Koffie met koekskes

Het succes van de cultuursector hangt samen met het applaus van het publiek (en ook wel met wat er daarbij in de hoed valt). Ik doe het voornamelijk voor het applaus omdat ik het zalig vind om kunst te delen. Omdat ik vind dat die goeie (ouderwetse?) schone kunsten te weinig mediaaandacht krijgen in vergelijking met (hippe?) moderne kunst.

Kunst moet shockeren, moet vraagtekens oproepen, moet controversieel zijn. Ik spreek dat niet tegen. Maar mag kunst ook gewoonweg even mooi zijn, de ziel tot rust brengen, een goed gevoel geven, een lach toveren op je gezicht? “ça vaut le détour”, zouden ze in de Michelin zeggen. En dat is wat ik probeer te doen met wat ik maak of waarover ik vertel. Ik hoop dat het jullie allemaal een fijn gevoel geeft.

Met een virtueel publiek zie je niet altijd hoe druk het is in de expozaal waar je bent. Ik ben bijzonder fier over hoeveel mensen mijn site blijven bezoeken. Ondanks corona en dat ik dus geen kansen heb om buitenshuis (nieuwe) mensen te verwarmen met verhalen, spreken de statistieken voor zich. Ik deel ze graag met jullie…

Dit jaar werd de site al 7.142 keer bezocht. Dat is iets minder dan het top-expo Magie-jaar 2019 maar lang niet veel minder. Elke dag wordt mijn site gemiddeld 50x bekeken.

Via Facebook krijg je een nog explosiever verhaal, maar daar is de beleving dan ook anders. Deze maand kwamen maar liefst 4.500 bezoekers over de vloer (ruwweg dus 22.000 al dit jaar). Dat waren bakken koffie met koekskes om uit delen 😉 En jullie zijn allemaal welkom!

Het is en blijft hartverwarmend om jullie enthousiasme te zien en de steun doet me goed. Wees altijd welkom en laat gerust een berichtje of een commentaartje na als je iets aanspreekt. Je doet er mij en – wie weet – nog vele anderen plezier mee 🙂

Het stalen ros van Heer Borluut – deel 2

Vandaag hebben we dan deel 2 van de fietstocht gedaan. Een heel ander landschap zowaar. De rit begon in voor ons aan de Watersportbaan (knooppunt 52) en zo door de stadskern naar Gentbrugge, Heusden, Melle, Merelbeke, Zwijnaarde. Vandaag geen bijzonder sjieke villa’s maar wel veel velden, meersen,..groene ruimte dus. Hier en daar een paar kasteelkes en zo nu en dan een goed excuus om een knooppunt aan Van Eyck te linken (al vond ik de uitleg soms nogal magertjes, maar goed, ’t is voor “de sfeer” 😉

Voor het eerst ben ik over de fietsbruggen over de E40 en over de R4 gefietst. Leuke ervaringen.

Ons rondje was vandaag goed voor bijna 45km en een tijd van 2u11. Dat vind ik best OK. De route naar Oostende is al ingepland op de app 🙂

 

Het stalen ros van Heer Borluut

Met het Van Eyck-jaar werd er een wandeling door het centrum van Gent en 2 fietstochten rond Gent uitgetekend. Met dit zonnige weer dachten zoon en ik dat we op zijn minst een deel van de fietstocht zouden moeten gaan doen. En dat deden we… Wij namen de route “het stalen ros van Heer Borluut

Van Mariakerke naar ons startpunt 61 in Drongen centrum en zodoende naar Baarle. Daar moesten we omrijden want het veer vaart niet uit door de corona. Ik had het toch wel thuis nagekeken maar de dienst Waterwegen vond een algemene vermelding zonder meer informatie blijkbaar genoeg info (’t blijven ambtenaren niwaar). Dus reden we om door SM Leerne en langs Laarne… De rode lus (zie foto onder) van waar de tekst “Baarle” start tot ongeveer hetzelfde punt aan de overkant van het water hoort in de regel niet bij de route en was “een klein extraatje”…

Maar met de app van de fietsroutes kan je eigenlijk redelijk gemakkelijk je nieuwe fietsroute uitstippelen door kruispunten aan te klikken waar je naartoe wil fietsen. En de fietsroutes zijn zeer aangenaam om te fietsen. Ik zou er niet met een koersmodel met zo van die dunne bandjes langs gaan (er zijn namelijk ook onverharde of kiezelwegen bij) maar met een gewone stadsfiets is het zeker te doen.

