Zondag markt in Kluizen

Omdat ik vandaag bezig ben met de voorbereidingen voor de markt van Kluizen (bij Evergem) komende zondag, is er geen Danaë-blog. Een gezellige (grote) gelegenheid om nog ’s de bekende koppen te zien en nog ’s samen de dag vol te lullen. Zoals we dat al meer dan 20 jaar samen doen. Maar ik heb wel nog iets te vertellen na de expo van Drongen.

Het meest vertelde verhaal op de expo is zonder twijfel dat van de Kermis van Hoboken (Bruegel). De tekening die ik maakte naar de nog bestaande tekening van Bruegel. Het hele verloop en alle blogs daarrond vind je HIER.

Van de tekening van Bruegel werd een ets gemaakt en een druk maar die druk was (vermoedelijk) niet zoals Bruegel die zelf wou. Het was dan ook voor Bruegel snel duidelijk dat hij naar zijn vertrouwde drukker/etser terug moest. De tekst op de banier (waar een deel van het mysterie om draait) is helemaal aangepast. Hieronder de tekening van Bruegel, de etsdruk en mijn versie.

De tekst werd door de etser aangepast. Of dat in opdracht van Bruegel is gebeurd is niet duidelijk maar zeker is dat de tekst op de ets niet dezelfde is dan de tekst op de tekening. Ik probeerde zo dicht mogelijk bij de originele tekst te blijven (met als gevolg dat ook deze onleesbaar is gebleven).

Een ander topverhaal was dat van de imkers. De honingdieven waarvan je het hele verhaal HIER kan vinden. Ik verwijs daarbij regelmatig naar de 4e man in de boom. Die lijkt heel erg op de man in de boom in het schilderij “de nestrover”.

Het linkse is beeld is ook weer zo’n typische Bruegel: het verhaal van de splinter en de balk. De man op de voorgrond wijst naar de eierdief die – zo voorspelt zijn pet – niet lang meer in de boom zal hangen. En dat voor een paar eieren. Tegelijk loopt de figuur op de voorgrond in volle vertrouwen recht de afgrond en de beek in. De imkers (de honingdieven) hebben een vergelijkbare figuur rechtsboven. Deze valt weliswaar niet uit de boom. Hij staat op de uitkijk terwijl zijn collega’s de buit veilig stellen. Zullen de dieven het zonder kleerscheuren halen? Of gaan ook zij recht de afgrond in? Het waren moeilijke en harde tijden in de 16e eeuw. In ieder geval is op beide werken de spreuk “dye den nest weet dye weeten, dyen roft dy heeten” van toepassing.

PS: ivm het linkse schilderij wordt wel eens gefluisterd dat Bruegel voor de grote figuur op de voorgrond geïnspireerd werd door Michelangelo.

Het schilderij de eierdief is te zien in het Kunsthistorisch Museum van Wenen en meet 59.3 × 68.4cm. Tiens…dat is nog ’s haalbaar voor een Bruegel 4 te maken 😉

Danaë (3)

Tijdens of liever voor een sessie start wordt er meestal intensief heen-en-weer gemaild om de opdracht en het doel helder te stellen maar ook om input van het model zelf toe te laten. Ik hou van die interacties. Ze zijn leerrijk, dwingen me regelmatig tot herbekijken van het oorspronkelijke idee en in 99,5% van de gevallen wordt het finale beeld daardoor ook sterker.

In dit geval, waar we het oorspronkelijke schilderij enkel als een aanzet gaan gebruiken, is er veel marge om te komen tot nieuwe ideeën en nieuwe beelden. Wanneer we vertrekken van een gedachte als het schilderij van Gentileschi is veel mogelijk.

Bovendien is de pose (zie vorige blog) zo uniform dat je er vele kanten mee uit kan. Danaë wordt in de meeste gevallen rustig liggend op een bed of zetel gevonden. Het is duidelijk een verhaal dat als excuus werd gebruikt om een vrouwelijk naakt te mogen schilderen zonder “onzedig” te zijn. In de katholieke jaren 1500-1700 was dat het geval. Naakt was totaal uit den boze tenzij het om een verhaal ging waar het niet anders kon dan naakt. Hoe Rubens er telkens mee weggekomen is, het is mij een raadsel.

In de brainstorm rond dit thema en het schilderij botsten we op de schilderijen van Frédéric Bazille. Een illustere onbekende in onze streken maar – zoals ik zei – een interessante ontdekking.

Misschien had Frédéric wel hetzelfde idee dan ik? Wie weet. Ik kan het hem niet meer vragen. Frédéric werd op 29 jarige leeftijd doodgeschoten in de Frans-Duitse oorlog. Het zoveelste nutteloze slachtoffer. En dat geldt ook voor u mijnheer Poetin!

