STADSWACHT (17): …VAN VERLANGEN

We schuiven gestaag op en zodoende kan ik aan de 2e brandweervrouw in de tekening beginnen. Zij neemt op mijn beeld de rol op van de 2e schutter die zijn wapen afvuurt. De brandweervrouw heeft een blustoestel in de aanslag, klaar om die (kleine) brand aan te pakken.

In plaats van uitleg te geven over schieten en hoe dat moet, wil ik toch wel effe kort de gevaren van een huisbrand onder de aandacht brengen. Wat ik nog altijd het meest handige blusmiddel in huis vind, is een branddeken of blusdeken. Veel meer dan een klassieke blusser kan je met een beetje handigheid een brandje blussen met een deken. Ik denk dan spontaan aan de friteuse die vuur vat. Met een poederblusser (of andere) moet je toch al wat techniek kennen (als je al het juiste toestel vast hebt). Een blusdeken heb snel bij de hand en is ook – in paniek – gemakkelijk over het vuur gelegd. Een blustoestel zoals de brandweervrouw op de tekening in handen heeft, is al een ferm groot om in huis te hebben. Zelfs die van de auto’s zijn veel kleiner.

Maar hanteer vooral als gouden regel: als het brand ga dan zo snel mogelijk naar buiten (thuis, op het werk, in de supermarkt, whatever). Bel 112, meld je naam en adres en zeg meteen waar het om gaat. Zijn er nog mensen of dieren binnen, zeg dat dan ook direct. Meer info over brand en Brandweer kan je lezen op de website https://brandweerzonecentrum.be/

Terug naar de tekening, want daar draait het toch allemaal om 😉 Voorlopige tussenstand zie je hieronder. Tiens…het valt mij nu pas op dat ik de legerhelm ben vergeten inkleuren. Mah seg! Te noteren op mijn TO DO-lijstje 🙂

STADSWACHT (16): FRIVOLITEITEN

En we doen verder aan de #stadswacht. Het wordt moeilijker…mentaal gezien dan. De uitdaging is er zo wat af met de portretten en het inkleuren van de kledij loopt niet zo snel dan verwacht.

Toch kreeg ik een frivole boost met het inkleuren van het hemd van onze “Banninck Cocq“. Bij G. word ik altijd vrolijk van zijn hemden. Ze zijn altijd versierd met tropische, feestelijke motiefjes. Ik had dan ook gevraagd voor deze gelegenheid zeker één van zijn hemden aan te trekken. Ik had het eerst niet echt door maar tussen de planten en bloemen zitten ook vogels verborgen. Zalig om te tekenen 🙂

En dan was er nog W. zijn outfit! W. verwerkt administratie op de dienst. Voornamelijk facturatie. Voor de kledij had iedereen de opdracht gekregen om zijn/haar figuur van het schilderij van de Nachtwacht goed te bekijken en zelf iets aan te trekken dat er naartoe gaat maar dan ook weer niet te carnavalesk.

W. kwam op de dag van de shoot met zijn eigen legerkostuum op de proppen. Op zijn minst een verrassende keuze. Ging dat wel passen in het geheel? Maar dan weer, moet een vaandeldrager niet een beetje “speciaal” zijn? Wat is een compagnie als de vaandeldrager al niet opvalt? Een prima keuze qua kledij dus 😉

In afwachting tot de volgende blog zoek ik nog ’s op wie W. nu precies reïncarneert. Het gaat om Jan Visscher Cornelisen (met 1 s?). Veel vind ik niet over hem, over zijn functie vind ik wel interessante informatie.

Niet iedereen kan zomaar vaandeldrager bij de schutterij worden. Je moet uit een vermogende familie komen en vrijgezel zijn. De vaandeldrager loopt immers altijd voorop in de strijd. Mocht hij daarbij om het leven komen dan blijven er in ieder geval geen rouwende vrouw en kinderen achter.

Jan Visscher Cornelissen is zo’n welgestelde vrijgezel en wordt in 1637 vaandeldrager van de compagnie. Men omschrijft hem als een goed opgeleide koopman met een onderzoekende geest en brede interesses. Bovendien heeft hij een grote verzameling boeken, schilderijen en tekeningen. Cornelisen is met zijn goede reputatie het perfecte paradepaardje voor de schutterij. In de Nachtwacht krijgt hij dan ook een glansrol vol in het licht.

En de “waterbergen” die zijn gelukkig helemaal verdwenen…Niets van last meer van. Oef! Dat was toch effe billen knijpen.

STADSWACHT (15): WET WET WET

Terug van Kunst in het Dorp beslis ik om na een paar dagen rust de tekeningen van hun bubbelfolie te ontdoen en ze maar ’s naast mekaar op te stellen. Dit is nodig om de overlappende figuren uniform in te kleuren. Er zou anders wel eens een kleurverschil tussen beide panelen kunnen ontstaan.

