BOTTICELLI: DE VENUS VAN MAX (6)

Dagen zonder organiseren. Heel even kan het nog. Dus geef ik er een lap op en leg me heel toegewijd en met enige voorzichtigheid bovenop de Venus. Je had het moeten zien. Maar helaas zijn er geen foto’s van mijn “standje” met Venus 😛

De torso van de Venus is klaar. Ook haar rechterbovenbeen is grotendeels klaar. Ik sluit deze dag af met de gedachte dat ik enkel nog het scheenbeen en de tenen moet doen, dat dat best snel zal gaan. “Het is dat maar”, troost ik mezelf een beetje. De organisatie van de Expo in combi met de daytimejob en deze tekening begint wat te wegen. Van Hemel is geen 20 meer… Maar intussen heb ik toch maar lekker al mijn tanden terug in mijn mond.

Gedreven blijf ik de grond delen met mijn tekening. De vooruitgang zien motiveert. Het resultaat is boven mijn verwachtingen. Ik ben erg blij met het resultaat. De combinatie van het azuurblauwe, luchtblauwe en de warmte van haar huid is bijna de perfecte cappuccino van Brecht. Een paar uren verder ben ik er. Het einde van dit verhaal. Fixeren en nog snel een degelijke foto nemen. Op naar de volgende tekening! Nog de laatste 3 aanpassingen op een rijtje. Kan je de verschillen vinden? Ik geef je alvast wat tips mee onderaan…

Tek 1: de benen zijn helemaal uitgewerkt. Het gezicht is bijgekleurd en is nu warmer (een tintje roder) dan voorheen. Venus staat nu met haar voeten in het water. Het bassin doet dienst als vervanger van de schelp.

Tek 2: Dat de zee en de lucht werden ingekleurd zal wel opgevallen zijn. Had je ook gezien dat de rotspartij rechts in beeld meer hooglicht en diepte heeft meegekregen? De rotsen kregen ook nog wat extra details mee, de zee wat golven.

Tek 3: Is op zich dezelfde dan tek 2 😉 Maar na fixeren en onder een noorderlicht gefotografeerd.

De tekening is te koop. Ik zou het echt leuk vinden mocht deze tekening ergens bij iemand terecht komt die ze even prachtig vind dan ik. Liefst een koffieliefhebber maar dat is een extraatje 🙂

BOTTICELLI: DE VENUS VAN MAX (5)

Ik blijf het leuk vinden om, terwijl ik teken, vinylplaten op te zetten. Welke #tekenplaat ik opzet kan je volgen via Instagram. Zoals al eerder gezegd, ik hou zo een beetje de tijd bij en dan beweeg ik ook nog ’s een keer. Tijdens het tekenen en zeker tijdens het inkleuren geraak je snel in een soort trance. De mono-toon van het schuren van de punt tegen het blad en de eentonige beweging laten mijn geest snel loskomen van mijn atelier. En zo ontstaan er dan weer nieuwe ideeën maar daar kan ik nu nog niets over zeggen HAHAHAHA.

De achtergrond staat er op en ik ben aan het gezicht beginnen werken. Dju zeg, dat krijt is een vuile boel! Ik moet constant over de rand gaan want als ik er aan kom: strepen en vlekken…

En zo zakken we verder van kop tot teen 😛 Tussen de vorige en deze tekening zit een reisje naar Firenze om aldaar “het origineel” werk van Botticelli te gaan bekijken. Zalig mooi is dat maar veel te veel volk om het op uw gemak te kunnen zien. Beetje zoals bij de Mona Lisa in’t Louvre. De hand is inmiddels klaar.

