Schaapjes tellen

Omdat ik met de schaduwzijde tot aan de wolken ben gekomen, ben ik terug naar beneden gegaan om daar verder te werken aan het landschap. Het is eens een afwisseling van decor, dat wakkert de concentratie terug aan, maar het kan ook geen kwaad omdat de kleurpartij in de schaduw feitelijk helemaal getekend is. Ik hou er mij niet altijd aan maar het is wel het beste om kleurpartijen in een opeenvolgende fase uit te werken. Zo ben ik zeker dat ik hetzelfde kleurenpalet consequent blijf gebruiken. Voila, nu dat is gedaan, kan ik dus terug naar de grond. Daar zie ik een stier en wat schapen, schuren, mensen die een akker aan het bewerken zijn en een boerin die vanuit haar venster de schaapjes in het oog houdt. Er is ook een man die een stapel hooi in brand steekt. Waarom hij dat precies doet is me niet echt duidelijk.

Het is niet te zien op mijn foto’s maar op het detail van het schilderij dat ik toevoeg kan je’t goed zien. Rechts van de boerderij is een soort afgrond waar een aantal mannen aan het graven zijn (of hakken ze stenen?). Ook hier weer sublieme details op het schilderij waarbij je zelfs kan zien dat die mannen een mand of rugzak aan hebben waar ze wat ze de oogst kunnen in opbergen…

Advertenties

De Toren cfr Jeroen Olyslaegers

bron: Facebook Jeroen Olyslaegers – met dank aan Ann Mogensen & Suzy De Swert

Bruegel schilderde de Toren van Babel twee keer. Het schilderij bovenaan is uit 1562 (hangt in Wenen), het andere is allicht twee jaar later gemaakt (hangt bij Boymans, Rotterdam).

Bruegel en satire, wat een bijzonder fascinerend onderwerp. het waren gevaarlijke, gepolariseerde tijden in het Antwerpen van die periode. katholieken en gereformeerden zaten op elkaars lip, de gereformeerden vielen uiteen in lutheranen, calvinisten, anabaptisten en nog meer tisten. zoals een Engelse spion uit die tijd getuigde: ‘iedereen lijkt hier zijn eigen religie te belijden.’ maar religie werd ook politiek. het verklikken werd aangemoedigd. mensen werden gemarteld en gechanteerd indien ze gereformeerd waren (en geen bescherming genoten vanwege geld of status). iedereen moest op zijn tellen passen. en dan schildert Bruegel dit, in opdracht van de rijke koopman Niclaes Jonghelinck.

indien het bedoeld was als satire, kon iedereen er zijn gading in vinden.
de katholieken beschouwden het in hun ogen al te lakse Antwerpen als ‘Babylon’.
de reformeerden zagen dat de eerste versie van Bruegel’s Toren gebouwd was op een rots, net zoals Rome dus.
en de humanisten die vooral bezorgd waren dat er absoluut een kant moest worden gekozen zagen het onheil en het onvermogen naar elkaar te luisteren van beide kanten aangeklaagd.

dit vind ik zo knap van die sluwe Bruegel die goed genoeg wist hoe gevaarlijk openlijke kritiek kon zijn. hier is zijn satire tegelijk scherp én algemeen. hij liet het over aan de kijker, aan wat de ander er op projecteerde…
is dat niet de ultieme satire? een waarbij uw eigen mening onzichtbaar wordt onder al die meningen van al die anderen die menen hun groot gelijk in uw werk terug te vinden?
wist zijn opdrachtgever Jonghelinck dat? was he in on the game? dat komen we allicht nooit meer te weten.

eerste pittige detail: toen Bruegel dit schilderde was Antwerpen een grote bouwwerf.
(check nu de versie van twee jaar later: het lijkt wel een of ander bouwwerk uit een fantasyfilm als Lord of the Rings, duister en dreigend, Mordor. de eerste versie is een onmogelijk gebouw, met een ingebouwde surrealiteit midden bovenaan, de droom van hoogmoed tot in de zoveelste, onbestaande macht.)

tweede pittige detail: de stad Antwerpen kwam in het bezit van het eerste schilderij tijdens het jaar 1566, het jaar van de Beeldenstorm waarbij het geweld tussen religies haar eerste uitbarsting beleefde, het begin van het einde, de polarisering die verwoestend werd.