Maar bij het lossnijden van de verpakking valt me op dat deze nog langs binnen nat is. Bij de afbouw van Kunst in het Dorp regende het (nogal hard) maar intussen waren we wel al 4 dagen verder en zo veel water had ik nu ook weer niet verwacht… Damagecontrol: van het linkse paneel is voor 3/4 van de hoogte een strook van 5cm kletsnat papier. KAK! En natuurlijk kon het niet anders dan dat dat de rechtse kant (dus vlak naast de scheiding van beide panelen) moest zijn.

Met een lamp en scheluw licht was het direct zichtbaar: opgeblazen papier in een fijne strook loopt als een dartel riviertje over de tekening. Er kunnen erge dingen gebeuren bij een transport maar dit hier had ik mij nu ook weer niet aan verwacht.

Met een papieren verdoezelaar probeer ik de “bergwand” aan opgeblazen papier plat te drukken hopende dat, wanneer het papier droogt, het terug tegen de rug zal kleven. Tegelijk denk ik na over mogelijke technieken die ik nog zou kunnen toepassen om tijdens het drogen het papier toch opgespannen te krijgen. Ik denk aan dingen die ik eerder heb toegepast op doeken en op papieren wanneer ik met water werk maar ik kan momenteel niets beters bedenken dan heel zachtjes drukken op de verhoging. (Ik had ervoor geprobeerd met een deegrol de bergketen plat te rollen maar dat had geen effect).

De dag later is het papier gelukkig al droog en “het probleem” is bijna niet meer te zien. Ik leg er mij bij neer en reken er op dat – eens de zone ingekleurd zal zijn – er niets meer van te zien is. Dat is dan finaal nog het grote geluk: de natte zone was nog niet ingekleurd of althans niet met wateroplosbaar materiaal. De aquarelpotloden waarmee ik werk zijn zo goed dat bij de minste drup of spat ze oplossen. Zalig om mee te werken maar niet wanneer het voorvalt zoals hier.

Enfin, na alweer flink wat uren getekend zijn we toch een paar stappen verder dan de beginfoto van deze blog. Ik help je wat met de 10 verschillen: de figuur met zwarte hoed achteraan heeft nu een volledig zwarte pull aan, de man de groene vest heeft een broek aan (allez, hij had die al aan maar nu heeft ze ook een kleur), de dame links achteraan haar kledij + haar is ingekleurd, de frontman zijn linkerhand werd uitgewerkt en een goede aanzet van zijn rechterhand werd getekend, het jasje werd (in geel) uitgewerkt.

STADSWACHT (14): GET ON THE FLOOR

De titel pikte ik van DJ Bart Vermandere (https://www.mixcloud.com/bv3/ ), naast DJ ook toegankelijkheidsambtenaar bij Stad Gent. Maar voor mij dus vooral bekend als rustige, stille man die op een interessante manier plaatjes aan mekaar weet te mixen. Op zijn Mixcloud kan je meerdere van zijn dans- of radiomixen beluisteren.

De portretten staan er nu allemaal op, dat kon je lezen in de vorige blogs. Omdat ik dus de komende weekends in Bellingen aan live het tekenen ben, moest ik wat voorsprong nemen op het schema. Een “wit blad” met wat koppen op zegt het grote publiek allicht niet veel. Daarom wou ik toch het stuk boven de hoofden inkleuren en ook wat invulling geven. Meer over de opbouw van de achtergrond las je in blog 10.

Ik kom snel tot de vaststelling dat ik de invulling van de panelen niet los van mekaar kan doen. Ze moeten dus weer beide naast mekaar worden opgesteld. Maar…lijnen trekken op een ezel, dat is niet vanzelfsprekend, dus leg ik ze maar op de livingtafel. Ik heb het geluk ooit een (veel te) grote livingtafel te hebben waar de panelen kunnen op liggen (ook al steken ze er langs alle kanten over).

De beide deuren op de achtergrond vallen natuurlijk meteen op. Die teken ik dan ook eerst uit met de gekende aanpak: eerst grijswaarden, dan inkleuren en daarna weer diepte geven. De stenen muren links, rechts en tussen de deuren moeten nog voorzien worden van lijnen. Daar had ik enkel aanzetten gegeven bij het schetsen. Blijkt 1 portret dwars door het decor te lopen. Die werk ik dan meteen ook verder uit.

Maar dan is er ook nog de vloer. Om mij de moeite te besparen om later nog ’s die panelen te moeten naast mekaar leggen, begin ik ook de vloer uit te werken. Dat is een ander paar mouwen! De deuren en de gevel zijn nogal “recht” in het vlak. De vloer daarentegen is in perspectief te tekenen. Hoe ga ik dat aanpakken? Na een beetje prutsen met de latten beslis ik om het op de goede oude methode te doen. Ik zoek het vluchtpunt en neem een koord en begin lijnen uit te zetten. Net zoals Vermeer dat deed 400jaar geleden. (meer weten: bekijk bvb de aflevering Het geheim van de meester)

Ik kom finaal uit op de schouder van één van de collega’s en markeer het punt met een * Ik heb geen zin in gaatjes in mijn tekening (sorry Johannes), ik neem een papierklem en bind er een koord aan. Zodoende kan ik vanuit 1 vluchtpunt al mijn lijnen voor de vloertegels uitzetten.