En hebben wij mooie dingen gezien? Zeker wel! Vooral veel mooie, (te) grote huizen en zalig veel groene lanen en paadjes langs de Leie. Tot in de stad zijn we niet geraakt. Gelet op de omweg, hebben we vanaf knooppunt 67 doorgestoken naar knooppunt 56 om zodoende langs de R4 terug naar huis te fietsen. Een fietstocht van 2uur en 36km ver. En zodoende hebben we dan het beeld van de Zonneschilder van Marf ook ’s op zijn locatie gezien (ik zag het enkel tijdens de tentoonstellingen in De Campagne). Een aanrader.

Coronakids 1

Zoals altijd zijn de mensen die mijn levenspad kruisen potentiële modellen. En dat hoeven niet altijd (mooie) vrouwen te zijn. Er zit ook wel eens een man tussen (accidents do happen) en kinderen. Voor portretten teken ik graag kinderen omdat ze – zeker vandaag – opgroeien met een fotocamera en zich niet meer inhouden om zich te gedragen zoals ze altijd zijn. In mijn tijd moesten we altijd “mooi” op de foto staan. Elke klik kostte geld en die klik moest het dus waard zijn. Gelukkig is dat nu anders en daar geniet ik telkens weer van wanneer ik aan een portret begin.

En nu zijn het er ineens 2 geworden. Een uitdaging want als er eentje niet goed zit, is dat beide herbeginnen. Maar ik ben tevreden over het resultaat. Dus, na de 2 coronadames, nu ook 2 coronakids 🙂

Het begint moeilijker te worden om te blijven doorgaan maar volhouden is de enige boodschap 🙂 Ik neem even een lockdown van alle digitale platforms, enkel de kunstweetjes gaan nog door. De rest van blogs zal moeten wachten tot het begint te regenen 😉 #hetechtelevenkanbeginnen

the making of…

KW09: de mammelokker

Elke woensdag publiceer ik een kunstweetje waarmee je kan uitpakken bij vrienden…

Eén van de meest handige plekken om in Gent af te spreken is onder de mammelokker. Iedereen kent het gebouw en iedereen weet het zijn. De mammelokker verwijst naar het beeld dat bovenaan op de gevel de voormalige cipierswoning werd aangebracht in 1741. Het beeld is van David ’t Kindt. In Gent zullen de meeste mensen je zonder veel moeite het verhaal kunnen vertellen: het is het verhaal van een Gentse misdadiger die werd veroordeeld tot de hongerdood. Hij zat daarvoor opgesloten in de lakenhallen (de mammelokker was niet de gevangenis, wat je zou denken met al die tralies). Zijn dochter bracht hem elke dag een bezoek maar mocht zelf geen eten meebrengen. Ze was echter slim genoeg en gaf hem elke dag de borst waardoor de man na een maand nog steeds in leven was. Finaal werd de man toch vrijgelaten en ze leefden nog lang en gelukkig.

Wat menig Gentenaar u niet zal vertellen is dat deze volkslegende al stamt uit de Romeinse oudheid. Het is het verhaal van Cimon en Pero en werd al veel eerder en door meerdere kunstenaars in beeld gebracht.

Dus volgende keer, wanneer u door Gent wandelt, dan weet u te zeggen dat dat verhaal van de mammelokker niet meer is dan een volkslegende uit de Romeinse tijd en dat zelfs Rubens daar een eigen versie van heeft gemaakt. Doe gerust, niemand vraagt u of het waar is. Doe je graag nog wat stoerder dan kan je ook zeggen dat “memmen” (een alomgekende term zeker rond Aalst) wat verwijst naar de vrouwenborst en samen met “mamme” allemaal derivaten zijn van het Latijnse “mamilla” wat idd (vrouwen-)borst betekent.

Hieronder het schilderij van Jules Lefebre.