BOTTICELLI: DE VENUS VAN MAX (4)

De organisatie van EXPO13 vraagt heel wat tijd en aandacht. Tussen de vorige tekening en waar we vandaag staan zitten 6 weken. Niet dat er 6 weken is getekend. Er is georganiseerd. Gefocust op sponsors, op de deelnemers, op het verloop van de randactiviteiten…

Inmiddels weet ik wel te zeggen dat deze tekening EXPO13 zal halen en wie dus graag een beetje voorsprong neemt op de blogs, die komt best ’s kijken 😉

De schets van Venus staat er op. Ik realiseer me meer en meer dat de hele tekening verder plat op de grond zal moeten worden gemaakt aangezien ik nu even niet de mogelijkheid heb om in de living te gaan werken (daar staan 4 portretten op het programma) en mijn tekenruimte niet hoog genoeg is om deze tekening verticaal te laten staan en tegelijk de zolder op een “normale manier” te gaan betreden.

Dus als je mijn voeten op de foto’s ziet, ’t is niet dat ik al de muren kan oplopen, het is gewoon de tekening die op de grond ligt 😉

Uit de treinbegeleider heb ik geleerd dat de combi van krijt met potlood loont inzake tijd. De kost daarentegen is wat anders. Pastelkrijten zijn sowieso al niet van de goedkoopste (alsof mijn potloden goedkoop zijn), maar daarnaast vraagt het toch wel enige ervaring en een (zeer) goed ook om exact dezelfde kleuren in krijt als in potlood te vinden. In de muziek spreek men van een “absoluut gehoor”, ik denk dat er toch ergens een vergelijkbaar fenomeen is in kleuren.

Het bijkomende voordeel van het gebruik van krijt is dat ik erg snel de compositie en kleurencombinaties kan overzien. Daar waar ik oorspronkelijk het idee van de schelp ging overnemen is met de weken dat idee vervlogen en wil ik liefst een andere achtergrond. Ik heb me verzoend bij de visie dat “geïnspireerd op” helemaal niet hoeft “bijna ’t zelfde” te zijn. Al maak ik graag copies, ik doe er even graag m’n eigen ding mee. De Venus zal blijven uit de zee komen maar dat mag best iets steviger zijn dan zomaar een schelp. Na een steampunkdecor en een oversized koffieboon te hebben overwogen, wordt het een rotsachtig natuurlandschap. Dit nog steeds als verwijzing naar de zee maar ook als verwijzing naar de overtocht van de koffieboon van een of ander overzees land tot in deze lage landen…

Ik maak er in gedachten Bretoense rotsen in combi met het prachtige azuurblauwe van de Middellandse Zee. Dat wordt geen gemakkelijke maar hey, wie zegt dat het gemakkelijk moet zijn? Max maakt toch graag het verschil niet? 😉

Botticelli: De Venus van Max (3)

Nog een beetje over hoe ook Botticelli in mijn tekenwerk terug te vinden is.

de “nornen”, buitenpaneel triptiek van de dood

En dat mag je dan weer even gaan vergelijken met Primavera, het schilderij van Botticelli.

Is het geen treffende gelijkenis? Neen? Eigenlijk heb je gelijk. De nornen zijn niet geïnspireerd op deze 3 dansende gratiën. Mijn versie is gebaseerd op een prachtig beeld uit het MSK. Een frivole dans van 3 meisjes. Maar dat beeld nadoen in het echt bleek veel complexer dan gedacht. En dus mijn versie een unieke versie maar wel met wat kruiden van onderstaand beeld 😉

Goed, terug naar de Venus. De tekening van pakweg 70x170cm vordert goed. De schets staat er inmiddels helemaal op en het is (hopelijk toch) wel duidelijk dat onze Venus een tas warme koffie vasthoudt. Ik hoop ook dat voor jou ook de link naar de Venus duidelijk is. Enfin, het verhaal rond de tekening staat nog niet stevig in beton maar het idee blijft wel: de geboorte van de koffie. Ik vind het best grappig om te maken 🙂

Botticelli: De Venus van Max (2)

Botticelli en Simonetta Vespucci zijn voor de rest der tijden onlosmakelijk van mekaar verbonden. Simonetta komt zoveel keer voor in zijn werken dat je haast zou vergeten dat ze gehuwd was met Marco Vespucci. Deze laatste was dan weer de broer van Amerigo Vespucci die zijn naam gaf aan een klein overzees landgebiedje zo ver weg van Italië en zo 😉

Simonetta is hét topmodel van de jaren 1460-1470 en zelfs ik maakte er al een (cover)tekening van. Ik vind trouwens dat ze wel wat weg heeft van de actrice van the handmaid’s tale.