Maar Frédéric was zeker niet de enige die geïnspireerde raakte door deze leuke en tegelijk relaxe pose. Wanneer we op Google “reclining nude” als trefwoorden ingeven, dan zien we nog meer van deze poses in tal van schilderijen. Een meer recente (en bekende) versie is die van Kate Winslet in Titanic toen ze getekend werd door “king of the world” Leonardo Di Caprio.

Voor de gouden regen heb ik iets anders bedacht en ook mijn decor is veel moderner dan wat we hierboven te zien krijgen. Ik kies voor “ruimte” en niet echt voor een binnenscène. Ondanks dat het toren is, hoeven het niet persé allemaal muren te zijn. Allez, vandaag toch niet…

Danaë (2): immer de muze

Danaë is duidelijk een inspiratiebron voor vele kunstenaars. Bekend bij de Grieken, maar ook in Pompeï, bij de Italiaanse kunstenaars.

Het valt me op dat het verhaal de tijd en plaats helemaal loslaat. Vanuit de oudheid over de renaissance, de gouden eeuw, de rococo,…tot zelfs hedendaagse kunstenaars als Vadim Sakharov die enkel de gouden regen uitlicht en omvormt tot een scène waar je het effect van die gouden regen zelf kan ervaren.

Omdat ik nog niet veel technisch kan vertellen over mijn Danaë zet ik een flink aantal kunstenaars hier op een rijtje. Voor wat mijn versie betreft: onze Danaë zit opgesloten in een prachtige glazen kooi. De figuurlijke “gouden kooi” waar we allemaal al eens in belanden. Het oogt mooi en je wil er meteen in maar eens het zo ver is, dan voelt het na een tijd aan als een betonnen gevangenis. Er is nog niet veel van te zien maar goed, het is een begin hé 😉

Danaë (1): wie is?

Danaë is een interessante – en ook weer een beetje vergeten – figuur uit de Griekse mythologie. Ik blijf met dit verhaal en later bijhorende tekening, in de klassieke verhalen die o zo boeiend zijn maar als eens vergeten worden.

Danaë past in het rijtje van Galatea en Venus. Het verhaal is al even ongeloofwaardig dan dat van de anderen. In onze tijden is het “er over” om verhalen zo aan te dikken dat ze eigenlijk helemaal niet meer als realistisch over komen. En terwijl ik dit typ bedenk ik me dat we vandaag op zich maar al te graag vluchten in fake news, fictieve verhalen/TV-series die best echt lijken (realitysoaps).

Maar Danaë…de dochter van Eurydike en koning Akrisios. Booooring…Maar waar het spannend wordt is dat het orakel voorspelt dat Akrisios (de vader van Danaë) zal worden vermoord door zijn kleinzoon. Dus wat doet een plichtsgetrouwe vader? Die sluit zijn dochter op in een bronzen toren…tot ze aan de menopauze toe is… Het begint zowaar wat Rapunzel-dimensies te krijgen. Alleen mag Danaë wel naar de kapper 😉

Jacopo Tintoretto – Œuvre appartenant au Musée des Beaux-Arts de Lyon

Getrainde rokkenloper Zeus (gelet op de vele verkleedpartijen van Zeus begin ik zo’n flauw vermoeden te hebben dat hij ergens toch een halve Aalstenaar moet geweest zijn), had zijn oog laten vallen op Danaë. Hij verkleedde zich deze keer als…gouden regen 😳 en door een torenvenster lekte the golden shower op Danaë waardoor ze van de eerste keer zwanger geraakte.

De koning laat zijn dochter en kleinkind opsluiten in een houten kist en hup in de zee ermee. Maar Danaë had, de tijd dat ze in de toren opgesloten zat, alle Kuifje-albums gelezen. Want wie Kuifje leest, is een slim mens. Dus wist Danaë dat er altijd kansen zijn op overleven.

En ja hoor…visser Diktys kwam langs met zijn olietanker en viste Danaë en haar zoon uit het water. Nu moest toch wel toevallig de broer van die “eenvoudige visser” Diktys de koning van het eiland zijn waarop Diktys woont. Polydektes – de broer van Diktys – heeft nogal losse vingers en stal al regelmatig vee van zijn broer, dus zou het er niet op aan komen mocht hij ook deze vangst voor zich houden.

Zodoende werd Danaë de vrouw van de koning. Dit was ferm tegen de goesting van de zoon van Danaë, Perseus. Hierop eist Polydektes het hoofd van Medusa in ruil voor de “vrijlating” van Danaë. Perseus slaagt in de opdracht, kop eraf. Voor wie zo een beetje de verhalen hier al volgt, die weet dat wie naar Medusa kijkt verandert in steen.

Polydektes had niet gedacht dat Perseus het levend zou redden uit deze missie. Hij was dus verrast toen hij naar het afgehakte hoofd van Medusa keek en…hop…hij veranderde in steen. HOERA! Vreugde want Danaë was weer vrij.