Terwijl ik bezig ben en de vloer zo zie, wijken mijn gedachten af naar de scène uit Saterday Night Fever waar John Travolta over de dansvloer swiept. In de film heeft onzen John wel een zwarte broek aan, op de affiche is het een witte 😉 Ik maak als pauze dit grapje met mijn eigen vloer 😉

Zodoende staat dus de basis voor de achtergrond boven de hoofden er nu helemaal op en ook de vloerpartij is getekend. Hoe het verder verloopt, lees je in een volgende blog of kan je zien op Kunst in het Dorp te Bellingen.

GF22: Wandeling, Radio 2000 en Laial…

Laatste dag van de Gentse Feesten 2022. Op mijn programma: Radio 2000 en de voorstelling Laial and the Flight of the Imagination. Maar ik was wat vroeger gekomen en had dus nog zo’n 45 minuten “te vullen”. Dat deed ik met een wandeling van Kalandeberg tot aan Baudelo. Helaas vond ik de ingang van de Baudelokapel niet (of was die nog gesloten) en heb ik de expo Dacart aldaar gemist. Maar ik heb onderweg heel wat afsluitende activiteiten gezien (zoals de markt aan de Ajuinlei/Predikherenlei), een soort van rariteitenkabinet in de oude bibliotheek aan Baudelo (alles is daar te koop), goed gevulde terrasjes, paraderende modellen, veel zon, vrienden en vriendinnen en zelfs iemand die ik me niet meer herinnerde 😉

Toch ook effe van geprofiteerd om een foto van de trap (kant trouwzaal) van ’t stadhuis te nemen. Wie mij volgt zal wel zien waarvoor dat weer goed is…

Veel plezier met het foto-overzicht van de dag 🙂

GF22: de loodjes met nog veel poppentheater en Gentopia

Ahaaaa…zondag laatste dag van de Gentse Feesten (het blijft wennen dat het op zondag is) maar wie nu nog wil afzakken naar Gent (of NOG eens wil afzakken) met kinderen heb ik volgende agendatips.

Het Puppetbuskersfestival blijft een vaste waarde, ook vandaag. Zowel op de Kalandeberg (het kleine gezellige pleintje aan de koestraat) of “the Green” (het groene plein achter de Sint-Niklaaskerk) of het Augustijnenklooster (naast de bar met hetzelfde bier). La Compagnie Zusvex, Fietswolven, La Compagnie Les Petits Délices, Puurlain, Cia Tua Mateixa Marionettes en Compagnie du Grand Hôtel spelen nog vandaag. Heb je nog geen voorstellingen gezien, dan zal je een beetje moeten kiezen vrees ik 😉 Ik kan je misschien wel een beetje op weg zetten…

Wie een vaste fan is van het festival heeft Compagnie Les Petits Délices, iets voor globetrotters, zeker al eerder gezien. Ze waren al in 2013 en 2021 op het festival (lees hier de review van toen). Het Gebroken Hert (Fietswolven) is allicht erg leuk voor romantische “prins op het witte…hert”-zielen, De Sterrenplukker is dan weer meer voor tijdreizigers, Laial en de vlucht van de verbeelding (zie video hieronder) lijkt me eerder iets voor dromers en graagslapers 😉 En dan valt nog te ontdekken: Pom Pom Girl & Radio 2000 (te reserveren ter plekke)

Zijn uw kinderen meer van het “doe”-type of heb je’t finaal een beetje gehad met poppen, ijsjes, toilet en andere klassiekers, dan kan je nog naar Gentopia aan de zuid. Achter de werf van het Wilsonplein (je kan zowel links als rechts van het gebouw) vind je springkastelen, optreden, nog meer ijsjes, water, toiletten,… Vergeet niet aan te melden bij de DOUANE van Gentopia. Daar krijgt elk kind per leeftijdsgroep een bandje. Zo blijven de kleintjes en de grootjes lekker veilig en vrij op hun eigen terrein. Vinden de kinderen dat ook nog “déja-vu”, laat ze dan gewoon los in het park. Ge kunt er op uw gemak zitten babbelen terwijl de kids al hun energie kwijt kunnen 🙂 En finaal neemt ge ze mee naar de Vlasmarkt voor nen Irish Coffee dat ze ’t al wat gewoon worden voor later…

Zondag markt in Kluizen

Omdat ik vandaag bezig ben met de voorbereidingen voor de markt van Kluizen (bij Evergem) komende zondag, is er geen Danaë-blog. Een gezellige (grote) gelegenheid om nog ’s de bekende koppen te zien en nog ’s samen de dag vol te lullen. Zoals we dat al meer dan 20 jaar samen doen. Maar ik heb wel nog iets te vertellen na de expo van Drongen.