 

Een momentje van rust :)

Een beetje rust. Dat gun ik mezelf de komende weken. Misschien zelfs maanden. Althans toch tot ergens maart want dan zal het seizoen weer terug losbarsten en volgen er sowieso weer momentjes buitenhuis. Het is sowieso mijn creatief jaar. Met een beetje geluk komt dat dan tegen 2021 in een expo. Zoals het altijd al geweest is, een jaartje creëren en een jaartje toeren 😉

Ik ben te veel bezig met meerdere projecten tegelijk en omdat ik toch wel voor deze projecten tijd nodig heb om ze te ontwikkelen, hou ik het een beetje kalmer aan wat het internetnieuws betreft. Als ik tussendoor wat teken (wat wel zal gebeuren) en het zijn, naast de projecten, “losse” tekeningen, dan maak ik er wel een berichtje van. Wie weet komt er nog eens een portretje tussenfietsen.

De jacht op alvast één model is alweer open, klik hier voor meer info

En als’t niet druk is met het creatieve luik, dan is er nog altijd het aandeel werk voor de inkomsten want ik mag wel meerdere dagen per week kunstenaar zijn, als de politiek instabiel blijft, dan vertaalt zich dat direct in het gebrek aan opdrachten. Al 9 maanden…

Om ook uw tijd een beetje te doden nog een tekening die je misschien niet hebt gezien toen ze de vorige weken bij Gust stond: De Blauwe Lotus. De tekening stond aan de bar, niet tussen de reeks tegen het raam in de voorste eetplaats. Het is een spielerei van het moment 🙂

Tussen creatie en tekenen

Er is zo altijd een fase bij het maken van een tekening. De fases zijn op zich telkens verschillend. Terwijl ik eerder dacht dat de fases een eigen visie was op het creëren blijkt dat in realiteit niet zo te zijn. Het is omdat ik met meerdere projecten tegelijk bezig ben dat ik de indruk heb dat er geen fases zijn en dat alles gewoon zijn gangetje gaat. Op natuurlijke wijze. Alsof je ’s morgens uit bed stapt en tegen de middag is de tekening klaar.

De werkelijkheid ligt ver van dit idyllische, romantische beeld dat we voornamelijk kennen uit de films, boekskes en wat “kunstkenners” ons graag doen geloven. Kunstkenners zijn in weze niet meer dan vlotte praatjesverkopers, vertegenwoordigers. Ze zien zichzelf een werk te verkopen en dan is de volgende logische stap dat ze het werk gaan klasseren als “ware kunst”. Om dat te onderstrepen met “het genie van de kunstenaar” tonen ze graag hoe snel die kunstenaar tot een kunstwerk komt. Dat toont dat die kunstenaar bezeten is van zijn werk, van zijn thematiek. Hij of zij schudt de ideeën uit de mouw alsof het witte konijnen zijn.

In mijn geloof is niets minder waar. O ja, ik kan ook van die niemendalletjes uit mijn mouw schudden. Het “genie” etaleren. Maar het niemendalletje is meestal niet meer dan een variant op een eerder werk of het is iets dat ligt te broeden en nog niet is getoond. Want dat maakt “het”. Picasso, Dali, Magritte, Bruegel, Van Eyck, Delvaux, Broodthaers,… Ze deden niets anders. En daarom stel ik dat er fases zijn in het maken van een kunstwerk. Voor mij zijn er voornamelijk 3 fases: die van de studie, die van de ontwerpen en die van de productie.

Ik zit al een tijdje in een fase van concepten en ideeën schetsen en proberen uitbouwen tot wat een volwaardige tekening moet worden. Eén van die ideeën waar ik al een tijdje op zit is triptiek 3. Maar er zijn er nog. Een welgekomen afwisseling is Vitrines d’Amour waar ik ook in 2020 zal aan deelnemen. Deze keer maak ik iets op maat voor de vitrines van eetgelegenheid GUST. En een schets van wat er voorlopig in mijn hoofd zit, zie je hieronder.

Wat mag je verwachten over 2020?

2020 zal minder blogs hebben dan 2019. Dat is ook niet moeilijk hé 😉 En nog eens bedankt voor de 20.736 bezoekjes aan de website en dat over 6.646 unieke bezoekers (allez, kom, IP-nummers dus). Dat was goed voor – hou u vast – 101.144 bekeken pagina’s. En dat allemaal op 1 jaar. Dank u, dank u, dank u!