Postuum portret van Simonetta Vespucci naar Piero Di Cosimo

Botticelli is zo geïnspireerd door Simonetta dat ze op zijn Primavera zelfs meerdere keren voorkomt. Ze is zelf nogal gemakkelijk te herkennen als “de rosse” in het beeld 😉

Maar het werk dat ik voornamelijk wil bespreken is De geboorte van Venus. Het schilderij stelt de aankomst van Venus voor op het eiland van de liefde: Kythira. Ze is er door de windgod Zephyros naartoe geblazen. Een van de Horen, godinnen van de seizoenen, reikt haar een mantel om haar naakte lichaam te bedekken. Venus heeft ook de naam Aphrodite., godin van de liefde, de oesters en de chocolade. De geboorte kan je in het schilderij behoorlijk letterlijk nemen. De venusschelp staat symbool voor de vagina en met al dat water errond moeten we er geen tekeningske bij: geboorte geslaagd.

De serieuzere mensen die kennen ook zeker de Venus van Milo uit het Louvre. Voor de flauwe grapjassen zoals ik: jullie kennen vast wel de sketch van Gaston & Leo met finaal de Velo van Minus.

En zodoende raakte ik nog maar eens geïnspireerd door zowel Botticelli als door Simonetta en tegelijk ook door mijn goede vriend Brecht H. die Coffee.Beez uitbaat. De lekkerste koffie ever of voor de kids ne jumbo chocomelk met die overdreven grote toef slagroom, m&m’s, marshmellows,… (hij heeft ’t nogal voor zoet en caloriekes but who cares, ’t is megalekker).

En dat allemaal bracht me op het idee om van deze Geboorte van Venus de variant “De Geboorte van Koffie” te maken. Ik zou ik niet zijn: mijn eerste gedacht wat een tekening 1/1…172,5 × 278,5 cm…Is da ni wat groot Van Hemel? Gade daarna weer komen janken dat ’t niet in uwen auto kan…

Na wat denkwerk kwam ik tot het Belgisch compromis: Ik maak de Venus evenhoog dan het originele maar met de focus op het centrum. Dus ligt er nu een plank in mijn atelier zo hoog als’t echt alleen een beetje minder breed… Het spel kan beginnen…

Eerdere artikels die ik schreef over Simonetta Vespucci:

24/365

KW04: Simonetta Vespucci

KW08: de geboorte van Venus

Botticelli: De Venus van Max (1)

De komende expo staat helemaal in het kader van werken tussen 1350-1650 of op zijn minst werken die ik zelf maakte en evengoed uit die tijdsband zouden kunnen komen. Ik ga mezelf niet herhalen (lees gerust de vorige blogs hierover). Eén van de kunstenaars uit die periode is Botticelli. Ik introduceerde Botticelli in de laatste blog van de reis naar Firenze/Florence. Botticelli is verstokt Florentein. Geboren in 1445 (overleden op 17 mei 1510) heeft hij zo goed als nooit Florence verlaten. Dat had zo zijn voordelen. Hij was namelijk goed geconnecteerd met De’ Medici’s. Maar tegelijk had dat erg veel effect op zijn werk.