Het meest vertelde verhaal op de expo is zonder twijfel dat van de Kermis van Hoboken (Bruegel). De tekening die ik maakte naar de nog bestaande tekening van Bruegel. Het hele verloop en alle blogs daarrond vind je HIER.

Van de tekening van Bruegel werd een ets gemaakt en een druk maar die druk was (vermoedelijk) niet zoals Bruegel die zelf wou. Het was dan ook voor Bruegel snel duidelijk dat hij naar zijn vertrouwde drukker/etser terug moest. De tekst op de banier (waar een deel van het mysterie om draait) is helemaal aangepast. Hieronder de tekening van Bruegel, de etsdruk en mijn versie.

De tekst werd door de etser aangepast. Of dat in opdracht van Bruegel is gebeurd is niet duidelijk maar zeker is dat de tekst op de ets niet dezelfde is dan de tekst op de tekening. Ik probeerde zo dicht mogelijk bij de originele tekst te blijven (met als gevolg dat ook deze onleesbaar is gebleven).

Een ander topverhaal was dat van de imkers. De honingdieven waarvan je het hele verhaal HIER kan vinden. Ik verwijs daarbij regelmatig naar de 4e man in de boom. Die lijkt heel erg op de man in de boom in het schilderij “de nestrover”.

Het linkse is beeld is ook weer zo’n typische Bruegel: het verhaal van de splinter en de balk. De man op de voorgrond wijst naar de eierdief die – zo voorspelt zijn pet – niet lang meer in de boom zal hangen. En dat voor een paar eieren. Tegelijk loopt de figuur op de voorgrond in volle vertrouwen recht de afgrond en de beek in. De imkers (de honingdieven) hebben een vergelijkbare figuur rechtsboven. Deze valt weliswaar niet uit de boom. Hij staat op de uitkijk terwijl zijn collega’s de buit veilig stellen. Zullen de dieven het zonder kleerscheuren halen? Of gaan ook zij recht de afgrond in? Het waren moeilijke en harde tijden in de 16e eeuw. In ieder geval is op beide werken de spreuk “dye den nest weet dye weeten, dyen roft dy heeten” van toepassing.

PS: ivm het linkse schilderij wordt wel eens gefluisterd dat Bruegel voor de grote figuur op de voorgrond geïnspireerd werd door Michelangelo.

Het schilderij de eierdief is te zien in het Kunsthistorisch Museum van Wenen en meet 59.3 × 68.4cm. Tiens…dat is nog ’s haalbaar voor een Bruegel 4 te maken 😉

Bekeken en goedgekeurd

Wat een zotte meimaand en begin junimaand was dit? Onder de rubriek “te veel hooi op het vork” was dit al bijna een hele hooikar op het vork. Het was druk en bij momenten wist ik begot niet meer waar mijn kop naartoe was. Nu de expo achter de rug is, is het tijd voor een eerste terugblik…

We hadden 2 lange weekends expo. Ahaaa…het eerste weekend was dat met de vele lekkernijen waarvan Brecht van Coffee.Beez ons wist te voorzien. En die kwamen goed van pas want onder zijn tentje was het gezellig, soms druk, maar zeker droog. Wie voor, na of tijdens onze expo last had van de regen kon er terecht voor een lekker bakkie koffie of de inmiddels legendarische chocomelk.

Maar je kwam natuurlijk niet alleen voor Brecht. Je kwam voor de kunst! En dat blijft een moeilijke in het landgoed De Campagne. Er komt nauwelijks volk langs, dus is er veel – heel veel – inspanning te doen om mensen te laten weten dat er iets te doen is én ervoor te zorgen dat ze ook langs komen. De promocampagne neemt daarom een flinke hap uit het budget. En met de kater rond subsidies waren er deze keer ook geen aperitiefmomenten op zondag geprogrammeerd.

En toch kwamen jullie in grote getale opgezet! Het eerste weekend zat er al meteen boenk op met 332 bezoekers. Het tweede weekend deed het nog beter zodat we finaal afkloppen op 681 bezoekers. Ik heb héél veel zin om iedereen waarvan ik me kan herinneren dat ze geweest zijn hier persoonlijk te bedanken maar ‘k ga er zeker vergeten en dat zou spijtig zijn. Dus bij deze een bloem voor jullie en een dikke merci om (trouw) naar De Campagne te komen.

Er waren ook veel nieuwe gezichten bij. Zelfs weer mensen die nog nooit eerder van mijn expo’s hadden gehoord. En dan zijn we “nog maar” 22 jaar bezig 😛 Ik kan iedereen alleen maar aanporren om zich te abonneren op mijn blogs (via de home pagina, naar onder scrollen en uw mailadres invullen) zodat je altijd op de hoogte blijft.

Na de opkuis blijft de zaal wat verlaten achter. Het is toch een hele andere beleving wanneer ze terug “kaal” wordt en de reftersfeer weer de overhand neemt. Tijd om mijn nacalculatie te maken. De verkoop bleef helaas uit, dus dat wordt weer een put van enkele duizenden euro’s. Om maar te zeggen, alleen al de kinderzoektocht kostte zo’n 405,12euro. De gedachte om inkomgeld te vragen duikt toch weer op.