Omdat ze nu mogen doen wat ze willen gaan Perseus en Danaë naar de kermis in Larisa. Larisa is een klein stadje ergens in Griekenland. Behalve een kerk en wat grote straten, valt er niet veel te zien. “de boerenbuiten” gelijk da we zeggen 😉 Maar goed kijk, ’t is het ideale dorpje voor een kermis en een beetje rust na al die drukte. Dus logeren ze in hotel Acropol, een doorsnee 2 sterrenhotel dat toch wel enige “opfrissing” kon gebruiken.

Er zijn tijdens de kermis atletiekspelen bezig. Voor ne gast gelijk Perseus is dat spek voor zijn bek. Hij betaalt 680 drachmes en zet zijn naam op de lijst. Akrisios, de vader van Danaë is ook op die spelen. Dat moet toch wel lukken. Wat zijn de kansen? Perseus kent Akrisios niet en vice versa. Ze waren dan ook jaren van mekaar gescheiden geweest. Maar ’t is plezant, ’t is kermis, oliebollen, vlaggen, uufflakke en atletiekspelen (vandaag Circusplaneet). Fun! Perseus doet gedreven mee en is nogal redelijk goed in zo van die atletiekspellen. Alleen het discuswerpen, daar is hij toch wel erg onhandig in. Hij had het thuis al eens geprobeerd maar snel opgegeven nadat hij enkele ruiten van het plaatselijke café had ingegooid.

Diskobolos in de Vaticaanse Musea.

Perseus gooit tijdens de spelen de discus erg onhandig tegen het hoofd van zijn bompa Akrisios. Bompa droeg toen nog geen helm en voila, een kap in zijne kop. Bompa voelt zich een beetje misselijk, begint te draaien en valt finaal ter plekke dood. Weg sfeer van de kermis. Maar het orakel had wel gelijk… Op welke plaats Perseus is geëindigd en of hij finaal met de gebraden kip naar huis mocht, is niet neergeschreven. Stom he…

Kleine epiloog: heb je gezien dat de discuswerper van het Vaticaan discobolos noemt? Echt waar. ’t Is maar als zoveelste kunstweetje van deze blog 😉

Bekeken en goedgekeurd

Wat een zotte meimaand en begin junimaand was dit? Onder de rubriek “te veel hooi op het vork” was dit al bijna een hele hooikar op het vork. Het was druk en bij momenten wist ik begot niet meer waar mijn kop naartoe was. Nu de expo achter de rug is, is het tijd voor een eerste terugblik…

We hadden 2 lange weekends expo. Ahaaa…het eerste weekend was dat met de vele lekkernijen waarvan Brecht van Coffee.Beez ons wist te voorzien. En die kwamen goed van pas want onder zijn tentje was het gezellig, soms druk, maar zeker droog. Wie voor, na of tijdens onze expo last had van de regen kon er terecht voor een lekker bakkie koffie of de inmiddels legendarische chocomelk.

Maar je kwam natuurlijk niet alleen voor Brecht. Je kwam voor de kunst! En dat blijft een moeilijke in het landgoed De Campagne. Er komt nauwelijks volk langs, dus is er veel – heel veel – inspanning te doen om mensen te laten weten dat er iets te doen is én ervoor te zorgen dat ze ook langs komen. De promocampagne neemt daarom een flinke hap uit het budget. En met de kater rond subsidies waren er deze keer ook geen aperitiefmomenten op zondag geprogrammeerd.

En toch kwamen jullie in grote getale opgezet! Het eerste weekend zat er al meteen boenk op met 332 bezoekers. Het tweede weekend deed het nog beter zodat we finaal afkloppen op 681 bezoekers. Ik heb héél veel zin om iedereen waarvan ik me kan herinneren dat ze geweest zijn hier persoonlijk te bedanken maar ‘k ga er zeker vergeten en dat zou spijtig zijn. Dus bij deze een bloem voor jullie en een dikke merci om (trouw) naar De Campagne te komen.

Er waren ook veel nieuwe gezichten bij. Zelfs weer mensen die nog nooit eerder van mijn expo’s hadden gehoord. En dan zijn we “nog maar” 22 jaar bezig 😛 Ik kan iedereen alleen maar aanporren om zich te abonneren op mijn blogs (via de home pagina, naar onder scrollen en uw mailadres invullen) zodat je altijd op de hoogte blijft.

Na de opkuis blijft de zaal wat verlaten achter. Het is toch een hele andere beleving wanneer ze terug “kaal” wordt en de reftersfeer weer de overhand neemt. Tijd om mijn nacalculatie te maken. De verkoop bleef helaas uit, dus dat wordt weer een put van enkele duizenden euro’s. Om maar te zeggen, alleen al de kinderzoektocht kostte zo’n 405,12euro. De gedachte om inkomgeld te vragen duikt toch weer op.