Wat ik allemaal van plan ben over 2020 is moeilijk op voorhand te zeggen. Sommige plannen liggen jaren op voorhand vast (zoals triptiek 3 die er nog aankomt), sommige plannen worden dan weer erg onvoorspelbaar in de agenda gepropt. De expo’s, teken en marktplannen die komen zeker op de blog of op de Facebook. Soms een beetje Instagram maar ik ben daar niet erg actief.

Wat je wel mag verwachten dit jaar zijn blogjes met kunstweetjes om mee te stoefen wanneer je met vrienden naar een kunstwerk kijkt. En ik wil ook mijn fans, mijn apostelen, aan het woord laten. Zij die één of meerdere Maxen in huis hebben en daarover willen vertellen.

Kortom het worden weer vele grappige en/of emotionele blogs en alweer goede redenen “to stay tuned after the break” 😉

Als aperitiefje voor wat komt laat ik jullie het (tweede) ontwerp van de nieuwjaarstekening. Met nog enige belangrijke wijzigingen tov de definitieve versie: dit is een liggende verhouding, onderaan is de kaars vervangen door een straatlicht (een echt uit Parijs), de piramiden zijn weg en de 3 figuren links onder zijn ook weg. De bergen en de appel staan en blijven staan. Het model heeft wel een andere pose maar dat was redelijk te verwachten.

 

Gelukkig nieuwjaar!

Het was kantje-boordje dat ik klaar geraakte met de nieuwjaarstekening. Geveld door een hardnekkige sinusite was het mij onmogelijk om over de tekening te buigen. De snelheid van werken heeft dan ook een beetje zijn effect op de kwaliteit van de tekening. Maar desalniettemin, bij deze een gelukkig nieuwjaar.

Hopelijk wordt dit jaar een jaar met veel meer begrip voor visieverschillen onder de mensen. Het baart me zorgen hoe snel en hoe hard de ene mens vandaag de andere uitscheldt wanneer die een andere gedachte heeft. Hoe het respect voor mekaars woord en argumenten verwatert. Hoe normen vervagen.

Voor mij zet ik daarom 2020 (en de jaren erna) helemaal in het kader van positiviteit in mijn kunst. Want ook in de kunst ervaar ik apathische beelden die weinig warmte kennen en het gevoel van samenhorigheid niet echt stimuleren. Met mijn expo’s hoop ik alvast aan te tonen dat “samen” een grotere meerwaarde is dan het ego of het persoonlijke gelijk. Weet dat nu juist in die verschillen onze sterktes liggen. Hoe saai zou het niet zijn mochten we allemaal gelijk zijn, allemaal ’t zelfde denken?

Dus lieve mensen viert 2020, viert het goed, amuseert ulder en vooral viert het samen. Kijk mee en geniet van de natuur, van het licht, van de schoonheid van de mens en alles wat we nog kunnen doen om dit een gezellige plaats om te leven van te maken.

 

365/365: salut 2019

YES! De kunstzinnige dodentocht gehaald! 365 tekeningen heb ik u geserveerd over 2019. Ik was dit jaar 20jaar (feitelijk iets langer, maar ik mik op publiek van enige betekenis) bezig en vandaar de 365 blogs. Ik mag hopen dat u heeft genoten van de 365 tekeningen en al die uitleg die ik er bij heb geschreven.

Ik kreeg inmiddels nog de vraag of ik nu niet in een zwart gat zal vallen, of ik nog een jaar kan doorgaan… Nee, ik zal niet vallen in een donker gat 😉 Wees gerust, ik heb nog veel verhalen te vertellen. En ik heb ook nog wel vele tekeningen die je niet hebt gezien. Dus bloggen komt er zeker nog wel van. De frequentie zal wel wat lager liggen maar de kwaliteit misschien wel wat hoger. Soms viel ik in herhaling of moest toch wel een beetje graven in het geheugen om nog iets origineels te kunnen schrijven. Tekeningen hebben niet altijd een diepere betekenis. Soms maak ik een tekening omdat ik aan iets denk of omdat ik zin heb om van iets wat ik zie een tekening te maken. Een beetje zoals Bart Peeters zingt over “brood voor morgenvroeg” zijn het soms tekeningen gegrepen uit het leven.