Enfin. Om het met andermans woorden te zeggen: “het is volbracht” en ik ben een tevreden man. Merci aan iedereen die het project mee heeft gesteund, die er reclame voor heeft gemaakt, die vrienden en/of familie heeft meegebracht, die nog ’s terugkwam,… Aan Kathleen om de volledige permanentieshift van zaal 1 op te nemen, aan Tessa om al dat volk tot in Drongen te krijgen, Carlos voor de taartjes en de babbels. En een hele, hele dikke merci aan de sponsors Barlufin, Tic-tac en Convas! Merci thuisfront voor alle regelingen die moesten worden gedaan.

Of ik er nog een vervolg aan brei, dat blijft spannend, het moet ooit wel eens stoppen. Maar dat zien we later dan wel weer lieve beeldbuiskindertjes 🙂

EXPO 13: van 26.5 tem 6.6 – Drongen

Nog iets meer dan 2 weken slapen en dan mag je helemaal ontwaken in de meest zonnige lentebui ooit. Dan is er de nieuwe ART-tist expo met deze keer de bevallige naam “EXPO 13”. Eenvoudigweg omdat het de 13e expo is van deze biënnale van Drongen. Meer info op www.art-tist.be

Ook deze keer doe ik mee met veel nieuw (corona)werk en ook enkele niet eerder geëxposeerde werken. De expo zal voor mij grotendeels lopen in het kader van kunst tussen 1350 en 1650. Dat is zo wat de kunstperiode startend bij Van Eyck en de Vlaamse Primitieven en eindigend bij Frans Hals in de Gouden eeuw. Maar er zijn ook renaissancebeelden bij. En er is al een knipoog naar mijn expo in 2023!

Ik zou “de Max” niet zijn mochten er bij deze beelden niet telkens stoere of interessante of spannende verhalen bij zitten. En waarom niet een cumul van alles 😉 Het wordt een niet te missen editie waaraan niet alleen de kunstliefhebber maar tegelijk de innerlijke mens/fijnproever of de jeugd plezier zal beleven.

EXPO 13 gaat door van 26.5 tem 6.6 telkens van 10u-18u op do-vr-za-zon (weekend 1) en za-zo-ma(weekend 2). volg ART-tist via Facebook of website

KIDSTOER: kinderen kunnen een Lego-zoektocht maken. Ben jij een goede speurneus, dan mag je achteraf uit de grabbelton kiezen.

SPECIAL 1: op zondag vertellen kunstenaars uitgebreid over hun werken. Een exclusieve kijk achter de schermen & vele weetjes.

SPECIAL 2: Op zaterdag 28 en zondag 29 mei voorziet Coffee.Beez een “lekkerbekkenfestival”. Niet te missen voor wie graag geniet van speciale koffies, exclusieve theesoorten of een grote “toef” slagroom en m&m’s een must vindt op de chocolademelk. Of een exclusief MAK-bier? Dat kan ook altijd. Altijd wel iets voor alle leeftijden.

kunstenaars
Mag Vermeiren – Keramiek & brons – weblink – speeddate
Max Van Hemel – Tekeningen – weblink – speeddate
Carlos Caluwier – Keramiek, brons & PLA – weblink
Gillian Temmerman – Creatieve schrootverwerking – weblink
Hannah Hoebeke – Sculpturen – weblink
Tamara De Prest – Schilderijen & mixed media – weblink
Katleen Van Huffel – Fotografie – weblink
Sofie Jansegers – Schilderijen – weblink
Tessa Kerre – Pastels – weblink

Portret van Ellis

Door de evolutie van het portret een mengeling aan potloden: houtskool, schetspotlood, pastelkrijt op grijs karton. Deze kleine duvel met haar blauwe ogen heeft ’t mij niet gemakkelijk gemaakt 🙂

Het was niet echt de bedoeling om een volwaardig portret te maken. Zoals ik het al meermaals heb gezegd: mensen kruisen mijn pad en zodoende bestaat de kans dat ik er al eens een tekening van maak (of nog erger: hen meesleur in een tekenproject 😉 ). Bij het portret van Ellis zou ik snel snel een schets in potlood maken en dan de dagelijkse bezigheden opnemen. Voor de keren dat ik écht vrijaf neem, ga ik verplichtingen liever uit de weg 🙂 Maar haar typische blauwe ogen kon ik niet weergeven louter met mijn bruine schetspotloden.

Om dat achteraf nog mogelijk te maken, zonder vermenging van de kleuren, heb ik eerste de schets gefixeerd en daarna opnieuw bewerkt met pastelkleuren en tegelijk de contrasten wat verhoogd. Hoe de tekening er “oorspronkelijk” uit zag zie je hieronder. Over 200jaar kunnen de experts dan uitvlooien hoe het nu precies zat met die kleur, waarom en wie die kleuren heeft aangebracht en wanneer. Was het een modegril? Een ontevreden klant of kleurde Ellis haar ogen zelf bij op later leeftijd? Zij gaan er hun tanden op stuk bijten maar jij, lieve lezer, weet het nu al 😉

Goedkoper verwarmen?