Enfin. Om het met andermans woorden te zeggen: “het is volbracht” en ik ben een tevreden man. Merci aan iedereen die het project mee heeft gesteund, die er reclame voor heeft gemaakt, die vrienden en/of familie heeft meegebracht, die nog ’s terugkwam,… Aan Kathleen om de volledige permanentieshift van zaal 1 op te nemen, aan Tessa om al dat volk tot in Drongen te krijgen, Carlos voor de taartjes en de babbels. En een hele, hele dikke merci aan de sponsors Barlufin, Tic-tac en Convas! Merci thuisfront voor alle regelingen die moesten worden gedaan.

Of ik er nog een vervolg aan brei, dat blijft spannend, het moet ooit wel eens stoppen. Maar dat zien we later dan wel weer lieve beeldbuiskindertjes 🙂

Expo 13: vandaar de selectie

Tijdens het eerste weekend van de expo te Drongen werd mij regelmatig gevraagd van waar het idee om die werken te selecteren komt. Voor wie de blogs volgt, zal het een klein beetje herhaling zijn 😉

Het is bijna een cliché maar de selectie is mede in de hand gewerkt door corona en het niet kunnen inhuren van modellen. Ik had écht géén zin had om depressieve tekeningen te maken over eenzaamheid en aanklachten rond het mondmasker. Eerder wel om een positieve, verrassende boodschap met een leuk verhaal mee te geven van zodra dat kon.

Daarom koos ik voor een selectie aan top-kunstwerken die, wanneer ik je dat vraag, niet persé in jouw top 10 aan top kunstwerken staan maar wel interessant genoeg zijn om meer van te willen weten. Omdat ik een sterke interesse heb voor de Vlaamse primitieven en de renaissance zijn de meeste werken uit die periode. Ik sluit af met De Lachende Cavalier van Frans Hals waardoor ik bij deze expo een tijdsband van 1350 tot 1650 overloop. Mijn admiratie voor de Belgische werken van de 20e eeuw laat ik bij deze wat links liggen. Misschien goed voor een volgende keer?

Onderliggend maak ik het liefst eigen versies van werken waarvan de kans klein is dat je ze ooit in levende lijve zal zien. Let wel; het blijven mijn interpretaties: klassiekers met een hedendaagse knipoog 🙂

Wat na de expo? Na de expo werk ik nog wat verder aan een eigen versie van Danaë geïnspireerd op een werk van Artemesia Gentileschi (1593-1656) maar ook aanleunt bij het werk van Frédéric Bazille (1841-1870). En daarna begin ik aan triptiek 3, van de liefde en de vriendschap om de triptiekentrilogie af te sluiten.

Wat je alvast NIET te zien krijgt op de expo maar wel exclusief voor de volgers van mijn schrijfsels, zijn deze werken: mijn versie van Baldassare Castiglione (naar Rafael) en de al meer dan 25 jaar oude versie van Johannes de doper naar Van Eyck (omdat deze laatste technisch gezien toch wel een beetje uit de toon zou vallen). Al was het ook weer een mooi verhaal geweest ivm de fameuze diefstal van het paneel…

Meer info over EXPO 13 vind je HIER of via FACEBOOK

EXPO 13: van 26.5 tem 6.6 – Drongen

Nog iets meer dan 2 weken slapen en dan mag je helemaal ontwaken in de meest zonnige lentebui ooit. Dan is er de nieuwe ART-tist expo met deze keer de bevallige naam “EXPO 13”. Eenvoudigweg omdat het de 13e expo is van deze biënnale van Drongen. Meer info op www.art-tist.be

Ook deze keer doe ik mee met veel nieuw (corona)werk en ook enkele niet eerder geëxposeerde werken. De expo zal voor mij grotendeels lopen in het kader van kunst tussen 1350 en 1650. Dat is zo wat de kunstperiode startend bij Van Eyck en de Vlaamse Primitieven en eindigend bij Frans Hals in de Gouden eeuw. Maar er zijn ook renaissancebeelden bij. En er is al een knipoog naar mijn expo in 2023!

Ik zou “de Max” niet zijn mochten er bij deze beelden niet telkens stoere of interessante of spannende verhalen bij zitten. En waarom niet een cumul van alles 😉 Het wordt een niet te missen editie waaraan niet alleen de kunstliefhebber maar tegelijk de innerlijke mens/fijnproever of de jeugd plezier zal beleven.

EXPO 13 gaat door van 26.5 tem 6.6 telkens van 10u-18u op do-vr-za-zon (weekend 1) en za-zo-ma(weekend 2). volg ART-tist via Facebook of website

KIDSTOER: kinderen kunnen een Lego-zoektocht maken. Ben jij een goede speurneus, dan mag je achteraf uit de grabbelton kiezen.

SPECIAL 1: op zondag vertellen kunstenaars uitgebreid over hun werken. Een exclusieve kijk achter de schermen & vele weetjes.