Wie de geschiedenis van Florence een beetje kent weet dat naast De’ Medici’s de naam Savonarola (neen, dat is geen zeepverkoper) blijft hangen als een minder glorieuze periode. De’ Medici’s zijn daarom niet helemaal zuiver. Ze hebben de stad groots gemaakt maar tegelijk waren ze ook alleenheersers en dat is niet altijd een goed gegeven. Dat verklaart meteen ook het succes van de extremistische tegenstand door Savonarola. En dan weer weet iedereen dat extremen nooit goed zijn. Al werd het na een tijdje voor Savonarola ook te warm onder de voeten…

Tekening van de executie van Savonarola en zijn twee medewerkers in 1498, onbekende kunstenaar.(wikipedia)

Botticelli was dus – zoals we al eens zeggen – ne kazakdraaier. Eerst zijn werkgevers ophemelen, gaan voor het complete rationalisme en het neo-platonisme om daarna over te schakelen naar werken die pasten in de leer van de zeepmaker. Men zou zelfs durven denken met enige spot naar zijn vroegere vrienden. Of was het een noodzaak om eigen leven veilig te stellen? Kan zijn…

Bij deze blog om te finaliseren enkele van de bekendste werken van Botticelli. Ik kom er bij de volgende blogs nog verder op terug.

Portret van Ellis

Door de evolutie van het portret een mengeling aan potloden: houtskool, schetspotlood, pastelkrijt op grijs karton. Deze kleine duvel met haar blauwe ogen heeft ’t mij niet gemakkelijk gemaakt 🙂

Het was niet echt de bedoeling om een volwaardig portret te maken. Zoals ik het al meermaals heb gezegd: mensen kruisen mijn pad en zodoende bestaat de kans dat ik er al eens een tekening van maak (of nog erger: hen meesleur in een tekenproject 😉 ). Bij het portret van Ellis zou ik snel snel een schets in potlood maken en dan de dagelijkse bezigheden opnemen. Voor de keren dat ik écht vrijaf neem, ga ik verplichtingen liever uit de weg 🙂 Maar haar typische blauwe ogen kon ik niet weergeven louter met mijn bruine schetspotloden.

Om dat achteraf nog mogelijk te maken, zonder vermenging van de kleuren, heb ik eerste de schets gefixeerd en daarna opnieuw bewerkt met pastelkleuren en tegelijk de contrasten wat verhoogd. Hoe de tekening er “oorspronkelijk” uit zag zie je hieronder. Over 200jaar kunnen de experts dan uitvlooien hoe het nu precies zat met die kleur, waarom en wie die kleuren heeft aangebracht en wanneer. Was het een modegril? Een ontevreden klant of kleurde Ellis haar ogen zelf bij op later leeftijd? Zij gaan er hun tanden op stuk bijten maar jij, lieve lezer, weet het nu al 😉

Goedkoper verwarmen?

Naast mijn carrière als tekenaar van schoons ben ik ook hobby-ingenieur voor een grote organisatie 😉 Dus ook op gebied van gebouwen e.d. heb ik toch wel wat kennis in één van mijn hersenlobben. Misschien nuttig en interessant dit te delen.

In een eerdere blog had ik het al eens over hoe je huis gratis afkoelen. Ik ga het bij deze niet hebben over hoe je je huis gratis kan opwarmen (al kan je al beginnen met de zon binnen te laten) maar wel hoe je jezelf toch wat energiekosten bespaart bij het opwarmen van de woning.

Lees verder “Goedkoper verwarmen?”

Horreur #1

Toen ik begin deze maand naar MUZEE trok zag ik daar een schilderij van Thierry De Cordier met de titel “Dieu est une poire” dacht ik meteen “wat een walgelijk idee om een schilderij naar een peer te noemen”. Een grote peerachtige blauwe vlek op een doek.

Toch had ik de dag voordien zelf een peer getekend, nog niet wetende van het schilderij van De Cordier. Omdat ik een hekel heb aan peren, zou ik de tekening eenvoudigweg “horreur” noemen.

Ik vond de vergelijkingen van beide peren best interessant. Omdat mijn afkeer voor peren feitelijk oneindig is herdoop ik deze tekening tot “horreur #1”. Lijkt me grappig, niet?