Deze laatste tekening van 2019 kruist Magritte en Hergé. Beide appels hangen aan mekaar net zoals de Janssens. Het meest opvallende verschil is hun snor, de ene is recht en de andere krult op aan de tipjes. Daaraan kan je ook de Janssens uit mekaar halen. De Janssens zijn feitelijk geen familie van mekaar. De schrijfwijze van hun namen is verschillend. Ze heetten in de allereerste vertalingen zelfs Peeters en Peters. Boeiend koppel politiemannen zou ik zo zeggen. Meer weten over de Janssens? Klik hier.

Gelukkig nieuwjaar!

 

364/365: het niemandalletje

Kinderen en kunst; ze vinden het niks of ze worden betrokken en het is helemaal hun ding. Toen ik nog op het Groentemarktje tekende ging er op een mooie dag een meisje aan de rand de pomp zitten. Starend in het niets bleef ze lang genoeg zitten om deze tekening te maken. Alsof het een niemandalletje was…

363/365: 2020

Bijna 2020. Toch wel een speciale notitie zo’n jaar 2020. In 2017 zag men 2020 nog als in deze video. 3jaar vooruit voorspelling, Jules Verne deed wel beter. Maar dan ging de tijd en de evolutie in Jules zijn tijd lang niet zo snel dan in 2020.

Ik hou het eenvoudig. Strike a pose. Beetje zelfzeker zijn, Facebookproof, beslist vooruit. That’s a way to go. Ik zoek intussentijd even op waarom 2020 een belangrijk jaar wordt. Het wordt het Chinese jaar van de rat, we hebben weer een 29e februari, er zijn olympische spelen in Tokyo en er zal een zonsverduistering zijn in Chili. Dat wordt een pikante zonsverduistering 😉

 

362/365: het startvak

Nog eentje uit de “Lick it”. Moet er nog zand zijn? Ik weet ’t niet. Het is best dat je je eigen verbeelding gebruikt. Of doorklikt naar de volgende tekening 😉

Mis je wat meer tekst en uitleg? Surf terug naar blog 259. Ga niet langs het startvak en krijg geen 5.000frank 😀

361/365: Daumier: La Parade du Saltimbanque

De pasteltekening met contouren in houtskool is gemaakt naar La Parade du Saltimbanque van Daumier. Daumier is een kruising tussen een cartoonist en een kunstenaar. Soms zijn zijn beelden spottend, grappig soms erg mooi. Ik hou wel van de circustaferelen uit zijn werk. Deze is er zo eentje van.

Uitdaging

Deze tekening was voor mij een hele uitdaging. Daar waar ik doorgaans (bij covers) schilderijen teken, is dit een echte tekening. En voor het eerst word ik daarbij geconfronteerd met een rechtshandige versus een linkshandige tekenaar. De inkleuring bij Daumier is in een andere richting dan de mijne. Ik heb het op zijn linkshandige gedaan maar moest zo nu en dan toch mijn blad eens draaien.

Ook de kleuren waren een uitdaging. Het origineel papier is vergeeld met de tijd. De kleuren zijn vaal. Het mijne is natuurlijk wit en de kleuren zijn fris en helder. Ik heb er lang over gedaan om een papier te vinden dat niet vergeeld onder de zon. Nu heb ik er zo een en moet het kunstmatig vergelen. Het is bijna niet te zien op de foto omdat het fototoestel het overmatige geel weg filtert.

Het was een interessant en leerrijk project met veel diepte in de tekening. En een bittere ernst naast de grappige setting.

360/365: love has no color

Héla Van Hemel…ge had toch gezegd dat ge geen schetsen meer zou tonen?

Ja, dat is zo. Dit is een afgewerkte tekening. Ik kon ze niet beter maken door de verder in te kleuren. Ze is – voor mij – perfect zoals ze is. De tekening is minimaal uitgewerkt maar vat de expressie maximaal. Daarom is de tekening voor mij prima zoals ze is. Ik wou dat ik meer van dit soort tekeningen kon maken maar het is altijd moeilijk “stoppen” wanneer ik het in mijn hoofd anders zie.