Naast mijn carrière als tekenaar van schoons ben ik ook hobby-ingenieur voor een grote organisatie 😉 Dus ook op gebied van gebouwen e.d. heb ik toch wel wat kennis in één van mijn hersenlobben. Misschien nuttig en interessant dit te delen.

In een eerdere blog had ik het al eens over hoe je huis gratis afkoelen. Ik ga het bij deze niet hebben over hoe je je huis gratis kan opwarmen (al kan je al beginnen met de zon binnen te laten) maar wel hoe je jezelf toch wat energiekosten bespaart bij het opwarmen van de woning.

Lees verder “Goedkoper verwarmen?”

Horreur #1

Toen ik begin deze maand naar MUZEE trok zag ik daar een schilderij van Thierry De Cordier met de titel “Dieu est une poire” dacht ik meteen “wat een walgelijk idee om een schilderij naar een peer te noemen”. Een grote peerachtige blauwe vlek op een doek.

Toch had ik de dag voordien zelf een peer getekend, nog niet wetende van het schilderij van De Cordier. Omdat ik een hekel heb aan peren, zou ik de tekening eenvoudigweg “horreur” noemen.

Ik vond de vergelijkingen van beide peren best interessant. Omdat mijn afkeer voor peren feitelijk oneindig is herdoop ik deze tekening tot “horreur #1”. Lijkt me grappig, niet?

Het laatste portret

Ik kondigde al aan dat ik over 2022 heel wat veranderingen zal doorvoeren in mijn werking. Jullie zullen hier zeker nog een belangrijke rol in krijgen, wees daar maar zeker van 🙂

Voor we de ruimte kunnen vullen met nieuwe ideeën, moeten we eerst ’s grote kuis houden. Het stapeltje portretten daar moet ik me nog ’s over buigen. Portretten in opdracht zijn altijd de meest interessante investering geweest. Al waren er altijd mensen die dachten dat “de aap” voor een nootje een truukje kan doen, zijn er tegelijk veel meer mensen die de kunst, de ervaring en het vakmanschap weten te waarderen. En ze hebben gelijk gehad!

Wie in het verleden een Max heeft besteld mag daar nooit spijt van hebben. Daarom heb ik er altijd aan gewerkt om alles vlot en met een topkwaliteit af te leveren. Tegelijk heb ik mijn creatieve werken gebruikt om de portretten een (financiële) meerwaarde te geven én artistiek-technisch alsmaar sterker te maken. De portretten van mijn beide zonen met 12 jaar interval die in huis hangen getuigen van de permanente groei.

Toch wil ik bij deze aankondigen dat ik vanaf 2023 stop met portretten in opdracht te tekenen. Zo kan ik mij ten volle concentreren op het creatieve werk.

Wil dit zeggen dat er geen portretten meer zullen volgen? Neen. Er zullen nog wel portretten volgen maar die zullen enkel nog gemaakt worden binnen een project of op vrijwillige basis (het toeval kruist mijn pad 😉 ).

Dus wie nog een portret zou willen bestellen: 2022 is hét jaar. Wie al eerder een portret bestelde en een nieuw wil bestellen, mag dat ook nog na 2022 doen. Wees gerust, ook daar blijft mijn kwaliteitsgarantie gelden 🙂

Get Back!

Na 3 weken schoolvakantie (en voor mijne jongsten was dat 4 weken) gaan de kinderen vandaag weer naar school. Beetje aangepaste corona-quarantaineregels maar voor de rest blijft alles (eindelijk) eens wat stabiel.

Het einde van de schoolvakantie betekent tegelijk dat ook ik weer aan de slag moet. Voor “het dagelijks brood” op de plank en om al mijn tekenwerk mogelijk te houden. Ik heb genoten van mijn weekje los van de verplichtingen en gezellig bij het gezin. We hebben de hele familie gezien en zelfs (gerookte) vrienden op bezoek gehad. Maar nu is het tijd om de joekel van een achterstand op de blog van kunstvriend Koen Schyvens in te halen. Die heeft met MDLM-reeks niet stil gezeten. Wat een blogtempo!

Dus toch een beetje een boe on you en ook een beetje hoera. Maar gisteren dacht ik er nog net even anders over 😉

PS: klein weetje: vandaag 53 jaar geleden stapte George Harrison het af bij The Beatles. Hij kwam later nog wel terug maar de groep zat duidelijk op zijn einde. Eerder al hadden JL en PM gezegd te willen “scheiden”.