SPECIAL 2: Op zaterdag 28 en zondag 29 mei voorziet Coffee.Beez een “lekkerbekkenfestival”. Niet te missen voor wie graag geniet van speciale koffies, exclusieve theesoorten of een grote “toef” slagroom en m&m’s een must vindt op de chocolademelk. Of een exclusief MAK-bier? Dat kan ook altijd. Altijd wel iets voor alle leeftijden.

kunstenaars
Mag Vermeiren – Keramiek & brons – weblink – speeddate
Max Van Hemel – Tekeningen – weblink – speeddate
Carlos Caluwier – Keramiek, brons & PLA – weblink
Gillian Temmerman – Creatieve schrootverwerking – weblink
Hannah Hoebeke – Sculpturen – weblink
Tamara De Prest – Schilderijen & mixed media – weblink
Katleen Van Huffel – Fotografie – weblink
Sofie Jansegers – Schilderijen – weblink
Tessa Kerre – Pastels – weblink

500x dank!

Dit weekend en vorig weekend was er in Drongen de Kunstroute door het Cultuurplatform Drongen en tegelijk (enkel vorig weekend) een tentoonstelling in De Regenboog aan de Sint-Sebastiaanstraat in een organisatie van het Cultuurplatform Wondelgem.

Ik was er bij op beide evenementen en zodoende konden meer dan 500mensen van mijn tekenwerk genieten. Allemaal bedankt voor het bezoek. Ik hoop jullie weer te zien vanaf 26 mei in De Campagne met een geheel nieuwe collectie aan tekeningen.

Speciale dank aan het Cultuurplatform Drongen en Cultuurplatform Wondelgem voor al de moeite die ze hebben gedaan om er een succes van te maken. Pluim voor jullie!

Kunstroute Drongen (tem 1 mei)

Nog tot en met 1 mei is er doorheen Drongen een kunstroute. Langs een parcours van 20km vind je in 50 kunstenaars op wel exclusieve locaties.

Zeker niet te missen.

Een kleine preview van wat je in De Campagne kan vinden 😊 Meer info op https://www.cultuurdrongen.be/kunstroute-2022/

Meikermis (Wondelgem) 2022

We hebben er lang moeten op wachten maar eindelijk mag het weer. Het Cultuurplatform Wondelgem schiet weer uit de startblokken. Bij deze gelegenheid doe ik nog ’s voor 2 dagen mijn verhaal rond “de triptiek van de dood” en zijn er wel meer dan 20 tekeningen van mij te zien in de straat (nog de hele maand lang).

Met o.a. ook foto’s van Katleen Van Huffel. Meer info hier: https://www.cpwondelgem.be/

Kunstroute Drongen vanaf 23 april

Kunstroute met 50 kunstenaars doorheen het landelijke Drongen (Gent). Ik stel meerdere werken voor in De Campagne en ben er zelf aanwezig tijdens het eerste weekend.

Let op! Bij deze kunstroute stel ik andere werken tentoon dan bij de ART-tist expo 13 (vanaf eind mei). Ik vul 9meter met nieuw werk.
Meer info op https://www.cultuurdrongen.be/kunstroute-2022/

Master 13

Waar is de meester?

Hebben we een probleem? Zijn we onze originele werk kwijt? Kunnen we dit nog ’s overdoen? We gaan het toch niet moeten doen met een kopie?!? Terugspoelen en opnieuw afspelen die handel!

Meimaand: expomaand (sorry moeder)

De lente kondigt zich aan en zowel de bloemen als de mails met nieuwe evenementen steken de kop op. Het worden nog drukkere dagen dan ik had verwacht. Meimaand zit jokkevol.

Een kunstroute op 14 locaties doorheen Drongen over 2 weekends met mijn bijdrage in De Campagne (Gijzelstraat12, Drongen). Samen met 12 anderen voorzien we de expozalen van ons werk. Het volledige programma vind je hier. Ik ben ter plekke tijdens het eerste weekend met nieuw en recent werk.

Op 30 april & 1 mei is Meikermis in Wondelgem. Tegelijk loopt er in de basisschool De Regenboog (Sint-Sebastiaanstraat 8, Wondelgem) tussen 11u en 17u een collectieve expo. Wie mijn verhaal van de triptiek van de dood nog niet heeft gehoord of het graag nog’s hoort, kom zeker langs. Er is ook een straatexpo van mezelf en Katleen Van Huffel voorzien.

En dan is er hét evenement van het jaar! ART-tist EXPO 13 waarvan weldra alle nieuws de wereld wordt ingestuurd. Reserveer in uw agenda maar al een dagje Drongen/Gent in het weekend van 26 mei of/en (kom nekeer terug) 4 juni. Je hoort er weldra nog veel meer over via www.expo-13.be of via de facebook van ART-tist.