 

359/365: een ster

Op kerstdag is er altijd wel ergens een ster te zien. Een ster als wegwijzer of een persoon met een speciale betekenis.

Deze tekening is een kaartje dat ik speciaal heb gemaakt voor de geboorte van Stella. De leuke kleine ster. De tekening is (nog maar eens) gebaseerd op het Magritteschilderij  “La Valse hesitation”. Ik maakte er een warm nest voor de kleine appel van. Magritte maakte van het schilderij verschillende versies met bvb verschillend gekleurde maskers. Ik hou het op één unieke tekening 🙂

 

 

358/365: de bewaker van de deur van de liefde

Blog 332 ging al over de 3 bewakers van de poort naar het Aards paradijs. Blog 332 ging over de bewaker van het vleselijke genot. Hieronder zie je de 2e bewaker. Ze is de bewaakster van de platonische liefde. Zou je, om toegang te krijgen tot het Aards paradijs, alle liefde achter je laten? De vriendschap die je voelt voor iemand anders, voor je hond, voor jezelf of de gemeenschap? Geen besef meer hoeveel mensen er rondom je zijn. Een apathisch maar eeuwig leven. Your choice to make…

De triptiekenreeks is het vervolg op de Lilith-reeks. De laatste triptiek is die van de liefde. Dat wordt nog wel wat als je leest op wat je allemaal getest wordt voor je door die deur/poort mag 😉

 

 

357/365: ik doe het zelf wel

Ik heb me niet echt uitgesproken over de hele heisa rond “subsidies” in de cultuursector. Ik noteer “subsidies” omdat men het binnen de cultuursector graag “investeringen” zou willen noemen.

Natuurlijk heb ik een gedacht/visie over subsidies aan cultuur. Al moet iedereen die voor subsidies in de culturele sector ook moet beseffen dat je geld maar 1x kan uitgeven. Geld aan cultuur kan dus niet naar andere doelen gaan (ik laat het aan u om deze doelen zelf in te vullen, van “ze zouden beter” tot “ze moeten niet”)…

Wat mij blijft opvallen is dat de toneelsector meteen het publiek op het podium krijgt, de muziekmakers samen een lied zingen. De beeldenmakende sector daarentegen, grote (gesubsidieerde) organisaties die…doen niets. Iets klein, lokaals in het beste geval. “Maar het SMAK was toch een dag gesloten” hoor ik u al zeggen…Laat ons nu eerlijk zijn, een museum sluiten voor een dag daar hebben de medewerkers alleen een leuke dag aan en dat is een beetje als geen rijdende treinen of bussen: de bezoeker heeft er geen zak aan! Daarmee bekom je alleen maar het gevoel dat het beter is dat het museum permanent zijn deuren sluit. En als dat de beste actie is die het SMAK kan verzinnen, dan mag ik ook wel besluiten dat dat museum maar héél erg weinig progressief is in haar acties. Mah bon, mijn betoog was eerder van: waarom komt er geen oproep voor de beeldende kunsten om zich bvb te verzamelen op een plein, breng 1 kunstwerk mee en toon aan de mensen wat ze missen als er geen steun meer komt. Maar de beeldenmakers zijn niet gewoon om samen te werken, ze werken alleen. En daar knelt het/mijn schoentje. Al jaren zijn het individualisten die mekaar als afkijkers en rechtstreekse concurrenten beschouwen. Staan we samen dan niet sterker?

Maar dan subsidies…Stel dat de subsidies niet worden geknipt. Droom dat ze zelfs terug naar de volle 100% van vroeger gaan. Waar gaan die subsidies dan naartoe? De grote happen gaan naar de grote klassieke huizen. Voor Gent is dat NTGent, Vooruit, de klassieke musea, Nucleo, kunstscholen, CJK,… Huizen die allemaal politiek verzuild zijn en waar je niet zomaar binnen geraakt. Je moet of geselecteerd zijn door de (gekleurde) jury of je moet zelf de juiste lidkaart in handen hebben. Dit maakt het voor de individuele kunstenaar en onafhankelijke organisatie erg moeilijk. Deze laatsten krijgen geen subsidies of de kruimels die overblijven nadat de slokoppen de taart hebben binnen gespeeld. En dan zou ik durven stellen dat er dringend een herstructurering van die subsidies nodig is. Binnen de politiek verzuilde instellingen maar evengoed dient te worden geïnvesteerd in efficiëntie en deftig management. We moeten er ook geen doekjes om winden:  de cultuursector is niet zo goed met het kwaliteitsvol besteden van de subsidies.