Tekening naar een beeld uit het MSK te Gent

2022: adagio voor twee

Mijn nieuwjaarsbrief is dit jaar een specialleke. Voor mij ging 2021 op maatschappelijk vlak vooral over de strijd rond “het grote onzichtbare”. Zoals bij stembusresultaten zag ik tot mijn grote bezorgdheid en spijt veel verdeeldheid onder de mensen. “Het grote onzichtbare” had/heeft het op onze dagelijkse gewoontes gemunt. Op sommige momenten was het bijna alsof we terug naar de tijd van de ontdekking van AIDS of de ontsnapping van Dutroux gingen.

Vrijheid van het individu staat/stond diametraal tegenover het welzijn van de hogere (wereld)gemeenschap. De kruisvaarders tegen de ketters (waarmee ik geen oordeel vorm over wie wie is). De wetenschappers versus de dokter-specialisten op sociale media.

Het grote onzichtbare maakt beweegredenen abstract, ontastbaar, ongezien. En ik had het daarbij niet alleen over bvb luchtvervuiling, stralingen, dumpen van zware metalen ergens in Afrika of India,…Natuurlijk heb ik ook covid en de vele nu nog onzichtbare gevolgen die zullen volgen uit deze periode. Tegelijk waren de beweegredenen van onze politiekers soms ook best on(door)zichtbaar.

Had dit allemaal impact op mijn tekenwerk? Ja hoor. De expo’s – als ze al door gingen – verliepen binnen een totaal andere sfeer, continue onzekerheid, zal er wel volk op afkomen,…Het maken van tekeningen lag een jaar op zijn gat. Weinig kans op modellen, verstoorde werking, geen opties om geplande projecten uit te werken. Toch was het tegelijk een jaar van vernieuwde opportuniteiten: zonder corona was bv de Lachende Cavalier er niet gekomen. Zonder Lachende Cavalier was de Treinbegeleider er niet gekomen. Zonder Treinbegeleider was mijn tekening niet in het Stripmuseum geraakt. Een onverwachte wending waar, met een positieve benadering, nog meer positiviteit uit kwam.

Ik weiger werken te maken waar de kijkers niet in verwondering of blij van worden. Ik wil dat de kijker een goed gevoel overhoud na het zien van mijn tekeningen, daarom zijn ze ook de MAX niet? 😉

Ik wens jullie allemaal een tof eindejaar met veel adagio, gezelligheid (echte of virtuele) en zoals ons moeder zou zeggen “gebruikt uw verstand” 🙂

Adagio for 2

POP ART (SMAK)

Vandaag stond een bezoekje aan ’t SMAK op het programma. Een expo rond Pop Art spreekt me altijd aan. Zeker de goede herinneringen aan de expo Pop Art in het BAM (Mons) was geweldig en viel zeker in de smaak.

Pop Art gaat wel ruim. Je hebt de bekende “must have” items: het soepblik, een Lichtensteinstrip. En dan? Dan vult het SMAK aan met enkele interessante items uit geleende en eigen collectie. Soms (alweer) van de pot gerukt maar meestal wel best verteerbaar. Naast elk werk staat een QR-code met extra uitleg geschreven door iemand die allicht eerst een lijntje coke heeft gesnoven om psychedelisch psychotische achterliggende (com)plotten te kunnen schrijven.

Omdat we dan toch binnen waren, gingen we toch nog ’s naar de bovenverdieping. Dat is dan weer om te huilen. Het is triestig dat zoveel subsidiegeld en zoveel werkruimte naar dit soort rommel gaat. Gent wil graag shockerend progressief zijn en dat is super. Toch gaat dit ten koste van de esthetica, voor zover men dat woord in de SMAK-omgeving nog kent. Ik stelde me meermaals de vraag of ik in een instelling voor geestesgestoorden aan het lopen was. Elk zijn gedacht natuurlijk…

Frans Hals: de lachende cavalier (12)

Challenges altijd de uitdaging waard. Elke zomer verleg ik een grens, ga ik in dialoog en tegelijk in een soort steekspel met een bekende kunstenaar en een iets minder bekend werk. Een topwerk met een verhaal en een hogere technische uitdaging. De uitdaging loopt over de zomer omdat dan het exposeizoen zichzelf niet “ververst”. Er zijn geen nieuwe expo’s, wat loopt loopt wat niet loopt start ergens in september.

2 juli lanceerde ik een teaserblog om officieel te starten op…

Lees verder “Frans Hals: de lachende cavalier (12)”

Frans Hals: de lachende cavalier (11)

Was het je ook opgevallen dat er bij de vorige blog ergens “tekst” stond tussen de foto’s? De blog stond al klaar geprogrammeerd voor publicatie maar ik was nog niet klaar met schrijven…En om die opmaak al klaar te kunnen maken zet ik dan soms “tekst” tussen de foto’s, dan weet ik waar ik nog iets moet schrijven. Maar dat was ik dus uit het oog verloren met de vorige blog. Ik zal – nog maar eens – moeten toegeven dat ik wat te veel hooi op mijn vork aan het nemen ben de laatste dagen: de cavalier, het marktje in Menen, het (grote) Kunst in het Dorp, de planning 2022 en ja daarnaast heb ik nog een “hobbyjob” te onderhouden om deze kunstactiviteit te sponsoren. Een bekend Belgisch politicus zou al eens durven stellen: “trop is te veel én teveel is trop”.

