkele ridders (het paneel naast dit) een andere gezicht gekregen.

 

 

 

KW09: de mammelokker

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

Eén van de meest handige plekken om in Gent af te spreken is onder de mammelokker. Iedereen kent het gebouw en iedereen weet het zijn. De mammelokker verwijst naar het beeld dat bovenaan op de gevel de voormalige cipierswoning werd aangebracht in 1741. Het beeld is van David ’t Kindt. In Gent zullen de meeste mensen je zonder veel moeite het verhaal kunnen vertellen: het is het verhaal van een Gentse misdadiger die werd veroordeeld tot de hongerdood. Hij zat daarvoor opgesloten in de lakenhallen (de mammelokker was niet de gevangenis, wat je zou denken met al die tralies). Zijn dochter bracht hem elke dag een bezoek maar mocht zelf geen eten meebrengen. Ze was echter slim genoeg en gaf hem elke dag de borst waardoor de man na een maand nog steeds in leven was. Finaal werd de man toch vrijgelaten en ze leefden nog lang en gelukkig.

Wat menig Gentenaar u niet zal vertellen is dat deze volkslegende al stamt uit de Romeinse oudheid. Het is het verhaal van Cimon en Pero en werd al veel eerder en door meerdere kunstenaars in beeld gebracht.

Dus volgende keer, wanneer u door Gent wandelt, dan weet u te zeggen dat dat verhaal van de mammelokker niet meer is dan een volkslegende uit de Romeinse tijd en dat zelfs Rubens daar een eigen versie van heeft gemaakt. Doe gerust, niemand vraagt u of het waar is. Doe je graag nog wat stoerder dan kan je ook zeggen dat “memmen” (een alomgekende term zeker rond Aalst) wat verwijst naar de vrouwenborst en samen met “mamme” allemaal derivaten zijn van het Latijnse “mamilla” wat idd (vrouwen-)borst betekent.

Hieronder het schilderij van Jules Lefebre.

 

KW08: De geboorte van Venus

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

In blog KW04 vertel ik over Simonetta Vespucci, haar werk en hoe ze al op 23-jarige leeftijd overlijdt aan tuberculose.

We horen dikwijls over Van Eyck dat hij de kannunik Van der Paele zo goed geschilderd heeft dat je kan afleiden vanuit het schilderij welke ziekte de man heeft en hoe ernstig dat wel is. Maar over Botticelli wordt dat eigenlijk nooit gezegd. Dat komt omdat zijn decors zo theatraal zijn dat er niet direct wordt op gelet hoe precies deze wel zijn geschilderd. Precies is hier te lezen als “naar waarheid”.

Eén van die schilderijen is “de geboorte van Venus” waar we een 16jarige Simonetta in volle glorie op een schelp uit de zee zien komen. Maar voor wie goed kijkt, ziet meer. Simonetta heeft op haar 16e al symptomen van polyartritis, subtype reactieve artritis.

Wanneer je bij vrienden zulke straffe uitspraak doet, dan mag je je verwachten aan een (aahjadatzultgijwelbeterweten)repliek. En dan is het uw moment om met de volle lading uit de kast te komen. Dat het kind last had van artrose zie je aan de rechterhand: ellepijpafwijking van de middelvinger, ringvinger, pink en pols. Aan de linkerhand: een worstvormige zwelling van de wijsvinger en kromme pink. Gezwollen enkels en wreef. Wedden dat uw vrienden nu toch voor even met de mond open staan over wat jij wel weet over kunst 😉

bron: “de kunstenaar en de dokter, anders kijken naar schilderijen” door Jan Dequeker.

Een momentje van rust :)

Een beetje rust. Dat gun ik mezelf de komende weken. Misschien zelfs maanden. Althans toch tot ergens maart want dan zal het seizoen weer terug losbarsten en volgen er sowieso weer momentjes buitenhuis. Het is sowieso mijn creatief jaar. Met een beetje geluk komt dat dan tegen 2021 in een expo. Zoals het altijd al geweest is, een jaartje creëren en een jaartje toeren 😉

Ik ben te veel bezig met meerdere projecten tegelijk en omdat ik toch wel voor deze projecten tijd nodig heb om ze te ontwikkelen, hou ik het een beetje kalmer aan wat het internetnieuws betreft. Als ik tussendoor wat teken (wat wel zal gebeuren) en het zijn, naast de projecten, “losse” tekeningen, dan maak ik er wel een berichtje van. Wie weet komt er nog eens een portretje tussenfietsen.

De jacht op alvast één model is alweer open, klik hier voor meer info

En als’t niet druk is met het creatieve luik, dan is er nog altijd het aandeel werk voor de inkomsten want ik mag wel meerdere dagen per week kunstenaar zijn, als de politiek instabiel blijft, dan vertaalt zich dat direct in het gebrek aan opdrachten. Al 9 maanden…

Om ook uw tijd een beetje te doden nog een tekening die je misschien niet hebt gezien toen ze de vorige weken bij Gust stond: De Blauwe Lotus. De tekening stond aan de bar, niet tussen de reeks tegen het raam in de voorste eetplaats. Het is een spielerei van het moment 🙂

KW07: Rembrandt bedankt Rubens

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

Klein maar niet te onderschatten kunstweetje: Rembrandt (1606-1669) heeft al zijn bekendheid aan Rubens (15778-1640) te danken.

Een straffe uitspraak waarmee ik de Nederlandse vrienden hopelijk niet schoffeer maar bon, de bron is zelf een Nederlander, dus mag het wel een beetje. Jan Six vertelt op NPO over Rembrandt (zie link onder).

We gaan even terug naar de tijd van Rembrandt. In die tijd was Vlaanderen voor een groot deel nog samen met Nederland. Grote kunstenaars waren in competitie met mekaar om in de gunst te komen van de adel en de rijken. Kunst blijft – tegen wie zeg je’t – een luxe-product en verkocht niet aan “de gewone mens” medio 17e eeuw. Bekende kunstenaars uit die tijd bekleedden daarom ook al eens diplomatieke opdrachten (Van Eyck was ook zo’n voorbeeld). Rubens was niet alleen een goed schilder, hij was een voornaam diplomaat. Vandaag zijn die politieke activiteiten niet vergeten maar lang niet meer zo belangrijk als het schilderwerk. Misschien herinneren onze nazaten zich Mark Eyskens later ook nog wel als een bekend schilder ipv een politicus.

Maar dus in die tijd was Rubens dé top en veel bekender dan Rembrandt. En hoe is Rembrandt dan bekend geraakt?

Wel, zo rond 1830 is er iets speciaals gebeurd: België – en dus een stuk van zuid Nederland – werd onafhankelijk. Ineens waren de Nederlanders hun icoon kwijt! Rubens werkte voornamelijk in Antwerpen en dat was geen deel van Nederland meer. Dus gingen de Nederlanders op zoek naar een nieuw, evenwaardig icoon. Rembrandt kwam in de picture en met de bouw van het Rijksmuseum (opening in 1885) dat zich grotendeels concentreerde op het werk van Rembrandt werd een nieuwe ster gelanceerd.

De rijke collectie aan Rembrandts in het Rijksmuseum is een niet te missen afslag bij een uitstap naar Amsterdam. Dus finale conclusie: Rembrandt heeft zijn naam en faam te danken aan Rubens en het ontstaan van België. Al heeft hij er zelf niets van geweten en was hij misschien finaal niet berooid gestorven. Naar ’t schijnt heeft Rubens het ook nooit geweten…

bronnen: 
NPO – Jan Six
wikipedia Rembrandt en Rubens
Geschiedenis van het Rijskmuseum