Storm

Storm buiten en storm in mijn hoofd. Overal draait het wild in het ronde. Mijn hoofd, of mijn vork, dat heb ik altijd aan mezelf te danken. Zo veel wat mij inspireert en waar ik meer wil van weten, wat ik ook wil kunnen, wat ik wil weten,…met zoveel keer de bedoeling om een eigen bijdrage te kunnen leveren zodat we’t allemaal beter zouden hebben… Op een dag zal ik het leren. Ooit…maar is dat niet het woord waarmee alle sprookjes beginnen? (On)Gelukkig zijn nog altijd grote boze wolven die me beletten bepaalde paden te bewandelen.

De storm die gisteren over het land raasde daar kon ik spijtiggenoeg niets aan doen. Bij ons tot nu geen schade te zien. De buren zijn wel een paar pannen kwijt en een deur heeft nu verwrongen scharnieren.

Maar een paar straten verder is een grote treurwilg op het huis gevallen. Dat is erg spijtig voor die mensen. Er is nogal wat schade aan het dak en een beetje aan de muur. Het was een enorme en prachtige boom en is allicht niet meer te redden. De boom is bijzonder voor mij want het is de boom die ik als achtergrond gebruikte voor mijn eerste triptiek. Vereeuwigd in Van Hemel 🙂

Bekijk alle triptieken via deze link.

Zurbaran: Highway to hell (04)

Oei…zo’n titel en dat publiceren op Valentijn…Maar foert, alles voor de kunst 😉

We waren gebleven bij de aandacht trekken op het hoofd, de donkere sfeer, het gevoel van een slachtoffer dat geen kant meer op kan… Ik werk verder en het beeld wordt alsmaar sterker maar ook donkerder.

De houtskool van de achtergrond maakt het gezicht van het schaap donker. Ik weet nog niet welke richting dit uit gaat maar het is een beetje moeilijk als ik zodoende de focus wil houden. De hoorn van het schaap gebruik ik als “nimbus”, niet echt maar toch een beetje. Ik moet het doek van de ezel tillen als ik de achtergrond wil donkerder maken zonder het schaap helemaal grijs/zwart te laten worden. Vanaf nu wordt er op de grond gewerkt…

Kak! Wat een vuile boel. Zwarte handen, zwarte nagels,…Het moet ook iets doortastender want met dit doek en de houtskoolstaaf krijg ik de achtergrond niet zo donker als ik dat graag had willen hebben. Creatief denken…Wat heb ik in mijn kasten en waarmee kan ik aan de slag? Met de tijd heeft een mens al eens wat in huis dat “ooit” van pas komt…

Een schuif met potten vol pigment. Tussen de ophangsystemen…Logica? Geen maar je wil niet weten waarom ik die naast mekaar verzamel. Enfin, de potten maken de dag! Strooien maar die handel!

Vieze boel maar het pigment hecht zich niet (genoeg) aan het doek. Als ik de rest (het pigment dat zich niet heeft gehecht) er nu afhaal, dan is de achtergrond naar mijn idee niet donker genoeg. Dit moet beter…Oh! Wacht ‘s! Jaren geleden maakte ik tekeningen op doek waarbij ik pastel combineerde met water. Dat moet hier ook lukken. Pigment vochtig maken en in het doek, in de groeven, insmeren. YES! Gelukt! Nu een paar uur wachten tot alles droog genoeg is om terug op de ezel te kunnen werken.

Ik maak gebruik van de tijd om het schaap van Zurbaran nog nader te bestuderen en zie hoe hij licht en donker bespeelt door met zwart, wit, bruin en geel te werken. Het is een gok om het geel er in te leggen, echt zeker ben ik niet. We zitten ver in het proces en dat kan betekenen dat een gele streep gelijk staat aan de mislukking. Ik ga er voor. Afwerken met donker geel, vermengd met houtskoolzwart steekt mooi af op de donkere achtergrond. Ik focus verder op de diepte in de tekening en na vele uren ben ik tevreden genoeg om het er bij te laten. DIT is mijn Agnus Dei.

Het schaap is gebaseerd op een screenshot uit de film Dýrið.

Zurbaran: Claustrofobisch (03)

Een tekening is niet altijd klaar in mijn hoofd wanneer ik er aan begin. Meestal wel maar niet altijd. Soms is er twijfel, de gedachte van “we beginnen er aan en zien wel wat het geeft”. Het portret dat ik onlangs maakte naar een portret van Rembrandt ligt nog steeds in de twijfelschuif. Zal ik er verder aan werken en hoe? Waar is het genoeg, waar is het overkill?

In tegenstelling tot het mooie witte en onschuldige lam wou ik zelf een zwaar, donker, treffend beeld maken. Maar enigszins met verwijzing en een vergelijkbare afwerking dan die van Zurbaran. Hoe een sfeer kan veranderen zie je als je de galerij hieronder doorklikt.