Als derde wil ik de Dienst Cultuur van Stad Gent citeren: “1/ Structurele kosten of kosten van investeringen op lange termijn komen niet in aanmerking voor de projectsubsidie.” De subsidie van Stad Gent is niet de subsidie die Jambon knipt maar ik kan mij niet ontdoen van de gedachte dat Stad Gent haar eigen subsidies 100% vanuit eigen stadsbelastingen haalt. Dus lees het goed: investeringen komen niet in aanmerking (voor organisatoren van projecten). Daarbij kan je je de bedenking maken: dus als een organisatie wil duurzaam investeren, een aankoop maken om meerdere keren te gebruiken over meerdere organisatoren en expo’s, dan krijgen ze daarvoor geen steun van Stad Gent. Dan vraag je mij wel “maar dan krijg je in ruil wel de drank en het eten terug?”  Ik citeer dan weer Stad Gent: “2/ Kosten verbonden aan catering komen eveneens niet in aanmerking voor een projectsubsidie” En dan krijg ik als individueel kunstenaar en organisator heel veel lood in de schoenen. Zo bvb toen ik vroeg aan Stad Gent om samen te investeren in permanente LED-verlichting voor De Campagne (geschatte kostprijs rond de 1000euro) kreeg ik een robuuste “njet”. Dat is een investering. Mijn argumenten dat het veel veiliger (brandgevaar) is, dat het voor alle komende tentoonstellingen kan gebruikt worden voor eender welke organisatie,…etc Het kon niet baten. Njet is njet. En op die momenten wil ik dan wel ’s weten, hoeveel mensen komen naar al die kleinschalige projectjes in de buurt, projectjes die gratis zijn en voor een breed publiek toegankelijk tov de grote huizen. Hoeveel van de artiesten, kunstenaars, cultuurmakers (waaronder bv ook technici) beginnen hun carrière bij die kleine organisaties? En waarvan de grote huizen de (financiële) parels oprapen met de inspanningen die de kleintjes voor hen hebben geleverd?

Binnen het organiseren heb ik het van de 20jaar 14jaar gedaan zonder subsidies. Dat ging ook. De laatste, grote events zouden zonder de subsidies van Stad Gent niet mogelijk zijn. Ik ben hen daarvoor erg dankbaar. De subsidie dekt ongeveer 20% van de kosten. Maar het kan beter, het kan efficiënter, het kan kwalitatiever en doeltreffender.

 

356/365: l’orange mécanique

hahaha…wel ja, ik vind deze zelf een beetje grappig. Al lang vind ik het Franse “orange mécanique” een fantastische woordcombinatie. Het heeft iets. Mysterie, intrige,…geheime gangen gaan open wanneer je het paswoord uitspreekt. Ze leiden naar de met kaarsen verlichte kelder waar een alchemist een oranje bol vol radertjes en veertjes in mekaar steekt. Wanneer hij je ziet gooit hij snel een doek over zijn werk. Hij wil je niet in zijn kelder. Met enkele vlotte bewegingen ben je betoverd en verlaat je de plek. Je wordt wakker op een kerkhof en weet begot niet hoe je daar ooit bent geraakt. Alles wat je ziet, wanneer je je ogen sluit, is een fel oranje bol die in je ogen brandt als de zon.

PS: “l’orange mécanique” was de Franse titel voor “A Clockwork Orange” van Stanley Kubrick (diene van 2001: a space odissey)

355/365: bewaarappel

Een appeltje voor de winter is altijd goed. Appels bewaren trouwens goed voor een lange tijd wanneer je ze in een koele ruimte en naast mekaar bewaart. Den boer zegt dat je best op “een verse gazet” legt en wie van de familie is, die weet wat je allemaal kan doen met zo’n “verse gazet”.