Het laatste portret

Ik kondigde al aan dat ik over 2022 heel wat veranderingen zal doorvoeren in mijn werking. Jullie zullen hier zeker nog een belangrijke rol in krijgen, wees daar maar zeker van 🙂

Voor we de ruimte kunnen vullen met nieuwe ideeën, moeten we eerst ’s grote kuis houden. Het stapeltje portretten daar moet ik me nog ’s over buigen. Portretten in opdracht zijn altijd de meest interessante investering geweest. Al waren er altijd mensen die dachten dat “de aap” voor een nootje een truukje kan doen, zijn er tegelijk veel meer mensen die de kunst, de ervaring en het vakmanschap weten te waarderen. En ze hebben gelijk gehad!

Wie in het verleden een Max heeft besteld mag daar nooit spijt van hebben. Daarom heb ik er altijd aan gewerkt om alles vlot en met een topkwaliteit af te leveren. Tegelijk heb ik mijn creatieve werken gebruikt om de portretten een (financiële) meerwaarde te geven én artistiek-technisch alsmaar sterker te maken. De portretten van mijn beide zonen met 12 jaar interval die in huis hangen getuigen van de permanente groei.

Toch wil ik bij deze aankondigen dat ik vanaf 2023 stop met portretten in opdracht te tekenen. Zo kan ik mij ten volle concentreren op het creatieve werk.

Wil dit zeggen dat er geen portretten meer zullen volgen? Neen. Er zullen nog wel portretten volgen maar die zullen enkel nog gemaakt worden binnen een project of op vrijwillige basis (het toeval kruist mijn pad 😉 ).

Dus wie nog een portret zou willen bestellen: 2022 is hét jaar. Wie al eerder een portret bestelde en een nieuw wil bestellen, mag dat ook nog na 2022 doen. Wees gerust, ook daar blijft mijn kwaliteitsgarantie gelden 🙂

Get Back!

Na 3 weken schoolvakantie (en voor mijne jongsten was dat 4 weken) gaan de kinderen vandaag weer naar school. Beetje aangepaste corona-quarantaineregels maar voor de rest blijft alles (eindelijk) eens wat stabiel.

Het einde van de schoolvakantie betekent tegelijk dat ook ik weer aan de slag moet. Voor “het dagelijks brood” op de plank en om al mijn tekenwerk mogelijk te houden. Ik heb genoten van mijn weekje los van de verplichtingen en gezellig bij het gezin. We hebben de hele familie gezien en zelfs (gerookte) vrienden op bezoek gehad. Maar nu is het tijd om de joekel van een achterstand op de blog van kunstvriend Koen Schyvens in te halen. Die heeft met MDLM-reeks niet stil gezeten. Wat een blogtempo!

Dus toch een beetje een boe on you en ook een beetje hoera. Maar gisteren dacht ik er nog net even anders over 😉

PS: klein weetje: vandaag 53 jaar geleden stapte George Harrison het af bij The Beatles. Hij kwam later nog wel terug maar de groep zat duidelijk op zijn einde. Eerder al hadden JL en PM gezegd te willen “scheiden”.

Tekening naar een beeld uit het MSK te Gent

2022: een jaar vol nieuwe plannen

Een nieuw jaar, en zeker de periode tussen kerst en nieuwjaar, geeft mij altijd nieuwe ideeën. Dit zijn doorgaans mijn meest creatieve dagen. In de regel (bij uitzondering 2021 met het Stripmuseum) organiseer ik niets in december/januari waardoor ik me volledig kan focussen op ontdekken en creëren.

Dit jaar was op gebied van creatie niet anders. Ik speel met nieuwe ideetjes in mijn hoofd. Nieuwe werken/tekeningen maar ook nieuwe aanpakken. Ik denk dat ik maar eens moet gaan werken met een kleinere groep mensen als klankbord (wie zich nu al geroepen voelt –> mail naar max.vanhemel@gmail.com). Maar meer details volgen in de blogs van 2022.

Voorlopig starten we 2022 met een mooi fris canvas. Klaar om een nieuwe tekening op te gaan maken. Wie mij via andere sociale kanalen volgt heeft allicht al gezien dat ik – bij wijze van opwarming – al een tekening op doek heb gemaakt. Ik geef het mee als uitsmijter voor 2021 en neem tot eind volgende week een beetje digitale rust om daarna terug te keren met extra energie 🙂 Tot binnenkort!