Totaal onverwacht valt het stof van de houtskool op het doek en laat het zwarte strepen na. Ik vond dit een sterke weerspiegeling van het schaap in de plaat. Alsof het op zo’n metalen tafel ligt dat je al eens bij de dierenarts ziet. Ideaal om het bloed en alle afval op te vangen dat zo’n slachting met zich mee brengt.

Het beeld spreekt me aan…Door de zwarte zone aan de kop van het schaap lijkt het in een hoek te liggen. In het nauw gedreven. Het kan geen kant meer op en er blijven niet veel opties meer over: vechten, vluchten of ondergaan. Daarom wil ik de nadruk op het hoofd, op het claustrofobische versterken. Ik grijp terug naar Zurbaran en bestudeer de donkere – soms nietzeggende – achtergronden die regelmatig in zijn schilderijen voorkomen. De lichtinval mag ik niet het oog verliezen en daarom stuur ik alles naar het gezicht van het schaap.

Zurbaran: Tanquam Agnus (02)

In de vorige blog bracht ik op mijn eigen manier schilder Zurbaran onder de aandacht. Ik ga nog even verder met deze mini-reeks.

Zurbaran (1598-1664) is dus tijdgenoot van bekende namen uit de Gouden Eeuw, nazaten van de renaissance en ook alles wat met Barok te maken heeft. Maar omwille van de toen heersende “cultuur” in Spanje houdt Zurbaran zich meer vast aan de heiligmakende taferelen. Dit doet geen afbreuk aan de kwaliteit, de finesse waarmee hij werkt.

En die expertise maakt ook zijn succes. Maar – zie eerdere blogs over renaissance, barok en rococo – de tijden veranderen snel en dat maakt dat stijlen ook snel komen en gaan. Ik zei al dat Zurbaran zich in het begin vooral beperkte qua thematiek en dat was niet te verwonderen. Spanje zat in een soort geloofscrisis die keihard het katholicisme moest propageren. Deze propaganda was wereldwijd want het waren ook de jaren dat Spanje heel Midden- en Zuid-Amerika ging opkuisen met blinkende harnassen (pro memorie: de “landing” van Columbus was in 1492, we zijn nu ongeveer 100 jaar verder).

Het ging Zurbaran ook niet altijd voor de wind. Zijn vrouw overleed kort na de geboorte van hun 3e kind en zodoende stond Zurbaran er niet alleen in voor de kost maar ook voor de gezinszorg. Hij moest dus goed zijn partij kiezen want geen opdrachten = geen geld. Via connecties en bewezen opdrachten in de buurt van Sevilla, trol hij naar Madrid om er wat “propaganda” voor de koninklijke familie te schilderen. Daar hadden ze het echter niet zo voor dat clair obscure van Caravaggio. Het moest vooral praal, macht, succes uitstralen. Dus schilderde Zurbaran triomftaferelen waarbij we zeker wel de invloed van Velazquez herkennen. Mannen in blinkend harnas in pamperbroeken en ballerinapasjes voor een greenscreen lieten de kassa rinkelen.

Maar opdrachten ondermijnen de creatieve geest. En tegelijk komt de Barok opzetten. Drama, pijn, rock ’n roll, gitaren …ah nee, geen gitaren, dat kwam later…overdreven draperieën, engelen, wolken etc maken het voorwerp van de schilderijen. Zurbaran volgt en keert terug naar Sevilla om zich, naar gewoonte, te smijten op katholieke taferelen maar deze keer met een barokke insteek. Soms is het subtiel maar eens je’t weet, bekijk je de schilderijen helemaal op een andere manier.

In bovenstaande vind ik vooral interessant dat Maria borstvoeding geeft aan haar kind. Toch iets wat we niet zo veel zien. Een suggestie of aanzet tot wordt meer in beeld gebracht.

En zo komen we in ons verhaal tot de schilderijen van het Lam Gods, Agnus Dei voor de vrienden. Dat bleek een succesnummer te zijn want Zurbaran (en zijn atelier) maakten er verschillende versies van. Kopiëren was in die tijd gelijk vandaag een origineel schilderij bij Ikea kopen: ge zoekt u een paar pineuten die onder de marktprijs aan de lopende willen schilderen en iedereen heeft zowaar ongeveer ’t zelfste “origineel” in huis. Er zijn dus meerdere versies van dit schilderij. Het lam hoeft geen bijkomende uitleg. We kennen de symboliek van het lam dat zonder zonde wordt geslacht en een rechtstreekse verwijzing is naar Jezus, “tanquam agnus”… Niet dat ik zo katholiek geïnspireerd ben maar ik vind/vond het beeld zo sterk dat ik er mijn eigen versie wou van maken. Het is tegelijk alweer een zoveelste aanzet naar de expo die in mei/juni zal plaats hebben.