De tekst ging ‘m natuurlijk over die “ajuin”. Het topje van een zwaard…Of was het een degen? Of een rapier? Ik ging even op onderzoek naar was nu precies de verschillen zijn. Want toegegeven: onder de bekendste zwaarden kennen we Excalibur (het zwaard in de steen van koning Arthur), het typische samuraizwaard, het degen van Zorro, het zwaard van Ardoewaan,…of een moors zwaard. En als je er even bij stil staat, die kennen allemaal een andere vorm. De kwestie is dus met welk wapen hebben we hier te maken?

En dan begon ik met zoeken naar zwaarden uit “de gouden eeuw”. En ziet waar ik op bots: het zwaard van ene Michiel De Ruyter (voor de Belgen doorsnee een onbekende maar toch wel één van de meest bekende Nederlanders) en de rapier van Rubens. Zonder chauvinistisch te willen zijn, ga ik iets dieper in op dat laatste omdat die nog het meeste op het zwaard van mijne cavalier lijkt maar ook omdat het wel wat op dat “zwaard” lijkt.

Nu noemt men “het zwaard” van Rubens een “rapier“. Een rapier is een relatief slank, scherp gepunt type zwaard dat vooral in de 16e en 17e eeuw in Europa werd gebruikt. Rapier en degen werden vooral gedragen en gehanteerd door de rijke burgerij, die steeds meer aan belang won. Deze burgerij hechtte meer waarde aan sierlijkheid dan aan efficiëntie en zodoende werd het rapier meer en meer verfijnd.
Dit leidde uiteindelijk tot de ontwikkeling van de degen, een slankere, lichtere versie van het rapier.

Dit past perfect in ons kraam en bevestigt dat de cavalier een gegoed burger. De “ajuin” is duidelijk het einde van het degen. Dat het een rijk versierd stuk is – en dus het model van Rubens benadert – is wel duidelijk. Niet alleen aan het uiteinde kan je dat zien. Op het schilderij is het haast onzichtbaar maar door de reconstructie kan ik u het gevest ook laten zien. Dat zal later weer in de duisternis van de schaduwen verdwijnen. Geniet van het moment zou ik zeggen 🙂

Frans Hals: de lachende cavalier (10)

OK, kunnen we concluderen dat “de lachende cavalier” eigenlijk “nen ajoin” is? Zou dat niet leuk zijn! Na al die hypothesen van dat het een rijk edelman is of een kleermaker of (kleine kans) toch een cavalier blijkt het finaal een Aalstenaar te zijn. LOL. Geweldige ontdekking zou dat zijn 🙂

Maar dat is het meer dan waarschijnlijk niet. En toch…stel dat we deze frivole vent een naam zouden mogen geven, hoe zouden we hem noemen? Zet de ideeën maar in de opmerkingen 🙂 Ik ben ’s curieus hoe jullie hem zien.

tekst

Frans Hals: de lachende cavalier (09)

Een weekje Parijs had als resultaat dat er vorige week geen Cavalierblog was maar goed, voor de Instagram-volgers was er zeker genoeg input: foto’s van straatjes, parken, bistro’s en schetsen ergens ter plekke 🙂

Nog even terugkomen op blog 08. Ik had het daar over die valse mouwen en nonkel Albert 😉 Het gezicht op het schilderij waar ik naar verwees heeft officieel nog steeds geen naam maar wanneer ik verder lees, dan is er toch wel heel wat twijfel dat het heerschap op het schilderij niet Isaak Abrahamsz Massa is. Deze man poseerde meermaals voor Hals en was hij ook al niet de man met de pose waarbij iemand over de schouder kijkt? Ik laat u zelf oordelen of het om dezelfde persoon gaat of niet…

Isaak Abrahamsz Massa of niet?

Isaak Abrahamsz Massa (zeker)

Let bij bovenstaande ook ’s op de mode van de tijd. We hadden het er al eerder over maar ik wil er toch graag nog’s de nadruk op leggen. De hoed lijkt wel een vergelijkbaar model van dat van onze cavalier, niet?

Bij blog 08 gaf ik een aanzet naar het laatste stuk van de mouw. Enkele knoppen kregen al een onderkleur. Daar heb ik verder aan gewerkt. Maar ook nog een stuk mouw (binnenkant elleboog) is ingekleurd. Omdat de foto’s verkleind zijn is het misschien niet allemaal zo duidelijk maar nog even geduld. Wanneer de tekening klaar is, zet ik ze in hoge resolutie op de laatste blog van deze reeks.

En dan was er ook nog die gouden ajuin die in bijna uit het niets opduikt. Zo gefocust op de vele kleuren en kleine tekeningen dat ik die knobbel bijna uit het oog was verloren. Die knobbel hoort bij een zwaard maar daarover later meer. For now houden we het frivool op een gouden ajuin. Aalstenaars vinden dat zeker best OK zo 🙂