2022: adagio voor twee

Mijn nieuwjaarsbrief is dit jaar een specialleke. Voor mij ging 2021 op maatschappelijk vlak vooral over de strijd rond “het grote onzichtbare”. Zoals bij stembusresultaten zag ik tot mijn grote bezorgdheid en spijt veel verdeeldheid onder de mensen. “Het grote onzichtbare” had/heeft het op onze dagelijkse gewoontes gemunt. Op sommige momenten was het bijna alsof we terug naar de tijd van de ontdekking van AIDS of de ontsnapping van Dutroux gingen.

Vrijheid van het individu staat/stond diametraal tegenover het welzijn van de hogere (wereld)gemeenschap. De kruisvaarders tegen de ketters (waarmee ik geen oordeel vorm over wie wie is). De wetenschappers versus de dokter-specialisten op sociale media.

Het grote onzichtbare maakt beweegredenen abstract, ontastbaar, ongezien. En ik had het daarbij niet alleen over bvb luchtvervuiling, stralingen, dumpen van zware metalen ergens in Afrika of India,…Natuurlijk heb ik ook covid en de vele nu nog onzichtbare gevolgen die zullen volgen uit deze periode. Tegelijk waren de beweegredenen van onze politiekers soms ook best on(door)zichtbaar.

Had dit allemaal impact op mijn tekenwerk? Ja hoor. De expo’s – als ze al door gingen – verliepen binnen een totaal andere sfeer, continue onzekerheid, zal er wel volk op afkomen,…Het maken van tekeningen lag een jaar op zijn gat. Weinig kans op modellen, verstoorde werking, geen opties om geplande projecten uit te werken. Toch was het tegelijk een jaar van vernieuwde opportuniteiten: zonder corona was bv de Lachende Cavalier er niet gekomen. Zonder Lachende Cavalier was de Treinbegeleider er niet gekomen. Zonder Treinbegeleider was mijn tekening niet in het Stripmuseum geraakt. Een onverwachte wending waar, met een positieve benadering, nog meer positiviteit uit kwam.

Ik weiger werken te maken waar de kijkers niet in verwondering of blij van worden. Ik wil dat de kijker een goed gevoel overhoud na het zien van mijn tekeningen, daarom zijn ze ook de MAX niet? 😉

Ik wens jullie allemaal een tof eindejaar met veel adagio, gezelligheid (echte of virtuele) en zoals ons moeder zou zeggen “gebruikt uw verstand” 🙂

Adagio for 2

Op naar het stripmuseum!

De voorbije week was het wat stiller omwille van ziekte. Gelukkig geen corona maar toch goed genoeg om mijn nog eens “een echte man” te voelen. Naar jaarlijkse gewoonte was er weer een aanval op mijn sinussen en dat sleept dan meestal ook wel een paar weken aan. Alleen die laatste week was er wat te veel aan: barstende hoofdpijn, slecht slapen, snotteren, hoesten,…met dan als neveneffect geen energie meer, geen concentratie,…het zielige hoopje zoals elke man hoort te zijn wanneer hij maar een klein beetje ziek is 😉 Gelukkig geen corona, dat heb ik 2x getest.

Maar tussen dat gedoe kwam er ook het goede en verlossende nieuws binnen van De Nationale Museumwedstrijd. Van 22 december 2021 tot en met 9 januari 2022 mag ik met mijn tekening van de treinbegeleider tussen enkele groten der aarde gaan pronken: Hergé, Rosinski, Linthout, Vandersteen, Morris,…misschien zelfs Pom staan. Mijn tekening gaat dus naar het stripmuseum te Brussel!!! Dat een plekje in een museum op de bucketlist stond, dat het een natte droom was…maar het stripmuseum? Dat was in mijn stoutste dromen totaal ondenkbaar. Volgende week maak ik er werk van (als er weer energie is).