In tegenstelling tot Zurbaran kruis ik de poten van het beest NIET maar zoek ik diepte in het beeld waarmee ik de kijker wil opslorpen en betrekken. Wees deel van de emoties van het schaap, geen passieve kijker/aanbidder.

Zurbaran: de Spaanse primitief (01)

Laten we voor dit verhaal nekeer starten met een vraag. En niet spieken hé…

Noem me eens een bekende FRANCISCO…

Als ik op het internet zoek dan vind ik alvast deze top 10:

  • #1 Francisco Franco
  • #2 Francisco Goya.
  • #3 Francis Xavier. Given name: Francisco. …
  • #4 José de San Martín. Given name: Francisco. …
  • #5 Pancho Villa. Given name: Francisco. …
  • #6 Francisco Pizarro. Surname: Pizarro. …
  • #7 Francisco Vázquez de Coronado. …
  • #8 Francisco I. …
  • #9 Francisco de Zurbarán
  • #10 Francisco Massimo del Cielo

Staat de uwe er niet tussen? Zet ‘m dan in de commentaren. Ik ben benieuwd. Maar het goeie nieuws is dat de Francisco waar ik het wil over hebben wel in deze top 10 of eerder top 9 staat.

Er staan wel nogal wat schilders/kunstenaars tussen de lijst. Allez, ’t is niet dat ik het over Francisco I zal hebben. Goya goh ja… 😉 Hij is wel sterk maar ’t is niet echt mijne stijl. Pizarro en Francisco Vázquez de Coronado zijn “ontdekkingsreizigers”. Met een Spaanse naam is ontdekkingsreiziger meestal niet de meest onschuldige job….nope…sla maar over.

Nummer 9…Dat is nekeer iets, allez iemand, interessant. Zurbaran…Zurbaran…nekeer screenen…oh excuseer “de” Zurbaràn. Ha! Een beetje gelijk “de” Max LOL. Zeg vanaf nu dus niet meer Max maar dé Max, met zo’n streepke op de é LOL

Nee serieus Francisco de Zurbaràn maar ‘k ga voor ’t gemak gewoon Zurbaran schrijven…voor de vrienden.

Zurbaran is een Spaanse schilder. En in tegenstelling tot de Italianen en de Vlamingen waar ik het tot nu toe over had, is onze Francisco nogal exclusief bezig met godsgezinde taferelen of het schilderen van heiligen. Pure contrareformatie. Mooi werk, technisch heel sterk.

De literatuur vergelijkt hem graag met Caravaggio maar ik ga daar toch niet helemaal in mee. Caravaggio is op kunstvlak vooral gekend voor zijn theatrale, expressieve, provocerende schilderijen met donker-lichtcontrasten en die vind ik niet altijd terug bij Zurbaran.

Al zijn er wel schilderijen van Zurbaran die zeker doen denken in de richting van deze licht-donker meester. Maar dan weer zou ik evengoed de link kunnen leggen met Rembrandt. Laat er geen twijfel over bestaan, deze 3 kleppers beheersen het licht en de duisternis als geen ander.

Wat mij persoonlijk vooral aanspreekt bij Zurbaran is de manier waarop hij textiel weergeeft. Als we’t over textielschilderijen hebben, dan komt meteen de naam Van Eyck naar boven. De details in de kledij, de weerspiegelingen, de reflecties/interacties van de kleuren zijn bij Van Eyck inderdaad meesterlijk. Bij Zurbaran herkennen we (alweer) hetzelfde kleurenpalet dan bij Rembrandt en Caravaggio: veel aardkleuren, bruintinten, beetje rood en functioneel blauw. Draai dat maar door de blender.

Wat textiel betreft mag hij zeker naast Van Eyck worden gezet. Zurbaran schildert geen dure, fel gekleurde kledij met veel franjes en patronen. Dat mag niet van de contrareformatie. Het zijn sobere kledingstukken. Worden het toch de pronkstukken uit de kleerkast dan nog blijven ze in een rustgevend kleurenpalet weergegeven. Doch vergis u niet, onze paterschilder kan ook uitpakken met prachtige jurken.

Maar ik geef toe, Zurbaran zou nooit mijn eerste aandacht hebben getrokken ware het niet dat hij meerdere versies maakte van het Lam Gods. Zijn Agnus Dei (ong. 1635-1640) is een prachtstuk. Elke versie ervan verschilt een beetje maar telkens zijn het geweldig sterke stukken. Het gebonden schaap dat geen weg meer op kan, dood of moegestreden is en zijn lot ondergaat. De details van de vacht en de horens, gecombineerd met de prachtige lichtinval. Daar kan ik niet onberoerd bij blijven. Daar moet ik een cover van maken…

20 jaar geleden…

20 jaar geleden stond ik met mijn Harry Potterbrilleke in de gazet 🙂 samen met kunstenaar en filmmaker Thierry Bonnaffé