Met Bruegel onder de wolken

De 9e verdieping is aangeraakt. Een werfhuis en een paar kranen staan er al op. Dat maakt dat de hele schaduwzijde tot onder de wolken er nu volledig op staat. Ik ga daarom even veranderen van decor. Het zal niet alleen leuker zijn om de vorderingen te volgen, ik hoop er ook mijn concentratie mee te verhogen.  In de volgende fase zak ik terug af naar het gelijkvloers om de grondpartij af te werken. Allez “af”…dat lijkt wel alsof het er allemaal al op staat. Niets is minder waar. Ik denk van daar uit terug op te klimmen in een zone tussen de schaduwpartij en de “witte streep” die zich over de gevel bevindt. Over die streep later meer.

Tijdens het tekenen dwalen gedachten regelmatig af. Wie graag jogt kent het fenomeen wel. Ik moet zeggen dat de verleiding om er wat hedendaagse accenten tussen te zetten wel verleidelijk wordt. Een bouwvakker met een GSM? Een frituur? Wie zou het zien? Ook de Gentse KBC-toren flitst regelmatig door de gedachten als hedendaagse vorm van (letterlijke)hoogheidswaanzin. Maar dan las ik deze week dat waanzin en genie erg dicht bij mekaar liggen. Tijdens het tekenen zie ik nog steeds veel details. Eentje daarvan is deze venster waar ik twijfel of deze wel correct is. Het is de enige venster met 3 openingen boven het raam. Als ik naar alle andere vensters kijk, ook die die nog niet getekend zijn, zie ik er geen andere. In de regel zijn deze vensters, onder de opening voorzien van een stijl. Die staat er hier niet op. Een Bruegelfoutje gevonden? Nog 2 en hij trakteert!

Babel: schets, tip van de toren

De tip van de toren is geschetst. Meteen ook de eerste 2 uren schetswerk achter de rug. Het is een hele puzzle om alle venstertjes uit mekaar te houden. De verschillende lagen binnen het gebouw – zowel langs de gevel als in de diepte achter de gevel – worden duidelijk. Het is heel wat om dat er op te krijgen. Als ik het grofweg nameet moet dit ongeveer 15% van de hele toren zijn…

O ja, voor moest ge’t u afvragen: dat gekribbel rechts is een grote wolk die dreigend over de toren komt.

Bruegel-Challenge

Ik laat het regelmatig vallen: “ik word graag uitgedaagd”. Goed, binnen de grenzen van het aanvaardbare, zo lang zot zijn geen zeer doet. Ge gaat mij nog niet direct met mijn voeten aan een elastiek zien bengelen. Maar dus een paar weken geleden schreef ik in een (zoveelste) bui op Facebook dat ik wel eens een Bruegel zou gaan tekenen. Daarop kwamen er al een aantal voorstellen maar dat mocht wel wat meer zijn.

Ik maakte een selectie uit het zeer rijke werk van Bruegel en liet iedereen stemmen. Het werk met het meeste likes zou ik natekenen op ware grootte. Dat zou al een probleem geweest zijn mocht mijn favoriet gewonnen hebben want die is namelijk groter dan het grootste papierformaat in huis. Zelfs zo groot dat ik er meteen ook een papierrol zou moeten voor kopen. Maar “gelukkig” koos het publiek voor dat ene werk dat ik er zelf niet zou tussen gezet hebben. “Ons kent ons” en die ene snoodaard, ene mevrouw Pattyn, wist mijn oproep tot uitdaging te verzoeten met de Toren van Babel. Ik koos voor de versie Rotterdam, niet de Weense versie (die ik eigenlijk nogal braaf vind).

Ik moet het u niet zeggen dat de toren het meeste voorkeurstemmen kreeg. Dus ben ik alvast al aan het studeren gegaan. Voor je aan zo’n werk begint kan je maar beter (letterlijk) uit je doppen kijken. Er zit veel in en er is veel te ontdekken, zowel inhoudelijk als technisch. Ik geef u maar een kleine tip…Weet u waar deze mooie stelling staat op het schilderij?

awel…hier…

zot he…