Beetje nostalgie is gepast. Wie mij al jaren kent weet dat ik in mijn studententijd de lessen regelmatig verstoorde met mijn cartoons die van bank naar bank werden doorgegeven. Het waren meestal gags in 3 prentjes (beetje Garfield of Hagar-achtig) waarin ik de frustratie van de les of de actualiteit verwerkte. Maar al veel vroeger, toen ik zo’n 11jaar was, maakte ik mijn eerste stripverhalen. Eéntje ervan verscheen in het schoolblad (ik moest het verhaal wel inkorten omdat ik meteen ging voor de volle strip).

Frans Hals: de lachende cavalier (12)

Challenges altijd de uitdaging waard. Elke zomer verleg ik een grens, ga ik in dialoog en tegelijk in een soort steekspel met een bekende kunstenaar en een iets minder bekend werk. Een topwerk met een verhaal en een hogere technische uitdaging. De uitdaging loopt over de zomer omdat dan het exposeizoen zichzelf niet “ververst”. Er zijn geen nieuwe expo’s, wat loopt loopt wat niet loopt start ergens in september.

2 juli lanceerde ik een teaserblog om officieel te starten op…

Lees verder “Frans Hals: de lachende cavalier (12)”

KID’21: say hello, wave goodbye

De editie van Kunst in het Dorp 2021 heeft gisteren de deuren gesloten. Het was een succes! Het was groter, grootser, beter, steviger dan alle vorige edities. De lat werd al voor de start hoog gelegd en het publiek wist dat duidelijk te waarderen. Meer dan 1500 bezoekers over 2 weekends. Nocturnes gaven de kunstwerken een andere invalshoek dan overdag. Dat maakte dat sommige liefhebbers zelfs 2 keer langs kwamen.

Ik laat vandaag mijn stem even rusten. Het verhaal van Thomas van Bellingen moet ik wel 200 keer verteld hebben. Ik kon het niet bijhouden. En daarnaast kon ik mij ook niet houden om zo nu en dan ook nog ’s het verhaal rond Lilith te vertellen (nav. het naburig werk van Annick Haesendonckx). Was er dan toch even een moment zonder verhaal (wie durfde het belletje niet laten gaan? 😉 ), dan vulden gezellige babbels met Carlos Caluwier en zijn madam of/en met Janneke en Johan de stilte. En dan waren ook nog babbels met Charlotte, Jan, de kapitein, Isabella en zo vele anderen. Wat een sfeer, wat een toffe bende!

Tussendoor heb ik toch nog snel wat foto’s genomen. Veel zijn het er niet (geen tijd, the show goes on 🙂 ) maar ’t is toch al dat hé 🙂 Na een paar dagen rust kan ik me volop concentreren op de volgende expo te Desselgem in galerij Art142 op 23 en 24 oktober, binnen de organisatie Buren bij Kunstenaars. Zie ik je daar terug?

Het perspectief ♀

Mensen (organisaties) die mijn blogs niet volgen herken je meteen…Dit plukte ik vandaag van Instagram.

Barbara Hepworth werd geboren in 1903. Élisabeth Vigée-Le Brun is geboren in 1755 (KW48). En niet te vergeten: Sofonisba Anguissola (1532) (blogartikel). En nog andere die nog op mijn lijstje staan: Judith Leyster (1609) *met stip*, Maria van Oosterwijck (1630), Thérèse Schwartze (1851), Henriëtte Ronner-Knip (1821). Ai ai ai toch…zoveel voorgangers van Barbara (er zijn er meer maar dit zijn zo wat de eerste waar ik kan aan denken). Ik zie onder mijn volgers zelfs jeugdtalenten opduiken, met de gepaste kansen schoppen ze het nog.

Al is het ook geen geheim dat in sommige gevallen mijnheer de kunstenaar feitelijk mevrouw de kunstenaar moest zijn. En dat zelfs nog in de 20e eeuw!

