50/365: de Snoecksmadam

In den beginnen was er…het potlood HAHAHA…En toen kwam meer en meer de nood om mijn lat hoger te gaan leggen. Modellen waren nog lang buiten bereik maar Snoecks hadden we wel al in huis. Dus tekende ik maar foto’s uit de Snoecks. Dit is mijn allereerste (half-)naakt. Nog een beetje buiten verhouding. Met klamme handjes gaf ik ze toen mee aan jeugdvriend om te vragen of zijn vader/kunstenaar er commentaar wou op geven. Ik weet nog dat ik toen maar 2 “echte” kleurpotloden had; dit Staedler-blauw en een Oker-bruine potlood van Stabilo.

49/365

ontwikkelen is ook ontdekken. Ik heb een tijd krijttekeningen op doek gemaakt omdat ik graag op nog groter formaat wou werken dan ik tot dan werkte. Ik zocht (en zoek nog steeds) technieken om sneller te kunnen tekenen om al die gedachten in mijn hoofd op papier te krijgen. Tijdens de periode van de krijttekeningen probeerde ik ook potlood op doek uit. Dat lukt maar het is niet praktisch. Toch is dit specialleke eentje waar ik wel tevreden mee ben…

48/365

Leven en over-leven heeft mij altijd bezig gehouden. “Moeder waarom leven wij?” De existentiële vraag die ieder zich wel eens stelt. Om te lachen bij een pint of echt serieus binnen een zoektocht naar de zin van je eigen leven.

Deze tekening uit mijn tienerjaren symboliseert een man in zijn boot die door het hoge riet zijn weg baant. De foetus spreekt voor zich…

Toren van Babel: het fel rode verdiep

Het rode verdiep. Ik noem de laatste verdiepen zo omdat ze knalrood zijn van de bakstenen. Doorheen de toren gaan we van een oker gele laag (onderaan) over lichtbruin/grijs naar abrikoos tot fel rood. Het opstijgen wordt benadrukt door de 2 kleurlijnen van rood (baksteen) en wit (pleisterwerk) op de linkse flank van de toren. Maar het vooral de keuze van de kleuren die weldoordacht de grootsheid van deze toren maakt.

In de Wenen-versie zien we een aanzet van die kleuren maar ze zijn lichter, minder contrastrijk. Dat maakt die toren niet alleen mee minder hoog maar ook veel minder dreigend. Door de top van de kleinere versie felrood te maken krijgt hij deze alle aandacht. Doe je ogen maar eens dicht en dan weer snel open. Het eerste wat je ziet is de top. En dan die dreigend hellende donkere lijn op de rechtse gevel. Deze lijn wordt gemaakt door de combinatie van ramen en uitgelijnde huizen. Het verval is ingezet!

Niets is toeval. Van op afstand gezien zie je de rode partij links onderaan de toren terug opduiken. Het lijkt een scharnier te zijn waarop de toren kan kantelen. Ondanks de hyperfijne tekening heeft Brueghel ook veel aandacht besteedt aan de keuze van kleuren. Door de achtergrond (hoofdzakelijk) in groen en blauw te houden wordt het contrast met het rood nog feller en dreigender. De witte kalkstreep staat er ook niet toevallig. Brueghel had de rode en de witte streep evengoed van plaats kunnen wisselen maar dan zou de ronding, het stuk dat meer naar voor dient te komen er helemaal anders uit zien.

In mijn versie – en ik laat het finaal zo – zal het gekleurde verdiep een bijkomende dreiging vormen voor zowel de scheve toren als het onevenwicht waar de constructie mee te maken heeft. Bij de volgende blog vertel ik voor de laatste keer over de toren. Dan is het verhaal verteld. *clifhanger*