Maar wel goed dat ik niet alleen sta in de beweging meer vrouwen om de deelnemerslijsten bij expo’s te krijgen 🙂

Kunst in het dorp: laatste weekend

Dit weekend laatste kans om het prachtige evenement “Kunst in het Dorp” te Bellingen te bezoeken. MAAR ook de allerlaatste kans om “de triptiek van het leven” in het echt en volle glorie te bewonderen. Wie de triptiek op Expo Magie niet heeft gezien krijgt hier de ultieme (her)kans(ing). Na dit weekend zal de triptiek niet meer publiek worden getoond.

Naast het beeld van de triptiek wordt ook het verhaal van Thomas van Cantimpré mee in de kast gestopt.

De performance en triptiek zijn dit weekend nog te zien:

vrijdag 18-22u, zaterdag 18-22u, zondag 14-19u aan de Kareelstraat 21, Bellingen.

Na corona kan de beeldende kunst uw steun zeer goed gebruiken. Deel dit bericht en/of kom ’s langs. Deze expo is vrij te bezoeken, er is geen enkele aankoopplicht.

Frans Hals: de lachende cavalier (11)

Was het je ook opgevallen dat er bij de vorige blog ergens “tekst” stond tussen de foto’s? De blog stond al klaar geprogrammeerd voor publicatie maar ik was nog niet klaar met schrijven…En om die opmaak al klaar te kunnen maken zet ik dan soms “tekst” tussen de foto’s, dan weet ik waar ik nog iets moet schrijven. Maar dat was ik dus uit het oog verloren met de vorige blog. Ik zal – nog maar eens – moeten toegeven dat ik wat te veel hooi op mijn vork aan het nemen ben de laatste dagen: de cavalier, het marktje in Menen, het (grote) Kunst in het Dorp, de planning 2022 en ja daarnaast heb ik nog een “hobbyjob” te onderhouden om deze kunstactiviteit te sponsoren. Een bekend Belgisch politicus zou al eens durven stellen: “trop is te veel én teveel is trop”.

De tekst ging ‘m natuurlijk over die “ajuin”. Het topje van een zwaard…Of was het een degen? Of een rapier? Ik ging even op onderzoek naar was nu precies de verschillen zijn. Want toegegeven: onder de bekendste zwaarden kennen we Excalibur (het zwaard in de steen van koning Arthur), het typische samuraizwaard, het degen van Zorro, het zwaard van Ardoewaan,…of een moors zwaard. En als je er even bij stil staat, die kennen allemaal een andere vorm. De kwestie is dus met welk wapen hebben we hier te maken?

En dan begon ik met zoeken naar zwaarden uit “de gouden eeuw”. En ziet waar ik op bots: het zwaard van ene Michiel De Ruyter (voor de Belgen doorsnee een onbekende maar toch wel één van de meest bekende Nederlanders) en de rapier van Rubens. Zonder chauvinistisch te willen zijn, ga ik iets dieper in op dat laatste omdat die nog het meeste op het zwaard van mijne cavalier lijkt maar ook omdat het wel wat op dat “zwaard” lijkt.

Nu noemt men “het zwaard” van Rubens een “rapier“. Een rapier is een relatief slank, scherp gepunt type zwaard dat vooral in de 16e en 17e eeuw in Europa werd gebruikt. Rapier en degen werden vooral gedragen en gehanteerd door de rijke burgerij, die steeds meer aan belang won. Deze burgerij hechtte meer waarde aan sierlijkheid dan aan efficiëntie en zodoende werd het rapier meer en meer verfijnd.
Dit leidde uiteindelijk tot de ontwikkeling van de degen, een slankere, lichtere versie van het rapier.

Dit past perfect in ons kraam en bevestigt dat de cavalier een gegoed burger. De “ajuin” is duidelijk het einde van het degen. Dat het een rijk versierd stuk is – en dus het model van Rubens benadert – is wel duidelijk. Niet alleen aan het uiteinde kan je dat zien. Op het schilderij is het haast onzichtbaar maar door de reconstructie kan ik u het gevest ook laten zien. Dat zal later weer in de duisternis van de schaduwen verdwijnen. Geniet van het moment zou ik zeggen 🙂